zaterdag 7 mei 2022

Wie speelden de hoofdrol in Paul McCartneys Let 'Em In?

Midden jaren '70 ging Paul McCartney met zijn band Wings als een speer. Het trauma van de Beatles-breakup leek verwerkt, zijn relatie met John Lennon was in rustiger vaarwater gekomen en inmiddels lag de wereld opnieuw aan zijn voeten. Uit die succesperiode stamt het nummer Let 'Em In: de openingstrack van het album Wings At The Speed of Sound (maart 1976) en ook nog apart verschenen als single (juli 1976). Oorspronkelijk schreef Paul het nummer voor Ringo, die het uiteindelijk toch niet wilde hebben. Het is een statige, hoekige, maar ook aanstekelijke mars, waarin Paul diverse personen ten tonele voert. Over wie zingt Paul?


Sister Suzy
Hiermee refereert Paul aan zijn eigen Linda. In een interview vertelde hij dat Linda tijdens hun vakantie op Jamaica door veel locals Suzy genoemd werd. In 1977 bracht Wings onder het pseudoniem  "Suzy and the Red Stripes" de single Seaside Woman uit, geschreven door Linda. Ook Linda refereerde aan de vakantie in Jamaica, waarbij ze vertelde dat de locals doelden op een reggae-versie van het nummer Suzi Q. De "red stripes" sloegen op het Jamaicaanse bier: Red Stripe.




Brother John en Martin Luther

In zijn recent verschenen boek The Lyrics bevestigt Paul dat het hier gaat om John Lennon én om Linda's broer John Eastman. Al las ik ook eerder dat Paul over Brother John zei: "Whoever you want it to be really." Hoe dan ook, voor Paul was zijn zwager John ook nooit ver weg. 
Linda's vader en broer vertegenwoordigden als juridische krachtpatsers Paul tijdens het uiteengaan van The Beatles. Daarbij kozen de overige drie Beatles voor Allen Klein. Het volgende personage in Let 'Em In, Martin Luther, zou volgens sommige bronnen wel echt op John Lennon slaan, die binnen The Beatles door de andere drie plechtig John Martin Luther Lennon genoemd werd. Ik heb daar nooit breed iets over gelezen. Dus besloot ik aan te kloppen (hoe toepasselijk) bij Yorick van Norden, een groot McCartney-kenner die bovendien werkt aan een boek over het oeuvre van Macca. Yorick stuurde me dit stukje interview, waarvan ik de bron even schuldig moet blijven:

Question: “Right so Martin Luther was Martin Luther...”

Paul: “Yes it is actually Martin Luther knocking at my door, yes!”

Question: “Well of course he knocked on the door didn’t he....”

Paul: “Respect! Respect for Luther. Yes that’s... Martin Luther King.”


Paul met zijn schoonvader Lee en zwager John (rechts) Eastman


Phil and Don
Over identiteit van deze personen kan geen enkele twijfel bestaan. Het zijn Phil en (de afgelopen zomer ook overleden) Don Everly. Paul besloot zijn grote idolen te vereeuwingen in Let 'Em In. Toen de prille Beatles in 1958 het nummer All I Have To Do Is Dream hoorden, waren ze enorm onder de indruk. "When we heard it, it blew us away" vertelde McCartney daarover. Paul zou later het nummer On The Wings of A Nightingale voor zijn idolen schrijven. Het werd hun grote comeback-hit.

Deze foto van The Everly Brothers en The Beatles ging afgelopen
zomer veel rond, na het overlijden van Don Everly. Zelfs Ringo gebruikte 
hem op zijn social media. De foto is echter nep: het zijn twee
separate foto's van beide bands die tot één groepsfoto
samengevoegd werden.


