Posts tonen met het label Walls and Bridges. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Walls and Bridges. Alle posts tonen

zaterdag 4 oktober 2025

Like a UFO you came to me: op zoek naar de plek waar John Lennon en May Pang een UFO zagen

Komende week herdenken we de 85ste geboortedag van John Lennon. Daarom leek het me mooi om in deze column stil te staan bij één van de vele plekken waar John tijdens zijn leven woonde. Afgelopen zomer was ik met de heren van Fab4Cast in New York City en besloten we ook een kijkje te nemen aan 434 East 52nd Street, waar John tijdens zijn Lost Weekend samen met geliefde May Pang een appartement betrok. Hoe ziet het er daar vandaag de dag eigenlijk uit?

Iconische foto
Op een bloedhete zaterdagochtend liep ik met Wibo en Michiel East 52nd Street in. Wanneer je deze straat in Manhattan helemaal uitloopt, kom je vanzelf uit bij de East River, een aftakking van de Hudson. Bij helder weer zie je Roosevelt Island liggen, met daarachter het stadsdeel Queens. Wie aan het eind van deze straat op één van de dakterrassen van het grote appartementencomplex gaat staan, kan nóg beter genieten van het spectaculaire uitzicht. Het is precies waar John Lennon op 29 augustus 1974, in zijn bekende zwart-witte New York City-t-shirt, poseerde voor fotograaf Bob Gruen. 





Penthouse
Wij stonden beneden op straat en lieten onze blik langs de gevel omhoog glijden. Helemaal bovenin het appartementencomplex, op nummer 434, woonden John en May in de zomer en vroege herfst van 1974. Gek genoeg dacht ik altijd dat het stel er een betrekkelijk eenvoudig appartement huurde. In werkelijkheid hadden ze de beschikking over een riant penthouse, waarbij hun woonruimte verdeeld was over maarliefst drie etages. Ze hadden de beschikking over een groot terras, vier slaapkamers, vier open haarden, een bibliotheek en een royale keuken. Even bijstellen, dat beeld. Als je nieuwsgierig bent, vind je op deze site een aantal foto's uit 2020. Kun je direct zien hoe prachtig het uitzicht was.






Nobody Told Me
Dat uitzicht inspireerde niet alleen Bob Gruen tot het maken van die iconische foto, het zorgde er ook voor dat John en May zes dagen eerder, net als vele anderen, haarscherp een UFO konden waarnemen. Een gebeurtenis die diepe indruk op hen maakte en waar John op terugkwam op de hoes van zijn album Walls & Bridges. Net als een aantal jaren later, in het nummer Nobody Told Me. Zijn eerdere referentie naar spreekwoordelijke UFO, in Out The Blue (1973), kan niets met deze specifieke gebeurtenis te maken hebben. Die strofe stond al een jaar eerder op de plaat. Hoe dan ook, het maakt deze woonplek van John in New York City extra speciaal. Net als de gedachte dat het hier destijds 'zoete inval' was. Zo kwamen er heel wat artiestenvrienden van John op bezoek, onder wie Paul en Linda McCartney. 



Niet onder de indruk
Op zoek naar bijzondere Beatleslocaties is er altijd de neiging om een stap over de drempel te kunnen zetten. Wij vroegen ons die zaterdagochtend af of dat hier mogelijk zou zijn. Net als bij veel andere centrale voordeuren in de straat troffen we ook bij deze ingang een portier aan. Aardige man. Als ik het me goed herinner wist hij niet dat John Lennon hier vroeger op de bovenste etages gewoond had. Maar ach, New Yorkers zijn sowieso niet snel onder de indruk van dit soort verhalen. Geef ze eens ongelijk. We stelden ons voor en vertelden dat we een podcast over Beatles-locaties in New York City maakten. Dat vond hij sympathiek genoeg om ons binnen te laten in de centrale hal waar bewoners doorheen moeten, op weg naar de lift of het trappenhuis. 



