Posts tonen met het label All Things Must Pass. Alle posts tonen
Posts tonen met het label All Things Must Pass. Alle posts tonen

zaterdag 13 november 2021

De Week van de Verwarring: een onbekende foto van Paul (?) en een onbekende track van Ringo en...George?

Het was de Week van de Verwarring, lieve lezers. En dan heb ik het niet over het coronabeleid van het kabinet. Nee, politiek nieuws zul je hier niet vinden. Het is en blijft allemaal Beatles wat de klok slaat. Maar verwarrend was het wel, want er doken maarliefst twee onbekende items rond The Beatles op. In het ene geval was dat een ijzingwekkende foto waarop Paul McCartney op de ochtend van 9 december 1980 te zien zou zijn, terwijl hij de krant koopt waarin John Lennons dood wordt aangekondigd. Nergens staat echter dat de man, die we op de rug zien, daadwerkelijk Paul is. Al lijkt hij qua postuur en houding op Paul, maakte Linda McCartney de foto en dook deze op in het afgelopen week verschenen The Lyrics-boek. Wie het weet, mag het zeggen.


Radhe Shaam op een zolder
In het andere geval was daar ineens een onbekende opname waarop George Harrison en Ringo Starr te horen zijn. Tijdens de lockdown ruimde de Indiase schrijver en producer Suresh Joshi (75) in Birmingham zijn zolder op en trof hij een tape die, naar zeggen, uit 1968 stamde. Te horen waren Ringo Starr, George Harrison en enkele andere bandleden, die het door Joshi geschreven nummer Radhe Shaam speelden. Daarbij begeleidden ze zanger Aashish Khan, die hindi zong. De opname zou gemaakt zijn in de zomer van 1968 in de Londense Trident Studio's, waar The Beatles een deurtje verder aan het nummer Hey Jude werkten. De opname was bedoeld voor de documentaire East Meets West. Joshi en Harrison waren al bevriend, deelden een interesse in Indiase muziek en de producer zou Harrison zelfs aan Ravi Shankar hebben voorgesteld.


East Meets West
Met hulp van een vriend zorgde Joshi dat de herontdekte tape in handen kwam van een producer. Die krikte de opname op en zorgde dat het nummer gemixt werd. Waar het over gaat en hoe het klinkt? Het is een psychedelisch popnummer over het concept dat "we allen één zijn en alles kunnen bereiken wat we willen". Daarmee past het in de tijd waarin het gemaakt werd en doet het ook denken aan het album dat George Harrison in 1971 met de Radha Krishna Temple opnam. Houd dat seventies-concept even vast...


Parel
So far, so good. Een trotse Suresh Joshi vertelde deze week op BBC Merseyside over de parel die hij vele decennia op zijn zolder had liggen. Ook mocht een select gezelschap in het Beatles Museum in Liverpool eerder alvast naar de track luisteren. In Nederland besteedden onder andere Nu.nl en Radio 1 aandacht aan het nieuws. Ons aller Yorick van Norden, Beatleskenner-pur-sang, vertelde er afgelopen donderdag enthousiast over in het Radio 1 Journaal. Ook mijn Fab4Cast-collega's Wibo Dijksma, Jan Cees ter Brugge en Michiel Tjepkema wijdden er een extra Petje Af-podcast (#04) aan, waarin ze het nummer en de context bespraken. 


1968 of 1970? Harrison of Clapton?
En daar gebeurde iets knaps, althans dat vind ik. Want Wibo Dijksma maakte twee rake opmerkingen. Ten eerste vond hij het nummer eerder klinken alsof het in 1970 opgenomen was, dan in 1968. Ook merkte hij op dat het gitaarspel hem eerder aan dat van Eric Clapton dan van George Harrison deed denken. Die twijfel bleef een beetje in de lucht hangen. Wat kun je verder? Het nieuws is vers, je kent nauwelijks de context, maar je hebt wel een goed stel kenners-oren. En dat heeft Yorick van Norden ook. Niets ten nadele van hem. Yorick baseerde zich ongetwijfeld op een betrouwbare bron als de BBC of The Guardian.


Een project voor Aashish Khan
Gisteren dook echter dit artikel op. Op de site Sound and Vision schreef Matt Hurwitz afgelopen zomer over de All Things Must Pass-sessies van. Het artikel verscheen ter gelegenheid bij de release van de uitgestelde 50 Anniversary Box van veelgeprezen Harrisons album. Daar lezen we het volgende:

One other key player was arranger John Barham, who had met George at Esher in 1966, when Ravi Shankar came to play for him there. Barham had subsequently worked on Wonderwall Music, and, on March 10, 1970, had created an arrangement for an unreleased session George helmed at Trident for a project by Indian musician Aashish Khan (which also featured Eric, Klaus and Ringo).

Dat zou er inderdaad op duiden dat het nummer in maart 1970 werd opgenomen en dat het goed mogelijk is dat we Eric Clapton horen spelen. Op de foto die bij de BBC gedeeld werd, zien we Ringo (overduidelijk met 1970-haardracht) met arrangeur John Barnham (links) en een Indiase man staan. Zou dat alsnog Suresh Joshi kunnen zijn? Het lijkt me niet Aashish Khan, die op een andere foto (zie daaronder) staat. Zou Joshi de sessie uit maart 1970 verward hebben met die uit de zomer van 1968? Het is goed denkbaar, omdat beide sessies in Trident plaatsvonden. Wederom: wie het weet, mag het zeggen!

John Barnham, Ringo Starr en....? 


George Harrison, Aashish Khan en John Barnham


zaterdag 12 juni 2021

Awaiting on you all: de spectaculaire All Things Must Pass-jubileumbox komt eraan!

Het is zover: de All Things Must Pass-box van George Harrisons magnum opus is aanstaande. Deze week maakte de familie Harrison bekend dat we de uitgestelde anniversary edition van het jubilerende driedubbelalbum uit 1970 op 6 augustus 2021 tegemoet kunnen zien. Daarmee komt niet alleen een lang gekoesterde wens van de liefhebbers, maar ook van George Harrison zelf uit.


"God, that reverb!"
Niet dat Harrison destijds ook maar had kunnen overzien dat er ruim vijftig jaar naar dato maarliefst zeven verschillende edities van zijn grootste artistieke en commerciële succesalbum zouden verschijnen. Nee, het ging hem zelf vooral om het maken van de ultieme remix van het destijds door Phil Spector geproduceerde geluid, vol bombast en echo. Zoon Dhani zei daarover in een interview met Rolling Stone Magazine: "He hated the reverb. He said this to me a million times: 'God, that reverb!'" Het bleef George bezig houden en in 2000 bracht hij dan ook al een behoorlijke opgeschoonde remaster van het album uit. Een jaar later stierf hij.