Brother Michael en Auntie Gin
Met deze twee namen zijn we in de familie McCartney beland. Michael, ofwel Mike, is Pauls jongere broer, ook wel bekend als Mike McGear: fotograaf en muzikant. Pauls broer maakte fantastische foto's van Paul, John en George in hun jonge jaren. Van zijn hand verschenen verschillende geweldige fotoboeken over het Liverpool van de jaren 50 en 60. Met The Scaffold scoorde Mike hits als Lily The Pink en Thank You Very Much. Op zijn album McGear (1974) is de voltallige band Wings te horen. In The Lyrics oppert Paul dat "Michael" ook nog zou kunnen slaan op Michael Jackson, omdat hij The Jackson 5 had ontmoet op het release-feestje van het voorgaande album Venus and Mars. Hoe dan ook: Paul en zijn broer Mike moesten "tante" zeggen tegen het volgende personage in Let 'Em In. Auntie Gin (Jin) was één van Pauls  tantes. Een zus van zijn vader, om precies te zijn. Auntie Gin was verantwoordelijk voor het koppelen van Pauls ouders Jim en Mary. Na Mary's dood sprong Auntie Gin, samen met een aantal andere ooms en tantes bij om weduwnaar Jim wekelijks met het huishouden aan Forthlin Road te helpen. Ook vierde Paul zijn 21s
te verjaardag thuis bij Auntie Gin, die wat ruimer woonde in het bij Liverpool gelegen Huyton. Dit was het beruchte feestje waar een dronken en woedende John Lennon discjockey Bob Wooler tegen de grond sloeg, omdat Wooler hem confronteerde met zijn vermeende relatie met Brian Epstein.

Paul en Michael McCartney
 

Paul met zijn Auntie Gin

Uncle Ernie en Uncle Ian
De verwijzing naar Uncle Ernie in Let 'Em In is er eentje die iets meer verkapt is. Het gaat hier namelijk om Pauls goede vriend Keith Moon. De drummer van The Who speelde in 1975 in de filmversie van rockopera Tommy de rol van Uncle Ernie. Op 6 september 1978 dineerden Paul en Keith nog. Na een gezamenlijk bezoek aan de film The Buddy Holly Story overleed Keith Moon in de flat van Harry Nilsson in Londen. Tenslotte voert Paul nog een familielid op: Uncle Ian. Al was het feitelijk Pauls neef Ian, de zoon van Auntie Gin: 

"Ian, yes – that was my cousin Ian, who also (these are complicated things) is sometimes known as Ern, it’s all a great big melange really. But yes, my cousin Ian Harris, Auntie Gin’s son."

Keith, Linda en Paul

Met dank aan Yorick van Norden.


zaterdag 23 april 2022

Wat deed Sean Lennon vorige maand in Liverpool?

Hij is natuurlijk één van de vaandeldragers van het Beatlesimperium. Het lijkt erop dat hij zijn oude moeder defnitief is opgevolgd. Eind maart was Sean Lennon (46) in Liverpool om er het Yoko Ono Lennon Performance Center te openen. Zijn bezoek was niet groots aangekondigd, maar bleef zeker niet onopgemerkt. 


Mathew Street
Af en toe duikt Lennons jongste zoon op in de stad waar zijn vader ooit ter wereld kwam. Wie Seans social media in de gaten houdt, ziet wel eens een snapshot of een Insta-story voorbij komen. Van Strawberry Fields, van Menlove Avenue. Eind maart was dat van een knalgele, geparkeerde Magical Mystery Tour-toeristenbus op de Albert Dock, gevolgd door een foto van de ingang van The Cavern. Sean was duidelijk in town. Dat ontdekten ook een paar toeristen die nietsvermoedend door Mathew Street wandelden. Het leverde leuke situaties op: mensen die hem aanstaarden, iets vertrouwds zagen in zijn gelaatstrekken, zichzelf afvroegen of hij misschien niet...? "Are you famous?" vroeg iemand hem. "No I'm just related to some famous people," was Seans antwoord. "Well you look exactly like Ozzy Osbourne," verzekerde de man hem. Sean kon er wel om lachen, poseerde voor foto's en lijkt zijn identiteit en levensweg inmiddels te hebben aanvaard.