Leestafel
En zo kwamen we terecht in een compacte hal, in art deco-stijl, met een chique marmeren vloer, een zitje en een leestafel. Kortom: een plek waar je als bewoner zit te wachten tot je taxi voorrijdt, stelde ik me zo voor. Het interieur leek authentiek. In gedachten zag ik John en May thuiskomen, van een avondje stappen. Of Paul en Linda richting de lift schieten, met een fles wijn onder de arm. Terwijl de portier weer naar de straat tuurde, schoot ik snel deze foto, waar we wat verhit op staan. Binnenkort kun je onze Beatles-avonturen in New York City beluisteren. Daarin heeft ons bezoek aan East 52nd Street zeker een plekje gekregen! 





zaterdag 22 september 2018

Hoe Nicky Hopkins een deel van het solowerk van The Beatles naar een hoger plan tilde

Nu de film Imagine in de bioscopen draait, zien we hem her en der in actie. Vooral in het bonusmateriaal na de aftiteling. En dat is genieten. Zittend aan de toetsen voorzag hij de nummers voor John Lennons gelijknamige album van haast hemelse pianoklanken. Dat deed hij ook veelvuldig voor soloprojecten van George Harrison, Ringo Starr en een enkele keer voor Paul McCartney. Tevens leverde hij een bijdrage aan The White Album. Wie is, of beter gezegd: wie was deze virtuoze pianist? Deze week staat Nicky Hopkins centraal. Aan de hand van een aantal fragmenten, laat ik je graag horen hoe hij zijn stempel op het werk van de (solo)Beatles drukte. Lees en luister mee.



Een groot talent met een zwakke gezondheid
Nicky Hopkins werd geboren op 24 februari 1944 in Perivale, niet ver ten westen van Londen. Als kind volgde hij pianolessen, tot zijn talent zo opviel dat hij een studiebeurs kreeg voor de Royal Academy of Music in Londen. Daar haakte hij echter op zijn 16e alweer af om piano en mondharmonica in diverse bluesbandjes te gaan spelen. Zijn gezondheid zat hem danig in de weg. Al sinds jonge leeftijd leed Nicky aan de Ziekte van Crohn en een operatie op 21-jarige leeftijd kostte hem bijna z'n leven. Nicky's zwakke gezondheid dwong hem om als sessiemuzikant te werken. Toetreden tot een band en daarmee uitgebreid op tournee gaan, bleek in deze periode onmogelijk voor de toetsenvirtuoos. Wel werd hij zo'n beetje de meest gevraagde sessiemuzikant in Londen en omstreken. We horen Hopkins (ook in latere jaren) terug op platen van onder andere The Easybeats, The Kinks, The Rolling Stones, The Who, Jeff Beck en Harry Nilsson.

Nicky met zijn ouders

Nicky kwam in beeld bij The Beatles
Nicky's talent bleef niet onopgemerkt bij The Beatles. Op 11 juli 1968 was hij te gast in de studio om een electrische pianosolo in te spelen, als overdub bij de snelle (single)versie van Revolution. Ook vroeg George Harrison Hopkins' assistentie bij de opname van het nummer Sour Milk Sea. Een Harrisong die uiteindelijk door Jackie Lomax op de plaat werd gezet. In de periode 1970-1975 was Hopkins vaak in de studio te vinden bij albumprojecten van zowel Lennon als Harrison als Starr. Met John Lennon werkte hij, zoals gezegd, aan het Imagine-album, een plaat waarop Hopkins' toetsenwerk prominent te horen is. Denk daarbij aan het titelnummer, maar ook aan Jealous Guy, dat volledig op het spel van Nicky Hopkins leunt. Ook op Crippled Inside en Oh Yoko speelt de toetsenist een hoofdrol met zijn smaakvolle pianospel [video's]:





Harrison en Hopkins moeten haast wel een klik gehad hebben
Tijdens het opnameproces van Imagine moeten Nicky Hopkins en George Harrison, die ook aan de plaat meewerkte, elkaar beter hebben leren kennen. Een jaar later meldde Hopkins zich namelijk bij Harrison in de studio om mee te werken aan diens album Living In The Material World. De bescheiden Hopkins en Harrison zullen vast goed persoonlijk geklikt hebben. Muzikaal deden ze dat zeker. Op Give Me Love horen we een prachtig samenspel tussen Harrisons slide-gitaar en Hopkins' pianospel. [video]