Een badkamer vol watten
Inmiddels zijn we ruim twintig jaar verder en kunnen we vanaf augustus de vruchten plukken van de noeste arbeid ("decades in the making") die zoon Dhani, samen met technicus Paul Hicks, de voortzette om het album met hulp van voortschrijdende techniek uit die "badkamer vol watten" te halen. Daartoe verscheen vorig jaar november, op de echte vijftigste verjaardag alvast de "de-Spectorized" versie van het titelnummer All Things Must Pass. Een erg mooie, directe remix. Niet eens van het nummer dat door Spector het meeste geweld was aangedaan. Wat dat betreft ben ik benieuwd naar de remixes van nummers als Wah-Wah, Let It Down en Awaiting On You All. Hoe clean en direct gaat dat straks allemaal klinken? De tijd zal ons leren hoe groot het verschil met het origineel zal zijn. Geschiedenis herschrijven? Nee, eigenlijk vervult de familie vooral de wens van George zelf. Dat rechtvaardigt deze jubileum-mixen bij voorbaat. 



Uber Deluxe Box Set
Waar hebben we straks in augustus uit te kiezen? De zeven edities lopen op van een standaard 2 CD- en 3 LP-box tot diverse deluxe editions op cd, blue ray en lp, waarbij het geremixte album is aangevuld met demo's, repetities en outtakes. Die circuleerden grotendeels al de afgelopen jaren, maar wellicht horen we straks wel veel nieuwe zogeheten "studio chatter" en krijgen we weer nieuwe inzichten in de manier waarop het album destijds tot stand kwam. Vermoedelijk zal het gros van de serieuze verzamelaars kiezen voor de lp- of cd-box met in totaal 70 tracks en het luxe boek, qua opzet lijkend op de jubileumedities van de anniversary boxen van Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band, The White Album en Abbey Road. Maar wie écht iets bijzonders wil (en de portemonnee trekt) kan deze keer een stap verder gaan door de Uber Deluxe Box Set voor een bedrag van € 999,99 aan te schaffen. Duizend euro zegt u? Ja, maar dan heb je ook iets.



Tijdcapsule
Wie zich laat overhalen tot deze aanschaf, krijgt een houten krat met daarin alle beschikbare cd's, blue rays en lp's met de 70 audiotracks, twee boeken (waarvan één samengesteld door Olivia Harrison), een houten boekenlegger gemaakt van een eik van het landgoed Friar Park, een set replica-beeldjes van George en de kabouters waarmee hij voor de hoes poseerde, een tekening van de hand van Klaus Voormann (die als bassist op het album te horen is), een boek van Yogananda: "Light From The Great Ones", een hindoestaanse gebedsketting en een replica van de originele albumposter. Ik word er bijna duizelig van. Da's nog eens iets anders dan een McCartney-album in 25 verschillende kleuren-edities. Indrukwekkend, bijna hilarisch over the top, maar toch ook heel mooi, vind ik. Eigenlijk gaat hier het George Harrison-erfgoed mee de toekomst in. De doos is een tijdcapsule die ongetwijfeld over een eeuw met belangstelling bestudeerd zal worden. Ik mag die Harrisons wel. 




Dhani Harrison
zittend op die bijzondere Uber Deluxe Box Set
op de plek van de oorspronkelijke
covershoot


zaterdag 28 november 2020

All Things Must Pass is vijftig: het album waarmee George Harrison vooral voor vriendschap ging (en waarvan de jubileumbox in 2021 verschijnt)

Met alle bijzondere ontwikkelingen en data rond John Lennon, vergeten we bijna dat het deze week ook 50 jaar geleden is dat het monumentale en alom geliefde driedubbelalbum All Things Must Pass verscheen. Op 27 november 1970 kwam George Harrison met een stortvloed aan nieuw materiaal, waarvoor binnen The Beatles geen plek meer was. All Things Must Pass werd zowel bij verschijnen als in retrospect alom geprezen. Muziekmagazines als Mojo en Uncut noemden het begin deze eeuw zelfs het beste solo-werk waar een ex-Beatle ooit mee op de proppen kwam.



Een de-Spectorized 2020-mix van het titelnummer
Veel Harrison- en Beatlesliefhebbers hoopten dan ook dat de erven Harrison dit jaar met een jubileum-editie of boxset van All Things Must Pass zouden komen. De box is er nog niet, maar we kregen wel alvast een voorproefje met de nieuwe stereomix van het titelnummer van het album. Afgelopen vrijdag kondigde de Harrison Estate het volgende aan: "This new single is just a prelude of what’s to come as we celebrate George’s seminal 1970 album. Stay tuned for more 50th anniversary celebrations of ‘All Things Must Pass’ in 2021." De nieuwe mix, gemaakt door Paul Hicks, klinkt een stuk cleaner en directer dan de oorspronkelijke versie, waar producer Phil Spector destijds zijn karaktestieke stempel op drukte. Volgens Georges zoon Dhani was het altijd nog een wens van zijn vader om een minder bombastische remix van het album uit te brengen. Daartoe werd in 2001 al een poging gedaan, maar met de nieuwe technologie kan men nu een stap verder gaan. De wens van George lijkt volgend jaar te worden vervuld, al is de in 2001 overleden ex-Beatle er zelf niet meer bij. 



Een schatkist vol herontdekte tapes
In maart dit jaar gaven Harrisons weduwe Olivia en zijn zoon Dhani een interview aan Rolling Stone Magazine. Daarin vertelden ze over de geschiedenis van het Dark Horse-label dat George in de jaren zeventig oprichtte. En ook over stapels dozen met tapes van de All Things Must Pass-sessies, die recent aan het licht kwamen. "Veel van die sessies zijn op bootlegs naar buiten gekomen, maar wij hebben betere versies," om daar op aan te vullen: "We hebben alle 24 track-tapes van het album en vonden ook veel tapes met alternatieve versies en gesprekken in de studio." Olivia, Dhani en hun team moeten de jubileumdatum van 27 november 2020 ongetwijfeld met rasse schreden hebben zien naderen. Ze slaagden ze er blijkbaar niet in om op tijd de jubileumeditie van het album, dat overigens op het Apple-label verscheen, uit te brengen. Prima, denk ik dan. Als je het doet, doe het dan maar écht goed. Wel verschijnt er dit weekend ter ere van Record Store Day een limited edition heruitgave van de single My Sweet Lord.

Diep en doordacht
Afgelopen zaterdag besteedde BBC Radio 4 aandacht aan het jubileum van All Things Must Pass. In een uitzending van een uur stond de Brits-Indiase componist Nitin Sawhney stil bij de ontstaansgeschiedenis van het album en de weg die George zelf aflegde om op slechts 27-jarige leeftijd qua thematiek met zo'n 'diep en doordacht' meesterwerk naar de voorgrond te treden. Het was eigenlijk de totale emancipatie van een songschrijver die zich bevrijd had van die andere twee songschrijvers, bij wie het nauwelijks lukte zijn eigen nummers voor het voetlicht te krijgen.