Sean Lennon poseert op 24 maart 2022 met toeristen in Mathew Street.
Foto via Mark Ashwworth.


Tung Auditorium
Toch liep de jongste Lennon-telg niet zomaar in Liverpool rond. Sean was er om uit naam van zijn moeder het Yoko Ono Lennon Centre te openen. Een centrum voor uitvoerende kunsten, gelieerd aan de University of Liverpool, met een state of the art concertzaal, The Tung Auditorium. De zaal met een capaciteit van 400 bezoekers dankt zijn naam aan het Chinese hout dat gebruikt werd om de ruimte een hoogwaardige akoestiek te geven. Yoko, inmiddels 89, was zelf niet bij de opening. Volgens Sean vormt haar leeftijd inmiddels een te groot risico om in Covid-tijd te reizen. Bovendien bestaat in het algemeen de indruk dat haar geestelijke vermogens het niet meer toelaten een officiële rol te vervullen bij dit soort evenementen. Sean had zijn moeder trouwens de afgelopen twee Covid-jaren in huis genomen, in zijn afgelegen boerderij in upstate New York, zo'n drie uur rijden van de stad, vertelde hij.

Sean bij de opening van The Tung Auditorium


Erkenning
Tijdens de openingsspeech benoemde Sean hoe belangrijk zijn moeder het vindt de nalatenschap van zijn vader in en rond Liverpool in stand te houden. Daar moet het theater, gesitueerd op de hoek van Grove Street en Oxford Street, de komende jaren aan bijdragen. Toen ik in 2015 en 2019 in Liverpool was, zag ik hoe bouw van de hal in volle gang was. "They say that behind every great man was a great woman," sprak Sean. "But my parents famously stood beside eah other as equals." Ook liet hij weten hoe belangrijk het voor hem was dat zijn moeder de laatste jaren steeds meer erkenning kreeg voor de bijzondere vrouw en artiest die ze is.


Zorg voor het Beatles-erfgoed
Die middag had Sean nog een aparte ontmoeting met zes studenten van The University of Liverpool die een master volgen op het gebied van The Beatles. Eén van hen was Steve Bradley, die al jaren een blog en podcast heeft over The Beatles en Liverpool. Uit zijn verslag van die middag, begreep ik dat Sean twee uur aanwezig was op de universiteit, waar hij een college bijwoonde en aansluitend uitgebreid met de studenten in gesprek ging. Bijvoorbeeld over zijn gevoelens bij de nieuwe Get Back-documentaire, zijn contacten met Peter Jackson tijdens het maakproces en de reden waarom zijn ouders in die periode onafscheidelijk waren. Volgens Sean was het juist John die Yoko permanent bij zich wilde hebben. Uit het gesprek bleek tevens dat Sean zich ten doel heeft gesteld zijn leven voor een belangrijk deel te wijden aan de zorg voor het Bealtes-erfgoed. Ook om nieuwe generaties daarmee in contact te brengen. Je vindt het complete verslag van de ontmoeting tussen Sean en de masterstudenten op de website van Steve Bradley. Beslist interessant om te lezen.

Sean in Ye Cracke,
de studentenkroeg van zijn vader.


Stuart en Yoko: alfa en omega
Tenslotte keken personeel en bezoekers van Ye Cracke verbaasd op, toen Sean er nog even naar binnen stapte voor een "pint". Het was de kroeg waar zijn vader als student menig biertje kwam drinken. Onder andere samen met Stuart Sutcliffe. Eerder die middag noemde master-docent Dr. Steve Mike Jones (University of Liverpool) juist Stuart Sutcliffe samen met Yoko Ono "the book-ends of Johns Beatles career". Twee kunstenaars. Het begon met Stuart, het eindigde met Yoko. De analyse kon op Seans goedkeuring rekenen. Net als het Guinness-bier in Ye Cracke, zo meldde de pub later trots op Facebook. 


zaterdag 9 april 2022

Op excursie naar Paul McCartney-The Lyrics in de Londense British Library (met podcast)

Kwam het er toch nog van, een paar weken geleden. Op een vroege donderdagochtend in maart bezocht ik met Wibo, Jan Cees en Michiel van het Fab4Cast-team de expositie Paul McCartney: The Lyrics. Een last minute-besluit, nu de coronaregels wat versoepeld waren. Eigenlijk konden we het ook niet verder uitstellen, want het was de laatste week waarin de expositie in de imposante hal van The British Library te zien was. Dus boekten we trein- en vliegtickets. Dus gingen we naar Londen.