Ook Ringo wilde Nicky op zijn plaat
Tijdens de Material World-sessies moet de daar regelmatig aanwezige Ringo Starr hebben gedacht: 'Die Hopkins wil ik ook wel op mijn volgende plaat.' En zo zette Nicky op Ringo's volgende soloalbum het intro in van één van diens grootste solohits, Photograph [video]:



Uiteindelijk klopte McCartney ook aan
Tussen zijn vele sessies door wist Nicky vervolgens in de zomer van 1974 weer tijd te maken om op John Lennons Walls and Bridges mee te spelen, zelf een aantal soloalbums op te nemen en her en der toch te touren. Alleen wanneer zijn gezondheid het toeliet. Pas vele jaren later klopte uiteindelijk ook Paul McCartney ook bij Hopkins aan. Voor een bijdrage aan zijn album Flowers In The Dirt dat in 1989 verscheen. Hopkins verzorgde voor That Day Is Done het toetsenwerk.




Nicky werd slechts 50 jaar oud
Het leven van Nicky Hopkins mag kort maar zeer productief genoemd worden. Op zijn officiële website vind je een lijst met alle albums waar hij een bijdrage aan leverde. Je slaat er van achterover als je bedenkt op hoeveel grote hits zijn pianospel te horen is. Peter van Cappelle zette voor Classic Rock Mag de tien bekendste solo's die Hopkins bijdroeg aan de popmuziek op een rij. Beslist even bekijken! Op 6 september 1994 stierf de getalenteerde pianist, slechts 50 jaar oud, aan complicaties bij een ingreep die opnieuw te maken had met zijn ziekte. Op dat moment werkte hij samen met Ray Coleman aan zijn autobiografie. Het boek zou uiteindelijk, met veel omwegen, in 2010 in het Duits en in 2011 in het Engels verschijnen.




Nicky's meest ontroerende pianopartij
Ik sluit deze blog af met één van de meest ontroerende Beatles-gerelateerde pianopartijen die Nicky Hopkins speelde [video]. Wat mij betret dan. Namelijk die van John Lennons Jealous Guy. Daarover zei drummer Jim Keltner:

Nobody in the world ever played piano like Nicky Hopkins – the way he played chords. A piano is a piano, and the keys are the keys, and the chords are chords, but one individual can make that same piano sound so different from another person and Nicky embodied that whole thing, man. Nicky played like nobody else. Nicky always sounded like he was in a cloud somewhere. His playing was astonishingly beautiful. He always elevated everybody. 





zaterdag 3 december 2016

Number nine: hoe het getal 9 overal opdook in het leven van John Lennon

Het is deze week alweer 36 jaar geleden dat John Lennon in New York werd doodgeschoten, realiseerde ik me. Op maandagavond 8 december 1980 werd John, na terugkomst uit de opnamestudio, opgewacht door Mark David Chapman en neergeschoten bij de ingang van het Dakota Building. Lennon overleed kort daarna in het Roosevelt Hospital aan de zware wonden die de kogels hem toe hadden gebracht. Een gedachte waar we als muziekliefhebbers en Beatles-fans nog steeds maar moeilijk aan kunnen wennen.

Deze week dus natuurlijk een blog over John Lennon, maar dan niet over zijn dood. Ik wil graag stilstaan bij de bijzondere relatie die John had met het getal 9. Dat cijfer dook namelijk overal in zijn leven op en John kreeg er zodoende een speciale band mee. Een band die hij uiteindelijk zelf ook cultiveerde. Een overzicht dus van een aantal belangrijke 'number nines' in het leven van John Lennon!



John werd geboren op 9 oktober 1940
Het begon al direct goed. Op woensdag 9 oktober 1940 kwam John ter wereld in het Liverpool Maternity Hospital aan Oxford Street. Volgens Mark Lewisohns lijvige standaardwerk All These Years was dat wonderlijk genoeg ook nog eens om 6.30 uur 's avonds.