Een telefoontje aan Eric Clapton en Bobby Whitlock
"Zelfs toen ik met nummers als Here Comes The Sun en Something kwam, moest ik eerst tien songs van John en Paul doen, voordat er aandacht was voor wat ik geschreven had," horen we George in de BBC-special vertellen. Ook toetsenist Bobby Whitlock, die op het album meespeelde, komt aan het woord. Hij herinnert zich hoe hij in de lente van 1970 bij Eric Clapton verbleef en getuige was van een telefoontje van Harrison aan Clapton: of beide muzikanten misschien zin hadden om deel uit te maken van de band die op het nieuwe album zou gaan spelen. Die band bestond trouwens uit een grote en steeds wisselende verzameling muzikanten. Iets dat George bewust wilde, na zijn jaren in het vrijwel geheel besloten viermanschap dat The Beatles waren geweest.

Bobby Whitlock (rechts) met George Harrison, Eric Clapton
en de tourband van Delaney and Bonnie


De Apple Jams als vorm van teambuilding
Bij de selectie van de muzikanten voor All Things Must Pass keek George vooral naar mensen die hij aardig vond en die op een positieve manier bij konden dragen aan de sfeer in de studio. Daarin ging hij anders te werk dan bijvoorbeeld zijn oud-compaan Paul McCartney, die begin jaren '70 audities hield voor de sessiemuzikanten en bandleden met wie hij wilde samenwerken. Zo kon het bij Harrison rustig gebeuren dat hij vijf akoestisch gitaristen benaderde, puur omdat hij zin had met ze samen te werken. Snel en doelmatig waren de opnames voor All Things Must Pass dan ook niet. De studiojams, die als Apple Jam op de zesde zijde van het triple album verschenen, hadden een duidelijk doel: elkaar muzikaal leren kennen en vooral onderling plezier hebben.




Alan White zag het verschil met John Lennons sessies
Drummer Alan White was tevens betrokken bij All Things Must Pass. Ook hem viel het verschil op tussen de sessies met Harrison en die met John Lennon voor diens Plastic Ono Band-album. Niet alleen werkte Lennon juist in klein comité, maar ook gaf hij volgens White hele duidelijke aanwijzingen aan de muzikanten over hoe ze op zijn plaat moesten spelen. White noemde Lennon zelfs wat autoritair en Harrison juist iemand die op een gelijkwaardige manier met zijn bandleden wilde samenwerken. Precies zoals hij kort daarvoor met Delaney, Bonnie and Friends door Europa getourd had. John Lennon bezocht de sessies voor All Things Must Pass trouwens wel. Hij stond in die periode nog op goede voet met George en complimenteerde hem met diens album-in-wording. 


Vroeg wijs
Uiteindelijk kostte het George maarliefst vijf maanden om All Things Must Pass album op te nemen. Niet alleen door zijn relaxte en democratische aanpak tijdens het opnameproces. Er was nog een andere reden. George maakte medio 1970 privé een zware tijd door toen zijn beide ouders in het ziekenhuis belandden. Vader Harold kwam er bovenop, maar George verloor zijn geliefde moeder Louise aan een hersentumor. Die ervaringen hebben ongetwijfeld bijgedragen aan een album waarop Harrison oosterse en westerse spiritualiteit verbond met zijn eigen levensvragen als 27-jarige. Variërend van de blijheid van My Sweet Lord tot het ernstige Beware of Darkness. Weduwe Olivia Harrison noemt Run of the Mill haar eigen favoriet. Volgens Olivia geloofde George sterk dat je je leven zó moet leiden dat je jezelf altijd in de spiegel kunt blijven aankijken. Olivia noemde George 'vroeg wijs' voor zijn leeftijd. Dat was hij. Ondertussen wachten we die heruitgave van zijn meesterwerk gewoon geduldig af.


De BBC Radio 4-special staat (op het moment van schrijven) online. Ik deel de link hierbij graag. Let er op dat de BBC haar uitzendingen slechts voor een beperkte tijd online beschikbaar houdt.


zaterdag 25 januari 2020

Waarom Chris O'Dell een liedje kreeg van George Harrison

Ze zong mee in het koor op Hey Jude, was aanwezig bij het Rooftop Concert op het dak van het Apple-gebouw en zat aan de thee met John Lennon en George Harrison toen die twee vernamen dat Paul McCartney uit de band wilde stappen. Haar naam? Chris O'Dell. De Amerikaanse arriveerde in mei 1968 in Londen en ging werken voor Apple Corps, het bedrijf dat The Beatles eerder dat jaar oprichtten. Terwijl de sixties langzaam overgingen in de seventies, The Beatles als band uit elkaar vielen en ieder zijn weg zocht, zat Chris O'Dell zo'n beetje op de eerste rij bij de gebeurtenissen. Beatlesbiograaf Philip Norman noemt haar dan ook The Ultimate Insider. Wie was deze Miss O'Dell, zoals George Harrison haar in een liedje noemde?

Chris O'Dell en George Harrison

Thee zetten en de administratie doen
Het eerste dat ik me afvroeg, was hoe deze jonge Amerikaanse in het voorjaar van 1968 in Londen terecht kwam. Die verhuizing was het gevolg van een gesprek met een PR-man van The Beatles in Los Angeles, las ik in een artikel. Zou dat Derek Taylor geweest zijn? Hoe dan ook, Chris verliet haar woonplaats in Arizona en vloog naar Londen. Daar werd ze secretaresse bij Apple. Waren het haar looks of was het haar sympathieke karakter? Misschien was het wel de combinatie. Chris viel in ieder geval in de smaak en werd al snel onderdeel van de inner circle van The Beatles. Ze serveerde de thee, deed de administratie en repareerde hier en daar een kledingstuk voor de bandleden. 

Een beschut plekje op die koude januaridag in 1969:
op het bankje tegen de schoorsteen zitten
Yoko Ono, Maureen Starkey, Ken Mansfield (Apple) en Chris O'Dell

George bleef maar doorgaan over karma
In maart 1970 verhuisde George Harrison met zijn vrouw Pattie Boyd naar het imposante landgoed Friar Park. Snel daarna bood hij Chris O'Dell er ook onderdak. Volgens Harrison was dat omdat hij O'Dell graag als assistente inhuurde. Volgens Boyd had haar echtgenoot nog wat extra interesses waar het de blonde Amerikaanse betrof. In ieder geval hielp O'Dell Harrison bij een aantal administratieve werkzaamheden rond de totstandkoming van dienst driedubbelalbum All Things Must Pass dat in die periode werd opgenomen. Volgens O'Dell maakte George wel wat avances, waar zij niet op inging. Dus zat het duo vaak tot diep in de nacht te praten. Chris herinnerde zich dat George maar bleef doorgaan over karma en zij, half slapend op goed geluk, af en toe eens instemmend reageerde. 

Chris en George bij Apple

Wie ging met wie?
In die early seventies was het trouwens allemaal wat vaag met de onderlinge relaties tussen George Harrison, Ringo Starr en Eric Clapton. George had een affaire met Ringo's vrouw Maureen. Maureen was de beste vriendin van Chris O'Dell. Patty ging met Eric maar ook met Ron Wood. Chris had op haar beurt drie maanden een affaire met Ringo. Zoiets, geloof ik. Over die periode vertelde O'Dell:  There was a very difficult time in the seventies when relationship boundaries got blurred. I doubt it would happen today. 