Amper 24 uur
Wibo en ik arriveerden al op woensdagavond, per trein. Geweldig om bijna pal voor The British Library de hal van St. Pancras Station uit te wandelen. Direct rode dubbeldeckers, zwarte taxi's. Helemaal Londen. Het was ook al even geleden voor me. In juni 2019 was ik er voor het laatst, toen The Analogues hun Abbey Road-sessie opnamen in de gelijknamige studio. Nu diende zich een nieuw Beatles-avontuur aan in de Britse hoofdstad. De plek waar zoveel Beatlesverhalen bij elkaar komen. Achter een deel van die verhalen zouden we aan gaan, in de amper negen uur die we als team bij elkaar waren. 



British Library
Jan Cees en Michiel troffen we de volgende ochtend. Zij waren in alle vroegte naar Londen gevlogen. De versgezette koffie in het café van The British Library smaakte dan ook goed, nadat we al even poseerden onder de gigantische banier met McCartney's afbeelding en de aankondiging van de expositie. "Wat zouden ze achteraf met zo'n banier doen?" droomde Jan Cees. We vonden de expositie langs de achterwand van de centrale hal. Klein maar smaakvol opgezet. Zo'n zeventien meter aan panelen, telde Michiel. Met originele handgeschreven songteksten en foto's. In lijsten en vitrines. In de verschillende secties hingen kleine geluidsboxen, waaruit zachtjes de muziek klonk, die hoorde bij een deel van de teksten.



Het bijbehorende boek
Paul McCartney: The Lyrics opende op 5 november 2021 en ondersteunde de publicatie van het gelijknamige boek, waarin Paul afgelopen najaar een selectie van 154 liedjes presenteerde, die hij in de periode 1956-heden schreef. Ongetwijfeld hebben velen van jullie de twee banden in de harde kartonnen cassette inmiddels in de boekenkast staan. Een prachtig kijk- en leesboek, vol foto's, persoonlijke verhalen en dus die songteksten. Fab4Cast wijdde er eind vorig jaar al een mooie en informatieve bespreking aan, waarbij ook Yorick van Norden te gast was. 





Van potlood, naar zwart naar rood
Zoals Paul in dat boek zijn leven aan de hand van zijn songteksten vertelde, zo vormde de bescheiden expositie in de British Library ook een kijkje in het leven van McCartney. Wel een heel bescheiden kijkje, moet ik zeggen, aan de hand van enkele teksten en foto's (van Michael McCartney en Linda McCartney). Toch is het altijd bijzonder om met je neus op het werk van de meester te kunnen staan. We zagen hoe Paul voor Here, There and Everywhere met een potlood begon te krabbelen, waarna hij overstapte op een zwarte pen en eindigde in rode inkt. De jonge songwriter die een tekst start, weglegt en weer oppakt. Vol doorhalingen en alternatieve zinnen en woorden. Je hoort er meer over in de podcast die we tijdens de bezichting opnamen.