Johns eerste woonadres was op Newcastle Road, nummer 9
Voordat de jonge John uit huis werd geplaatst om bij zijn tante Mimi en oom George op Menlove Avenue een thuis te vinden, woonde hij bij zijn moeder Julia in haar ouderlijk huis op Newcastle Road, nummer 9. Tijdens onze Liverpool-trip reed taxichauffeur Jimmy ons langs dit huis. Hij vertelde dat het gerucht gaat dat Yoko Ono bezig is met de aankoop ervan. Wellicht wordt het ooit nog opengesteld voor belangstellenden of krijgt het een andere bijzondere bestemming.

9 februari & 9 november 1961: The Cavern en Brian Epstein
Het was op 9 februari 1961 dat John Lennon voor het eerst met The Beatles in de Cavern Club speelde. Het was een luncpauzeconcert dat tussen 13 en 14 uur plaatsvond. The Beatles verdienden in totaal 5 pond. En dat moest dan weer door vieren gedeeld worden. Het zou het begin van een lange reeks optredens worden in de muziekkelder aan Mathew Street. In datzelfde jaar daalde op 9 november Brian Epstein de trappen van de Cavern af. Omdat er in zijn platenzaak gevraagd werd naar een single van The Beatles, was hij nieuwsgierig geworden. De ontmoeting op die 9e november zou cruciaal blijken voor het verloop van Lennons leven.

Brian Epstein, in 1963 gefotografeerd in The Cavern

Op 9 februari 1964 veroverden The Beatles Amerika
Exact drie jaar na hun eerste optreden in de Cavern Club, waren The Beatles voor het eerst te zien op de Amerikaanse televisie. De Ed Sullivan Show werd die zondagavond door 73 miljoen mensen bekeken. Dit moment op 9 februari 1964 betekende de grote doorbraak voor de Fab 4.

John ontmoette Yoko Ono op....?
John heeft altijd beweerd dat hij op Yoko Ono ontmoette op 9 november 1966. Yoko Ono's expositie 'Unfinished Paintings' in de Indica Gallery in Londen vond plaats van 8 tot 18 november 1966 en John ging er de avond voor de opening kijken. Daar stond hij voor het eerst oog in oog met de kleine Japanse kunstenares die later zijn vrouw zou worden. Die ontmoeting moet dus op 7 november plaats hebben gevonden, en niet op de 9e zoals John in interviews vertelde. In 1969 liet John zijn naam van John Winston Lennon veranderen in John Ono Lennon. Samen met Yoko Ono Lennon bestonden de namen van John en Yoko vanaf dat moment uit 9 O's.

Affiche voor de expositie van Yoko in Londen

Revolution 9
In het voorjaar van 1968 werkten John en Yoko aan een avantgardistische collage van geluiden, die met de titel Revolution 9 op het White Album van The Beatles zou verschijnen. Het nummer bestond uit een groot aantal tape-loops, aangevuld met geluiden uit de archieven van EMI en eigen opnames. Op één van de tapes uit de EMI-archieven hoorde John een studiotechnicus zeggen This is EMI test series number nine. De woorden number nine werden in een tape-loop als intro van het nummer gebruikt. Gecombineerd met het pianothema, vormde dit fragment het wat onheilspellende begin van de geluidscollage op het witte dubbelalbum.

In de weer met taperecorders, 1968

#9 Dream
Zoals Paul McCartney ooit het nummer Yesterday droomde, kwam bij John Lennon het liedje #9 Dream tot hem in zijn slaap. Althans zo vertelde zijn toenmalige vriendin May Pang: This was one of John's favorite songs, because it literally came to him in a dream. He woke up and wrote down those words along with the melody. He had no idea what it meant, but he thought it sounded beautiful. Het borduurde voort op de demo So Long waar hij eerder dat jaar aan gewerkt had. #9 Dream kwam terecht op het album Walls & Bridges uit 1974. Op de hoes van die plaat, zien we een gedeelte van een tekening die John als 11-jarige jongen maakte. Op de oorspronkelijke tekening draagt de voetballer rugnummer 9.