Chris O'Dell en Pattie Boyd in 1986

Chris kwam niet opdagen, George schreef een liedje
In april 1971 had George in Los Angeles met Chris afgesproken. O'Dell werkte in die periode weer even in de VS, waar ze A&R-manager Peter Asher ondersteunde bij de begeleiding van James Taylor, Carole King en Linda Rondstadt. Konden ze ook wel even afspreken, vond George Harrison. Terwijl hij tevergeefs in zijn gehuurde huis op haar wachtte, pakte hij zijn gitaar en schreef hij het nummer Miss O'Dell. Qua stijl had het een Bob Dylan-compositie kunnen zijn. Al zingend mijmerde George over de politieke situatie in Bangladesh, zijn afkeer van de music scene in Los Angeles en vroeg hij zich keer op keer af wanneer Miss O'Dell eens zou komen opdagen. Maar Miss O'Dell kwam niet. Na het innemen van een stevige dosis geestverruimende middelen, was de afspraak die ze met Harrison had naar de achtergrond geraakt. Chris was inderdaad niet kinderachtig als het ging om drank en drugs. Van Keith Richards kreeg ze twijfelachtige compliment dat niet onderdeed voor de mannen.

Chris en Keith

Clapton, Dylan en Crosby Stills Nash & Young
Van Harrisons huis verhuisde O'Dell uiteindelijk naar de woning van Eric Clapton. Vervolgens ging ze in 1972 met de Stones mee op tournee en werd ze twee jaar later door Bob Dylan ingehuurd als tourmanager. Net als door George Harrison voor zijn Dark Horse-tournee door Amerika. Ook was O'Dell betrokken bij de Reunion Tour van Crosby, Stills, Nash & Young in 1974. Ik stel me haar voor als een rock-nomade. Altijd onderweg, een rock 'n' roll-lifestyle. Van de jaren '80 kan O'Dell zich weinig herinneren. Het decennium ging aan haar voorbij, in een waas van drugs en alcohol. Tussendoor trouwde ze, dat wel, een Engelse aristocraat, die al even verslaafd. Je vraagt je af hoe het lukte een gezin te stichten, maar het stel voedde zoon William op. Het huwelijk was geen lang leven beschoren. 


Back in Tucson Arizona
Chris O'Dell schreef haar memoires vele jaren later. Ze deed het voor de fans, verklaarde ze, die alle verhalen uit de inner circle vast graag hadden willen lezen. Zelf kan ze zich, inmiddels ook rond de 70 jaar, niet meer voorstellen dat ze ooit nog voor dit soort rock 'n' roll-sterren zou kunnen werken. In haar woning in Tucson, Arizona blikt ze met milde humor en een gezonde dosis zelfreflectie terug op die gekke jaren '70: One thing I don't have today is the patience to deal with that kind of neediness. I could never work for these people again. Haar memoires schreef ze in het boek, met de titel, (hoe kan het anders) Miss O'Dell. Best interessant leesvoer, lijkt me. Heeft één van jullie het gelezen? Misschien moet ik het toch aanschaffen voor mijn Beatlesbibliotheekje.



Leon Russell schreef ook iets voor Chris
Niet alleen George Harrison maakte trouwens een liedje over haar. Ook Leon Russell was geïnspireerd door de Amerikaanse en schreef Pisces Apple Lady. Georges eerbetoon aan Chris O'Dell verscheen in 1973 als B-kantje van zijn hitsingle Give Me Love (Give Me Peace On Earth). Zo kreeg dus Miss O'Dell ook haar claim to fame: [video]


Miss O'Dell

I'm the only one down here
Who's got nothing to say
About the war
Or the rice
That keeps going astray on it's way to bombay.
And the smog that keeps polluting up our shores
Is boring me to tears.
Why don't you call me, miss o'dell?
I'm the only one down here
Who's got nothing to fear
From the waves
Or the night
That keeps rolling on right up to my front porch.
The record player's broken on the floor,
And ben, he can't restore it.
Miss o'dell.
I can tell you
Nothing new
Has happened since I last saw you.
And I'm the only one down here
Who's got nothing to say
About the hip
Or the dope
Or the cat with most hope to fill the fillmore.
And your pushing, shoving, ringing on my bell
Is not for me tonight.
So, won't you call me, miss o'dell?
Won't you call me, miss o'dell?


zaterdag 25 augustus 2018

Hoe George Harrisons All Things Must Pass pas later de erkenning kreeg die het verdiende

Het was zijn 26ste verjaardag toen George Harrison op een koude februaridag in 1969 een demo maakte voor een nieuw nummer voor The Beatles. De band had die winter eerst een week in de grote en koude Twickenham Studios gezeten. Het plan was om daar de repetities voor het nieuwe album Let It Be (dat aanvankelijk Get Back zou heten) te filmen. Net als de aanloop naar het liveconcert, dat onderdeel van de film zou worden. Het werd allemaal niets in die Twickenham Studio's en al snel verkasten de Fab Four naar een knusser onderkomen in het Apple-gebouw. Daar hing Harrison zijn gitaar om en zong hij de eerste regels van een nieuwe compositie: Sunrise doesn't last all morning....




Beslist veelbelovend
In januari al had Harrison diverse pogingen gedaan om All Things Must Pass, zijn kersverse liedje, onder de aandacht van de andere drie te brengen. Er werden wat pogingen gedaan het in te studeren. Met name de samenzang in het refrein klinkt beslist veelbelovend, al was de band duidelijk nog zoekende. Je kunt je best voorstellen hoe goed dit uiteindelijk had kunnen worden. En je vraagt je af waarom het nummer aan de kant werd geschoven: [video]



Muzikale inspiratie door The Band
George was in die tijd erg gecharmeerd van het geluid van The Band. Hij roemde het album Music From Big Pink, dat een half jaar eerder was verschenen. De sound op de plaat inspireerde George om de sitar terzijde te schuiven en zich weer op het schrijven van gitaarnummers te richten. Eind 1968 verbleef George veel in Amerika, bij Bob Dylan. In die periode jamde Harrison regelmatig met de leden van The Band, Dylans muzikale maten. 

Harrison bij Dylan thuis, eind 1968

Instructies voor John Lennon achter het orgel
In een interview in de jaren '80 vertelde George een journalist dat hij The Bands The Weight had gehoord en zodoende op het muzikale idee voor All Things Must Pass kwam. Beide nummers hebben ook wel dezelfde trage, akoestische feel. Je snapt het. George wilde trouwens zo graag dat All Things Must Pass op de sound van The Band leek, dat hij John Lennon voorstelde zijn gitaar te verwisselen voor het Lowry-orgel. Dat orgel horen we ook terug op Lucy In The Sky With Diamonds. Dus nam Lennon plaats achter de toetsen. Ik heb hier een prachtig stukje [video] waarin Harrison Lennon uitleg geeft hoe hij All Things Must Pass op het orgel moet spelen. Kijk even mee, alsof je een fly-on-the-wall bent:




De tekst kwam uit het Taoïsme
De tekstuele inspiratie voor All Things Must Pass kwam uit geheel andere hoek trouwens. Wel uit eentje die voor de hand ligt. Eind jaren '60 was George hevig geïnteresseerd geraakt in Oosterse filosofie. In 1966 publiceerde de Amerikaanse psycholoog en schrijver Timothy Leary het volgende gedicht:

All Things Pass - Lao-Tzu
All things pass
A sunrise does not last all morning
All things pass
A cloudburst does not last all day
All things pass
Nor a sunset all night
All things pass
What always changes?