Netjes uitgeschreven
Niet alle songteksten waren de originele versies, die echt tijdens het componeren tot stand waren gekomen. Althans, zo leek het ons. Bij Here, There and Everywhere, maar ook bij Jenny Wren en Pipes of Peace was dat wel het geval. Dubbel beschreven blaadjes, doorhalingen, uit een schrift of notitieblok gescheurd. Maar de keurig uitgeschreven teksten van Yesterday en Hey Jude konden onmogelijk de oorspronkelijke versies zijn. Wel netjes uitgeschreven door de Meester, maar haast zeker in een later stadium. Misschien tijdens het opnameproces, misschien nog later, misschien... speciaal voor deze expositie? We weten het niet. In elk geval kwamen alle teksten uit het MPL-archief dat al jaren minutieus door McCartneys archiefteam wordt beheerd. Die inspanningen betalen zich vooral uit in het boek, minder in de expositie.  [video]



The famous Beatle Paul McCartney
Sfeervol was het wel, in de hal van de British Library. Terwijl we naar Pauls handschriften tuurden passeerde een bibliothecaris met een schoolklas. Meisjes en jongens van een jaar of zeven. "This is from the famous Beatle Paul McCartney, but you probably won't know him," lichtte de bibliothecaris toe, terwijl ze een armgebaar richting de panelen maakte. De kinderen wierpen er een snelle blik op, maar moesten verder. Zij waren daar niet voor Paul. Toch maakte het me blij dat jonge kinderen in Engeland al jong in contact gebracht werden met hun rijke (literaire) geschiedenis.

Shakepeare, Wilde en Lennon
Die rijke geschiedenis was ook zeker te vinden in de naastgelegen schatkamer van de British Library. We namen er nog een kijkje, nadat we alles bij McCartney gezien hadden. Een zwak verlichte ruimte, vol vitrines met de meest spectaculaire selectie handschriften uit de (Britse) geschiedenis. Ook daar was een vitrine gereserveerd voor The Beatles. Terecht. Ze lagen er tussen Shakespeare, Oscar Wilde, Hildegard von Bingen en Frédéric Chopin. Zo zagen we de originele tekst van A Hard Day's Night, die John Lennon op de achterkant van een verjaardagskaart voor Julian pende. Net als In My Life, waarin hij oorspronkelijk melding maakte van zijn herinneringen aan Penny Lane, en... een nooit gebruikte songtekst uit 1967 van George Harrison. Ook zagen we Macca's Michelle, nog voordat hij er de Franse passages aan toevoegde. Nieuwsgierig? Ook naar de rest van onze Mad Day Out in Londen? Zet even lekker onze podcast op! 


zaterdag 26 maart 2022

Wie bedacht nu écht de uitdrukking 'It's been a hard day's night'?

Wanneer ik zeg: It's been a hard day's night, wat zeggen jullie dan? Als ik de antwoorden probeer te raden, dan kom ik uit op: 1964, het album, de film, Beatlemania, de langzamer opgenomen gitaarsolo van George, dat intrigerende openingsakkoord en.... die verkeerd gebruikte uitdrukking van Ringo Starr. In goed Engels ook wel een malapropism genoemd. De andere Beatles hadden het over een Ringoism. Net als velen heb ik het altijd als waarheid aangenomen dat Ringo's verzuchting it's been a hard day's night John Lennon inspireerde tot het schrijven van het nummer A Hard Day's Night. Met een beetje hulp van Paul McCartney.


Een lange drukke dag
Toch stuitte ik onlangs op een ander verhaal over de herkomst van de uitdrukking. Algemeen wordt aangenomen dat Ringo, waarschijnlijk op 19 maart 1964, na een lange werkdag de woorden it's been a hard day uitsprak, waarna hij zich realiseerde dat het al avond was en daar in één adem 's night aan toevoegde. Mark Lewisohn schreef erover in The Beatles Chronicle (2000). Ook Barry Miles benoemde het voorval in The Beatles: A Diary (2007). Zij haalden Ringo zelf aan, die al in 1964 vertelde over de door hem gebruikte zin. Zo zou Ringo op een bomvolle negentiende maart uitgeput verzucht hebben dat het allemaal wel érg druk was, met filmopnames in de ochtend en middag, gevolgd door het Variety Club Awards Diner in het Londense Dorcester Hotel. Daar moesten The Beatles 's avonds namelijk ook nog hun opwachting maken. 

The Beatles ontvingen op 19 maart 1964 uit handen
van Harold (Ha-ha Mister) Wilson een
Show Business Personalities of 1963 Award
in het Dorcester Hotel te Londen.