De tekening die gebruikt werd voor de hoes van Walls & Bridges

Johns zoon Sean werd geboren op 9 oktober 1975
Ik heb het altijd een mooi toeval gevonden dat Sean Lennon, de zoon van John en Yoko, ter wereld kwam op Johns 35ste verjaardag. Vader en zoon op dezelfde dag jarig. En weer op die 9e. Laatst kwam ik er achter dat Sean een aantal weken te vroeg ter wereld kwam. Niet omdat daar een medische noodzaak voor was. Nee, omdat zijn ouders dat wilden. Volgens Japanse tradities zou het gunstig zijn wanneer het kind op de verjaardag van de vader ter wereld kwam. Yoko's bevalling werd dus zorgvuldig gepland en de kleine Sean zag op 9 oktober 1975 het levenslicht. 

John met Sean, oktober '75

Wat was de datum waarop John stierf..?
Dan zijn we weer bij de gebeurtenissen waarmee ik deze blog begon. Op de late avond van 8 december 1980 werd John neergeschoten voor zijn huis in New York. Reanimatie in het ziekenhuis mocht niet meer baten. John Lennon werd doodverklaard op 8 december 1980 om 23.15 uur in het Roosevelt Ziekenhuis in Manhattan, New York. Maar welke datum was het inmiddels in het land waar hij ruim veertig jaar daarvoor werd geboren?





zaterdag 5 november 2016

Met welke nummers probeerden John, Paul en George in elkaars huid te kruipen?

Wanneer je een aantal jaren intensief samen in een band hebt gespeeld, zoals John, Paul, George en Ringo, lijkt het haast onvermijdelijk dat je elkaar muzikaal beïnvloedt. Als je ook nog eens uit dezelfde stad komt en als tiener wegdroomt bij dezelfde muzikale jeugdhelden, dan heb je bijna een gemeenschappelijk muzikaal DNA. Dat was zeker het geval bij John, Paul, George en Ringo. Wanneer we Ringo dan even buiten beschouwing laten (omdat hij meer drummer dan componist was en is) dan kun je zeggen dat de overige drie elkaar onderling op muzikaal gebied enorm moeten hebben beïnvloed. Die wederzijdse beïnvloeding en inspiratie hield niet op bij het uiteengaan van The Beatles in 1970. Hoewel John, Paul en George verschillende persoonlijkheden hadden en solo-albums in zeer uiteenlopende muziekstijlen maakten, resoneert er in veel van hun nummers toch eenzelfde ondertoon. Misschien begrijp je wat ik bedoel.

Opnamesessie in 1968: John, George en Paul in de EMI-studio aan Abbey Road

John, Paul en George schreven elk een lied met één van de anderen in gedachten
Deze week zag ik ineens een hele aardige overeenkomst tussen de drie componisten binnen The Beatles. Want ooit hebben zowel Lennon, als McCartney als Harrison bewust een poging gedaan om een nummer te schrijven met één van de andere ex-bandleden in gedachten. Daarbij heb ik het niet over de liedjes die de heren schreven om elkaar openlijk te bekritiseren of te eren (tekstueel gezien). Nee, ik doel op het bewust componeren van een nummer in de stijl van de ander. Misschien gebeurde het zelfs vaker dan één keer, maar van onderstaande liedjes weten we het zeker. Simpelweg omdat John, Paul en George er zelf ooit iets over vertelden in interviews. Ik vond het wel een interessante invalshoek voor de blog van deze week. Eigenlijk ben ik ook wel benieuwd of er méér is dan dit. Het maakt me nieuwsgierig of jullie de inspiratie daadwerkelijk kunnen horen en of de heren geslaagd zijn in hun opzet. Een muzikaal rondje dus, over deze onderlinge muzikale hints.