Earth...sky...thunder...
mountain...water...
wind...fire...lake...

These change
And if these do not last

Do man's visions last?
Do man's illusions?

Take things as they come

All things pass

De metaforen van Het Weer
Leary was op zijn beurt geïnspireerd door de Tao Te Ching en beide bronnen raakten blijkbaar een snaar bij Harrison. Daarbij nam hij voor zijn openingscouplet bijna letterlijk de eerste strofen van Leary's gedicht over. Niets dat mooi is, blijft. Maar ook: niets dat naar is, blijft. Alles gaat voorbij, zeiden onze wijze oma's en opa's ons. Harrison gebruikte daarbij opnieuw de metaforen van Het Weer, zoals hij ook bij Here Comes The Sun deed: Sunset doesn't last all evening, A mind can blow those clouds away, After all this, my love is up and must be leaving, It's not always going to be this gray.

George en Pattie: ook dat ging voorbij


Pas later erkenning
Hoe gevoelig en filosofisch het nummer ook was, met de demo die George eind februari 1969 vastlegde, kreeg hij het niet voor elkaar om All Things Must Pass op één van de laatste twee Beatlesalbums te krijgen. Net als Let It Down en het prachtige Isn't It A Pity, ook uit die periode. Met name John Lennon was totaal niet geïnteresseerd in hetgeen Harrison te berde bracht. Ironisch genoeg werden de afgewezen nummers allemaal highlights op Harrisons eerste en zeer succesvolle soloalbum dat na het uiteengaan van The Beatles verscheen. [video]








zaterdag 26 november 2016

The Inner Light: de spiritualiteit van George Harrison

Eigenlijk wil ik al weken een blog schrijven over de spirituele weg die George Harrison tijdens zijn leven bewandelde. Een prachtig onderwerp, vind ik zelf. Tegelijkertijd is het ook best een uitdaging om daarbij een goede invalshoek te kiezen. Het verhaal is mooi, maar ook veelomvattend. En het staat dicht bij me. Ik hikte er tegenaan, dacht er uren over na, al wandelend en fietsend. Ik wilde het goed te doen, misschien wel te goed. Zal ik dan maar gewoon beginnen? Dat doe ik met het motto:

If you don't know where you're going
Any road will take you there

Katholiek gedoopt, met een aangeboren spirituele gevoeligheid
Toen George Harrison als baby katholiek gedoopt werd, had hij waarschijnlijk nog geen vermoeden van de rol die religie en spiritualiteit in zijn leven zouden gaan spelen. Vader Harold had niets met religie, maar moeder Louise was van huis uit katholiek en vond het belangrijk dat haar kinderen gedoopt werden. Als kind vergezelde George zijn moeder op hoogtijdagen als Kerstmis en Pasen naar de kerk, maar hij verloor zijn interesse als tiener. Toch was er iets opmerkelijks gaande. Als kind had George regelmatig mystieke ervaringen, zo vertelde hij zelf in een interview in 1977. Onverwacht en zonder enige aanleiding kon hij zich ineens heel klein voelen en tegelijkertijd onderdeel van iets heel groots. It was feeling like two different things at the same time. And this little thing, this feeling that would vibrate right through me, would start off like rolling around and it would start getting bigger and bigger and faster and faster until it was going like so far and so fast that it was mind-boggling, and I'd come out of it really scared. Er gebeurde dus iets bij de jonge George, dat blijkbaar tijd nodig had om zich te ontwikkelen.

George met de Londense Hare Krishna's

Steeds weer India op zijn levenspad
In februari 1965, toen George net 22 was geworden, kwam de spiritualiteit opnieuw op zijn pad. The Beatles waren naar de Bahama's gevlogen voor de opnames van hun tweede film, Help! De groep werd opgemerkt door Swami Vishnu-devananda. Deze geestelijke verbleef op hetzelfde eiland en voelde een sterke behoefte om de vier bandleden een exemplaar van zijn werk The Complete Illustrated Book of Yoga te geven. George pakte het boek aan, legde het weg, maar raakte er een tijd later in geïnteresseerd. De opnames van Help! verplaatsten zich vervolgens naar Londen Ook daar gebeurde iets onverwachts. Tijdens het filmen van een scène in een Indiaas restaurant, hoorde George het geluid van een sitar. Gefascineerd door de sound had hij daarbij een onverklaarbaar gevoel van herkenning. In het boek Tune In schrijft Mark Lewisohn dat Louise, Georges veel oudere zus zich iets bijzonders wist te herinneren. Namelijk dat haar zwangere moeder in de winter van 1943 heel graag op zondagen naar een radioprogramma luisterde, getiteld Radio India. Daarbij schalden de klanken van de sitar, de tabla en de Indiase fluit door de woonkamer van de Harrisons in Liverpool. 

De bewuste scène uit Help! in het Indiase restaurant

Een tip van David Crosby en Roger McGuinn
In augustus 1965 sprak George over zijn fascinatie voor het geluid van de sitar met David Crosby en Roger McGuinn van The Byrds. Deze bevriende muzikanten wisten de Beatle te vertellen dat 's werelds beroemdste sitarspeler, Ravi Shankar, wel eens in hun studio opnames maakte. Ze legden een elpee van Ravi op de platenspeler en lieten George kennismaken met de muziek van Shankar. Ook spoorden Crosby en McGuinn George aan om de grote Ravi beslist eens te ontmoeten. Terug in Engeland kocht George zelf een sitar. Het is het exemplaar dat te horen is op Norwegian Wood. Een Oosters instrument op een westerse popplaat, dankzij de fascinatie van George Harrison.

1965: George experimenteert met de sitar. Zijn verloofde, Pattie Boyd, kijkt mee.

Zoeken naar de zin van het leven
Het was met name ook George Harrison die wilde ontsnappen aan de waanzin van de Beatlemania. Het moordende schema van touren, platen opnemen en films maken deed hem verlangen naar rust en bezinning. George was muzikant, maar kreeg een enorme afkeer van de gekte die The Beatles overal veroorzaakten. De flauwvallende meisjes, de politieke rellen... George had er genoeg van. Hoewel hij zich afgekeerd had van het geïnstitutionaliseerde Christendom, voelde hij dat er ruimte in hem was om te ontdekken waar het leven werkelijk over ging. In ieder geval niet over spelen in stadions met 50.000 gillende fans. De film Living In The Material World (2011) toont Georges levensverhaal en laat op indringende wijze zien hoe zijn zoektocht er uit zag. Inmiddels voor een paar euro te koop op dvd, een aanrader!