Beter dan de beide werktitels
Regisseur Richard (Dick) Lester pikte Ringo's woorden op en vond ze geschikt als titel voor de eerste film die hij met The Beatles maakte. Een film die tot dat moment saaie werktitels had als The Beatles en Beatlemania. Iets als A Hard Day's Night vatte op een creatievere manier het plot van de film samen. Het verhaal draaide namelijk om 36 uur, ruim een dag, uit het leven van de band. Vervolgens zou deze nieuwe filmtitel John Lennon weer geïnspireerd hebben tot het schrijven van het gelijknamige nummer. Het klinkt logisch, maar ik kwam erachter dat het eigenlijk anders zat...

Richard Lester temidden van The Beatles
op de set van A Hard Day's Night



De blinde en dove Michael
In werkelijkheid moet Ringo de inhoud van Johns korte verhaal Sad Michael hebben gekend. Op die overvolle negentiende maart 1964 lagen de exemplaren van de eerste druk van Lennons debuut In His Own Write vermoedelijk al in de magazijnen van menig boekwinkel. Te wachten op het moment waarop ze in de schappen mochten worden gelegd. Dat moment was op 24 maart, de datum waarop de bundel officieel verscheen. In zijn boekje liet Lennon de lezer in 80 pagina's kennismaken met zijn absurdistische tekeningen en teksten. Eén van die teksten was getiteld Sad Michael. In het korte verhaal lezen we dat de blinde en doofstomme Michael (Lennon had een fascinatie voor mensen met een handicap) uit zijn slof schiet tegen een politieagent. In de eerste zinnen schrijft Lennon:

There was no reason for Michael to be sad that morning, (the little wretch); everyone liked him, (the scab). He'd had a hard day's night that day for Michael was a Cocky Watchtower.



Eartha Kitt
Toch is het ook de vraag of Lennon op zijn beurt niet geïnspireerd was door Eartha Kitt. De Amerikaanse zangeres bracht in 1963 het nummer I Had A Hard Day Last Night uit. Het is niet ondenkbaar dat Lennon dat gehoord had en zich er (onbewust) door liet inspireren. Dat zou hem nog wel eens vaker overkomen.



zaterdag 12 maart 2022

Waarom Dizzy Miss Lizzy nog steeds als een hysterische haastklus klinkt

Natuurlijk kan ik hier het repertoire van The Beatles met superlatieven beschrijven, de liedjes die ze opnamen de hemel inprijzen. Toch leek het me ook leuk om eens stil te staan bij een nummer dat ik niet-kan-hó-ren. Eentje waarvan me de rillingen over de rug lopen: één van de weinige Beatlesnummers die ik zachter zet, uit zet of gewoonweg oversla. Ik heb het niet over geijkte kandidaten als Revolution #9, Yellow Submarine of Don't Pass Me By. Drie woorden: Dizzy Miss Lizzy. 




Uit de schaduw van Little Richard
Het scheelt: we hebben het over een cover. Ruim zeven jaar nadat de Amerikaanse rock 'n' roll-zanger Larry Williams zijn eigen compositie, getiteld "Dizzy, Miss Lizzy" (ook wel vermeld als "Dizzy, Miss Lizzie") opnam, legden The Beatles ook hun versie van de klassieker vast. Williams probeerde met "Lizzy" een geschikte opvolger toe te voegen aan het succes dat hij had een paar maanden eerder had met de hit Bony Moronie. Een tweede doel moet ongetwijfeld geweest zijn uit de schaduw te treden van die andere grote rock 'n' roll-zanger, Little Richard. Of het nu ging om Larry Williams of Little Richard: The Beatles hadden de beide energieke Amerikaanse zangers, met hun expressieve, wat harde en stoere rock 'n' roll-strot stevig in het vizier. Liet Paul McCartney zich graag uitdagen om het werk van Richard te zingen, dan waagde Lennon zich met zijn ruige register wel aan Larry Williams. En in het bijzonder dus aan diens Dizzy Miss Lizzy, zoals The Beatles de titel van het nummer overnamen. 