John en George

Friends To Go: Paul doet een George Harrison
Eind 2001 overleed George Harrison. Amper vier jaar later voelde Paul McCartney, gitaar op schoot, naar eigen zeggen, alsof zijn oud-bandmaatje hem rechtstreeks inspiratie gaf een nummer te schrijven. Het rolde als het ware zo uit zijn vingers. The funny thing about it was I felt as if I was almost George Harrison during the writing of that song. I just got this feeling this is George, aldus Paul. It just wrote itself very easily 'cause it wasn't even me writing it. Over inspiratie gesproken. Ik kan er inkomen, dat het een Harrisong of een nummer van The Traveling Wilburys zou kunnen zijn geweest. Al mis ik een slide-gitaar, het is beslist een geslaagde compositie: de mooie lange melodielijn, de fijne drive in de akoestische gitaar en de tekst die ook vanuit het perspectief van George geschreven lijkt:

I've been waiting on the other side, for you friends to leave
So I don't have to hide, I prefer they didn't know
So I've been waiting on the other side for you friends to go
You never need to worry about me, I'll be fine on my own
Someone else can worry about me
I've spent a lot of time on my own

Kijk en luister naar een clipje uit 2005, waarbij Paul en zijn band het nummer gebruiken voor een soundcheck tijdens de tour van dat jaar. Friends To Go werd, voor zover mij bekend, nooit tijdens een concert gespeeld, maar kwam datzelfde jaar in een mooie studioversie terecht op Pauls album Chaos and Creation in the Backyard. [filmpje]




Can't Stop Thinking About You: George doet een John Lennon
En daarmee kome ik als vanzelf uit bij George Harrison. Deed hij ook wel eens een poging in de huid te kruipen van één van zijn oude vrienden? In 1975 schreef George de piano-ballad Can't Stop Thinking About You. Een nummer met een aardig refrein, dat verder nogal bloedeloos klinkt. In de coupletten dwarrelt de melodielijn wat in het rond, waardoor het geheel simpelweg niet beklijft. John Lennon had het waarschijnlijk wat meer recht door zee gedaan, met een krachtiger resultaat. Qua arrangement en productie benadert George wel de sfeer van een Lennon-nummer. Vooral van de John Lennon die we kennen uit zijn Imagine- en Mind Games-periode, met de wat trage, bombastische sound, waarin veel ruimte was voor violen. Over Can't Stop Thinking About You zei George zelf in een radio-interview Oh, that's my impersonation of John Lennon. Yeah it was hard to sing that first chorus. [filmpje]




#9 Dream: John doet een George Harrison
In 1970 al schreef George Harrison Try Some, Buy Some. Een liedje dat hij in februari 1971 opnam met Ronnie Spector (zangeres bij The Ronettes en vrouw van producer Phil Spector). Toen al was John Lennon bijzonder geïnteresseerd in de sound, zeg maar gerust wall-of-sound, van het nummer, uiteraard gecreëerd door Phil Spector. John vroeg Phil om voor het nummer Happy X-Mas (War is Over) een zelfde soort arrangement te gebruiken, waarbij de vele partijen laagje voor laagje en met een flinke dosis galm op de band werden gezet. George gebruikte de backing track van Try Some, Buy Some in 1973 voor zijn eigen album Living In The Material World. Hij zong het nummer daarbij zelf in. De plaat verscheen in mei van dat jaar. Opnieuw was John Lennon geïnspireerd door het nummer, dat overigens ook door David Bowie werd gecoverd. De omlaag lopende violen zetten Lennon aan het denken over een eigen nummer. Dat werd uiteindelijk #9 Dream. John nam het in de zomer van 1974 op en het nummer verscheen dat najaar op zijn album Walls and Bridges en ook nog eens als aparte single. Zelf vind ik #9 Dream één van de allermooiste liedjes die John maakte. Maar horen we daadwerkelijk de George Harrison-inspiratie hier? Oordeel zelf bij het afspelen van beide nummers. En de laatste vraag: wie van de drie Beatles slaagde het beste in zijn opzet? [2 filmpjes]






[Met dank aan Jan Cees ter Brugge, die me het ontbrekende puzzelstukje aanreikte waarmee ik deze blog kon completeren. Ik heb een paar dagen mijn hoofd gebroken over welk nummer van John Lennon toch ook alweer op Try Some, Buy Some van George Harrison gebaseerd was. Ik wist zéker dat ik er ooit iets over gelezen of gehoord had, maar kon het niet meer traceren. Jan Cees wist precies wat ik bedoelde en kwam met de oplossing!]