LSD als katalysator
Terug naar de Sixties. In april 1965 al had een bevriende tandarts, John Riley genaamd, de nietsvermoedende George en John (en hun vrouwen) in contact gebracht met LSD. Simpelweg door het na een diner in hun koffie te laten glijden. Er volgde een intense LSD-trip die John en George, naar eigen zeggen, voorgoed zou veranderen. Bij George wakkerde het zijn spirituele gevoelens weer aan. In 1987 vertelde George LSD just opened the door and I experienced really good things. I never doubted God after that. George experimenteerde met de drug, maar keerde zich later van af.

George tijdens één van zijn vele India-reizen

Ravi Shankar als nieuwe leermeester
Begin 1966 kwam het tot een ontmoeting tussen George en Ravi Shankar. Er ontstond een diepe vriendschap tussen de twee muzikanten, waarover ik graag nog eens wat meer wil schrijven. George en Pattie bezochten India en George kreeg sitarlessen van zijn nieuwe leermeester. Bekijk even het prachtige fimpje dat daarvan bewaard bleef. [filmpje]


Het was Ravi die George een aantal boeken gaf, die de spirituele gevoelens alleen maar verder aanwakkerden. Met name Autobiography of a Yogi (Paramahansa Yogananda), Raja Yoga (Swami Vivekananda) en de eeuwenoude I Ching. Georges ontdekkingsreis paste in de jaren '60, waarin men in de westerse wereld steeds meer aandacht kreeg voor oosterse spiritualiteit. Die beweging was er al, maar met The Beatles in de voorhoede, kwam alles in een stroomversnelling. Wat volgde waren de contacten met de Maharishi, de Transcedente Meditatie en het bezoek van The Beatles aan India. Waar de rest van de groep de Oosterse spiritualiteit als een interessante fase zag, bleef George zijn leven lang gefascineerd door het mystieke.

George voelde een sterke connectie tot de god Krishna

Hoe kun je de spiritualiteit van George Harrison samenvatten?
Op basis van boeken, interviews en zijn eigen muziek, kun je concluderen dat George Harrison met name een Hindoeïst was, met een warm hart voor de Hare Krishna-beweging waarmee hij zelfs een album maakte. George had een bijzondere fascinatie voor de Hindoestaanse God Krishna, afgebeeld als een blauwe figuur met een fluit. Maar Georges interesse ging lag ook voorbij het Hindoestaanse geloof. Hoewel hij een afkeer had van het geïnstitutionaliseerde Christendom, was George wel degelijk geïnteresseerde in de gnostische kant ervan. Hij las de niet door de kerk erkende evangeliën van Thomas en Filippus en vond daarin ook aanknopingspunten voor zijn spiritualiteit. Met de kerk van Rome en alle protestantse en katholieke dogma's had hij echter niets. Tegen de paus ageerde George in Awaiting On You All (1970):

And while the Pope owns 51% of General Motors
And the stock exchange is the only thing he's qualified to quote us
The lord is awaiting on you all to awaken and see
By chanting the names of the lord and you'll be free

George dacht dat alles vergankelijk is, behalve de ziel
Als Hindoeïst was George ook heilig overtuigd van het voortbestaan van de ziel, het fenomeen reïncarnatie en het feit dat al het materiële vergankelijk is, getuige het nummer All Things Must Pass (1970). In het ontroerend eerlijke My Sweet Lord durfde George Harrison zich als één van de eerste westerse mainstream popsterren spiritueel kwetsbaar op te stellen en God toe te zingen in alle namen die hij maar kon bedenken: Hallelujah, Hare Krishna, Gurur Brahma, Gurur Vishnu, Maheshswhara, Guru Sakshaat, Parabrahma, Tasmayi Shree, Guruve Namah, Hare Rama.
[filmpje]


Muziek en mystiek
De spiritualiteit van Harrison is in heel veel van zijn liedjes terug te vinden. Soms expliciet, maar ook vaak verkapt. Wat mij raakt is de oprechtheid in zijn zoektocht, zijn gevoelige ziel en de manier waarop George alles in zijn muziek durfde te uiten. Daarbij gaat het me niet om religie op zichzelf, maar om de verwondering van een mens over iets dat hij voelt en niet kan bevatten. Is dat mystiek? Ik wil hier graag een aantal nummers van George Harrison aanreiken waarin zijn spiritualiteit voor mij hoorbaar en voelbaar is. Daarbij laat ik de andere genoemde nummers achterwege. Klik op de titels om naar de nummers te luisteren.

And to see you're only very small
And life flows on within you and without you

The Inner Light (gebaseerd op de I Ching)
Without going out of your door
You can know all things on earth
Without looking out of your window
You could know the ways of heaven

om de mantra-achtige melodie

I'm a pisces fish and the river runs through my soul

In the rising sun you can feel your life begin
Universe at play, inside your DNA
You're a billion years old today

The soul does not love, it is love itself
It does not exist, it is existence itself
God, you are the lover that we miss

de laatste klanken op zijn laatste album Brainwashed


Verstrooid in de Ganges
Bij zijn sterfbed, op 29 november 2001, speelden twee van Georges oudste Hindoestaanse vrienden Indiase muziek. Zijn hoofd werd besprenkeld met water uit de Ganges. George stierf vredig op dezelfde klanken die hem blijkbaar al in de baarmoeder via een radio in Liverpool wisten te vinden. Hij werd gecremeerd, zijn as werd naar India gevlogen en verstrooid in de heilige rivier. Jan Cees ter Brugge fluisterde me laatst in dat niet alleen Georges vrouw Olivia en zoon Dhani daarbij aanwezig waren, zoals de officiële versie van het verhaal gaat. Ook Paul en Ringo zouden tijdens de uiterst geheime ceremonie aan de Ganges hebben gestaan. Ik vind het een tedere gedachte. 


zaterdag 1 oktober 2016

All Together Now: waarom 1974 het ideale jaar was voor een reünie van The Beatles

Wat me altijd enorm interesseert is de manier waarop de vier ex-Beatles in de jaren '70 zich tot elkaar verhielden. Enerzijds waren er de ruzies en rechtzaken, de liedjes waarin over en weer naar elkaar gesneerd werd. Aan de andere kant was er ook vriendschap en samenwerking op albums en bij concerten. Maar alles verschoof en veranderde eigenlijk continu. Daarbij stonden nooit precies op hetzelfde moment alle neuzen in dezelfde richting. Iets dat nodig zou zijn geweest om nog eens met z'n vieren samen muziek te maken of alleen al te praten. Dat is, voor zover wij nu weten, nooit gebeurd. Toch is er één jaar aan te wijzen waarin de sterren het gunstigst stonden voor zo'n (informele) reünie. Dat is 1974.

Nog één keer compleet
De allerlaatste foto's waarop John, Paul, George en Ringo samen staan, worden gemaakt op 22 augustus 1969 op Tittenhurst Park, het huis waar John Lennon en Yoko Ono waren gaan wonen. Veel van jullie kennen die locatie vast van de Imagine-clip waarin we John achter zijn witte piano zien zitten. Over die laatste fotosessie wil ik graag in de toekomst nog eens wat schrijven. Maar...dat was het dan dus, die vrijdag in augustus op het landgoed ten zuidwesten van Londen. Een maand later, ergens tussen 15 en 19 september, zitten The Beatles nog tweemaal samen rond de tafel op het kantoor van hun platenmaatschappij Apple. Vol meningsverschillen over de toekomst van de band. Paul wil wel door, John schreeuwt Ik wil een scheiding, net als van Cynthia! En dan is het afgelopen. Het is de laatste keer ooit dat de Fab 4 in één ruimte aanwezig zijn. In de ruim 10 jaren die op die laatste bijeenkomst volgden, zouden John, Paul, George en Ringo elkaar nog heel regelmatig ontmoeten, onder allerlei omstandigheden, maar nooit meer met z'n vieren. Wat zou dat een moment geweest zijn en wat hadden we daar graag een foto van gezien. Met de moord op John Lennon, op 8 december 1980, kwam er een definitef eind aan alle mogelijkheiden.

22 augustus 1969: voor de laatste keer samen op de foto

Samenwerking over en weer
Maar hoe zit dat nu met 1974? Op dat moment ligt die laatste fotosessie een jaar of vier achter de bandleden. De vier ex-Beatles werken hard aan hun solocarrières. Ringo krijgt veel hulp van zijn drie maatjes bij het opnemen van zijn elpees. Op zijn beurt neemt hij deel aan het Concert For Bangladesh dat George organiseert en speelt hij een deel van de drumpartijen in op het album John Lennon & The Plastic Ono Band. Net als op All Things Must Pass, het monumentale driedubbelalbum van George. George draagt op zijn beurt weer bij aan Johns album Imagine. Eigenlijk is het Paul die vooral zijn eigen weg gaat. Niet gek ook, als je bedenkt dat het drie tegen één was in de juridische afwikkelingen rond het uiteengaan van de band.

John en George tijdens de opnames van het album Imagine

Bijpraten in de zon
Toch lijken John en Paul elkaar in 1974 weer een beetje te hebben teruggevonden. Daarvoor ontstaat ruimte tijdens het zogenaamde Lost Weekend van John. Hij is (tijdelijk, zo blijkt later) weg bij Yoko Ono en woont met zijn nieuwe vriendin May Pang een periode in Los Angeles en later nog in New York. Op beide plekken komt Paul, die regelmatig met Linda en de kinderen voor allerlei projecten in de VS is, geregeld op bezoek. Ook treft hij Ringo dan wel bij John. Laatstgenoemden wonen zelfs tijdelijk samen in een huis aan de Amerikaanse westkust. De Polaroid-foto's die van John en Paul geschoten worden op 1 april in Santa Monica, zijn de laatste waarop Lennon en McCartney samen te zien zijn. Een informeel onderonsje tussen twee oude vrienden. Het was trouwens niet hun finale ontmoeting, maar wel de laatste die (voor zover bekend) op de gevoelige plaat werd vastgelegd.

1 april 1974: Lennon en McCartney praten bij in het zonnige Californië

Ringo's drumkruk was nog warm
Een paar dagen voordat deze bijzondere foto genomen werd, hebben John en Paul zelfs even samen in de studio gejamd. John op gitaar, Paul op drums. Beiden zingend met onvaste stem. Pauls drumkruk is nog warm; Ringo was net vertrokken. Deze sessie, waarbij ook Harry Nilsson en Stevie Wonder aanwezig zijn, is in historisch opzicht bijzonder, maar muzikaal gezien allerminst. Laten we de drank en andere verdovende middelen de schuld geven.... De sessie gaat de geschiedenisboekjes in als A Toot and A Snore, met daarin de verwijzing naar verdovende middelen. Wanneer Ringo de volgende ochtend in de studio arriveert, vraagt hij wie zijn drumstel anders heeft ingesteld. Paul was er gisteravond, is het antwoord dat hij krijgt.




Geruchten rond de tournee van George
In de vroege lente van 1974 is het George Harrison die aankondigt dat najaar in de Verenigde Staten te gaan touren. Al snel duiken er geruchten op dat Ringo deel uit zal maken van zijn begeleidingsband. En dat gerucht slingert speculaties aan over een reünie van The Beatles. Zowel John als Paul verklaren op verschillende momenten in de pers dat het leuk zou zijn weer eens wat te doen met z'n vieren. Maar ze zijn voorzichtig en hebben het over een incidentele samenwerking. Ook zijn nog niet alle juridische zaken afgehandeld. Zo zijn de vier ex-Beatles nog steeds aan elkaar verbonden door het contract dat ze met Apple tekenden. De samenwerking komt er niet, wel bezoeken John en Paul, incognito en op verschillende momenten, concerten die George in de VS geeft. Je zou kunnen zeggen dat iedereen om elkaar heen draait.

Pruiken, een plaksnor en een zonnebril: Paul en Linda bij het concert van George

De soap die 1974 was
Wanneer, na een enorme juridische procedure het Apple-contract eind 1974 eindelijk ontbonden kan worden, breekt daar....tegenstrijdig en ironish genoeg eigenlijk hét moment aan waarop John, Paul, George en Ringo gezamenlijk in één ruimte zouden moeten verschijnen. Namelijk bij het tekenen van de ontbindingspapieren. Er wordt zelfs zo'n sessie gepland. En nét op het moment waarop je denkt....ja, het is zover....loopt het toch weer anders. Ringo tekent de contracten eerder, maar is telefonisch vanuit Engeland 'aanwezig' en wordt ter plekke vertegenwoordigd. John komt niet opdagen, hoewel hij op dat moment in New York is. Wanneer hij gebeld wordt, verklaart hij 'dat de stand van de sterren niet goed is om vandaag te tekenen'. Hij zet zijn krabbel enige tijd later, op 27 december, tijdens zijn verblijf in Disneyland met May Pang en zoon Julian. Veel later dan is afgesproken. George is woest. En dat terwijl hij op 14 december nog samen met John dineerde. 1974 is het jaar waarin de gebeurtenissen elkaar razendsnel, als in een soap opvolgen.

George en John, een zeldzaam onderonsje in december 1974

Een opgeluchte George, een verdrietige Paul
Onderstaand filmpje is even interessant als pijnlijk. Het toont George en Paul, de Beatles die op dat moment het meest van elkaar verwijderd zijn, in één ruimte in het Plaza Hotel in New York, al lijkt het door de montage van de beelden alsof de gebeurtenis op Savile Row in Londen plaatsvindt. George en Paul zetten op 19 december 1974 wél gezamenlijk hun handtekening. Het gaat er allemaal niet bijzonder hartelijk aan toe. Hun reacties hadden ook niet niet tegenstrijdiger kunnen zijn. George is opgelucht en prevelt Krishna Krishna Krishna, may the Lord help this to be done (finally?). Ook Paul zet zijn krabbel, met een gespannen gezicht waar het verdriet van af te lezen is. The Beatles zijn contractueel ontbonden. Het is allemaal de realiteit van 1974.



Samen liedjes schrijven
Of het alle vier The Beatles zou zijn gelukt als band nogmaals samen te werken in 1974, blijft de vraag. Wie weet was het in 1975 gelukt. Eén bijzonder feit mag namelijk niet onvermeld blijven. In januari 1975 strijkt Paul met zijn band Wings neer in New Orleans, om zijn album Venus and Mars op te gaan nemen. Paul nodigt John uit om langs te komen. Om samen te schrijven en muziek te maken. John heeft daar wel oren naar en is zelfs opgewonden over de op handen zijnde samenwerking. De trip is al gepland, als John even langs gaat bij Yoko in het Dakota-gebouw in New York. Want ook op dat vlak hangt een reünie in de lucht. Daar is hij niet meer weggegaan, May Pang verdwaasd achterlatend. Tot een samenwerking met Paul kwam het daarna ook niet meer. 


zaterdag 21 mei 2016

Country Dreamer: The Beatles en hun relatie met Country

Countrymuziek was de afgelopen decennia not done. Of is dat een te gewaagde stelling? Maar zeg nu eerlijk: het genre was zoet, plastic en kitsch. Country was eigenlijk wel een gepasseerd station. De associatie met line dancing, de meest conservatieve en zuidelijke staten van de VS, de baard van Kenny Rogers en het haar van Dolly Parton dringt zich op. The higher the hair, the closer to God, las ik ooit ergens. Die uitspraak vat het wel zo'n beetje samen.


The Common Linnets kúnnen gewoon
Toch is country weer hip. Americana noemen we het nu. Daar valt dan van alles onder: folk, bluegrass, rockabilly... Americana klinkt ook wel een stuk beter, moet ik zeggen. Nieuwe singer-songwriters treden naar de voorgrond en voor artiesten als The Common Linnets en Douwe Bob is het gewoon mogelijk de hoogste regionen van de hitlijst te bereiken. En wat te denken van de herwaardering van de muziek van Johnny Cash en Willie Nelson? We zoeken blijkbaar weer naar onze roots, gaan houthakken en brood bakken. De mannen laten (heel hipster) hun baard staan en met ons allen verlangen we naar eenvoud. Alles mag weer aards zijn. Zo aards als de Makkelijke Moestuin Mix van Jelle. Daarmee is er blijkbaar ook weer ruimte voor country, één van de oerstromingen van de popmuziek.

Vroege invloeden in Liverpool
Ik mijmerde er deze week wat over. Daarbij vroeg ik me af welke relatie The Beatles met countrymuziek hadden. Zowel tijdens hun bestaan als band als in de periode daarna. Als jonge Liverpoolse muzikanten werden John, Paul, George en Ringo beïnvloed door Skiffle (Lonnie Donegan) en de vroege, deels op country gebaseerde Rock 'n' Roll van Carl Perkins, Chet Atkins en Elvis. Ook de zoete tweestemmigheid van The Everly Brothers leunde zeker op country. Inmiddels weten we dat Elvis, Carl Perkins, Chet Atkins en de gebroeders Everly bewonderd werden door The Beatles. Tel daar Ringo's liefde voor de echte Amerikaanse country bij op en je hebt voldoende basis voor een aantal interessante uitstapjes. Yihaa.

Buck Owens en Gretsch-gitaren
Op het album Help! (1965) is het Ringo die eigenlijk voor het eerst
stevig uit de kast komt als countryliefhebber. Hij covert Act Naturally, een nummer dat twee jaar eerder door Buck Owens & The Buckaroos (wat klinkt dat heerlijk) naar de hoogste regionen van de Amerikaanse hitparade was gezongen. Op Help! vind je ook het energieke I've Just Seen A Face. Een song die ik tevens sterk vind leunen op het genre. Voor Rubber Soul is Ringo mede-auteur van een echte Beatles-country-original: What Goes On. Het is het enige Beatlesnummer dat qua credits een Lennon/McCartney/Starkey-compositie is. Op het Witte Dubbelalbum verschijnt nog Ringo's eigen compositie Don't Pass Me By, waarin de prominent aanwezige fiddle (op het irritante af) het nummer een country-saus geeft. De liefde van George Harrison voor country/rockabilly-artiest Carl Perkins gaat trouwens zo ver dat George aanvankelijk de artiestennaam Carl Harrison kiest. Hij deelt zelfs handtekeningen uit met deze nieuwe naam. Zijn bewondering voor Chet Atkins bepaalt de keuze voor de prachtige Gretsch-gitaren waarop hij in navolging van zijn idool gedurende de eerste Beatles-jaren speelt. Het gitaarmerk Gretsch vertelt hier met trots precies welke types George bespeelde.

Beaucoups of Blues
In hun solojaren zijn het met name Ringo, George en Paul die zich af en toe aan de country wagen. John Lennon grijpt qua roots liever terug op de Rock 'n' Roll (onder andere met zijn gelijknamige album uit 1975). Na het uiteengaan van The Beatles wijdt Ringo zijn tweede album Beaucoups of Blues geheel aan country-covers. Ik heb de plaat deze week eens helemaal beluisterd. Hij is smaakvol ingespeeld en Ringo's zang is, op een enkele uitglijder na, best te pruimen. Het is in ieder geval ook een album dat nu weer prima op de draaitafel kan, al blijft het een Ringo Starr-plaat hè.

Ringo Starr: Beaucoups of Blues

De pedal steel guitar van Pete Drake
Ook in het vroege solowerk van George is een flirt met country te horen. George vraagt steelgitarist Pete Drake om hem voor de elpee All Things Must Pass te begeleiden op het gevoelige nummer I Live For You (één van mijn persoonlijke favorieten van het album). Het openingsnummer I'd Have You Anytime, dat George samen met Bob Dylan schreef, zou door het mooie slidegitaar-werk nu 100% voor Americana door kunnen. 

McCartney goes Nashville
Paul McCartney dompelt zich in de zomer van 1974 zes weken onder in countrysferen. Hij huurt voor zichzelf en zijn gezin een boerderij op het platteland bij Nashville, bezoekt Johnny Cash en Chet Atkins en hangt de 'local' uit, compleet met bezoekjes aan de plaatselijke drive in-bioscoop. De nieuwe omgeving inspireert McCartney tot het schrijven en opnemen van songs in het genre, met Sally G als duidelijkste voorbeeld. Pas op, het glazuur spat van je tanden. Precies zoals het moet. 

Liefde voor Carl Perkins
Ringo en George werken in de jaren '80 mee aan een tv-special rond Carl Perkins. Ze maken deel uit van een all-star superband die nummers van en met de oude meester speelt, waaronder Everybody's Trying To Be My Baby. Carl en George staan zij aan zij. Iets waar Carl Harrison alleen maar van had kunnen dromen. Ook Paul McCartney zoekt in de jaren '80 contact met Perkins voor een samenwerking op het album Tug of War. Onder andere levert dat het plezierige Get It op. George Harrisons superband The Traveling Wilburys tenslotte, met Tom Petty, Roy Orbison, Bob Dylan en Jeff Lynne in de gelederen, klinkt als een Americana-gezelschap dat ook vandaag de dag gewoon weer beluisterd kan worden. Bij voorkeur tijdens het broodbakken.