Moegestreden
Op maandagavond 10 mei 1965 stond in Studio Two zelfs de hele avond in het teken van Larry Williams. En eigenlijk was dat wel een "moetje". Moegestreden van opnames voor hun tweede bioscoopfilm Help! lieten de bandleden zich overhalen voor een avondsessie omdat er nog wat extra materiaal nodig was. De druk kwam van hun Amerikaanse platenlabel Capitol Records. Het label had zo zijn eigen strategie om het Beatlesrepertoire naar de onverzadigbare Amerikaanse markt te brengen. 



Op verzoek van Capitol
Dat gebeurde door zes Amerikaanse albums te "persen" (letterlijk en figuurlijk) uit de vier studioalbums die The Beatles inmiddels hadden uitgebracht. Door minder nummers per lp op te nemen, kon het bestaande repertoire over meer albums uitgesmeerd worden. Inmiddels schreeuwde de overzeese markt om een nieuw Beatlesalbum, maar was de beschikbare oogst van negen Beatlesnummers (minder dan 25 minuten muziek) net iets te mager om er een plaat van te persen en een nieuwe hoes omheen te stoppen. De release van "Beatles VI" stond gepland voor 14 juni 1965, maar er moesten nog twee nummers bij om de plaat compleet te maken. Maar je bent Fab of niet. En dus sleepten de vier zich die maandagavond de 10e mei opnieuw naar EMI. En dus werden er twee betrekkelijk eenvoudige covers uit het Larry Williams-repertoire gekozen, om de Amerikanen kort en goed hun zin te geven.

Hier dan toch weer "Lizzie"



Het repetitieve gitaarloopje
Zodoende namen de jongens die maandagavond zowel Dizzy Miss Lizzy als Bad Boy op. Hoewel ik Bad Boy nog wel redelijk uitgebalanceerd vind klinken, galmt Dizzy Miss Lizzy nog steeds na als een hysterische haastklus. Misschien zijn er mensen die het prachtig vinden, maar ik kan er niet naar luisteren. Het harde, repetitieve (double-tracked) gitaarloopje, het constante gebeuk op de bekkens, het over-the-top geschreeuw van John Lennon: het is me allemaal te veel. Zeker als je hoort dat het anders kon: de Lizzy van Larry werd een stuk subtieler en bluesier gezongen. Bovendien zorgde de prominente piano in die versie net voor wat meer rythm & blues. Net als het selectievere gebruik van dat kenmerkende gitaarloopje.



Noodgreep
Hoewel de Beatles-versie van Dizzy Miss Lizzy niet bedoeld was voor hun eerstvolgende reguliere album Help! werd het nummer goed genoeg bevonden om er de plaat, na het ingetogen Yesterday, mee af te sluiten. Vier jaar later trok John Lennon "Lizzy" opnieuw uit de kast, toen hij in september 1969 op het laatste moment besloot op te treden bij het Rock 'n Roll Revival Festival in Toronto, Canada. Ook toen had hij in allerijl repertoire nodig, dat hij zo uit zijn mouw kon schudden. Miss Lizzy bleek weer een dankbare keus. En misschien wel opnieuw een noodgreep.

zaterdag 26 februari 2022

Things We Said Today: een under-covervakantie, met schuilnamen, verwisselde paspoorten en een roodverbrand hoofd

Verlangend naar het voorjaar dacht ik deze week aan de tropische vakantietrip die The Beatles in mei 1964 maakten. Na een aantal zeer drukke maanden besloot Brian Epstein de groep te splitsen en daarbij John en George met Cynthia en Pattie naar Tahiti te sturen, terwijl hij Paul en Ringo met Jane en Maureen op het vliegtuig zette richting de Maagdeneilanden. Best interessant om te zien hoe Epstein het duo Lennon-McCartney uit elkaar trok in die periode. Waarom zou hij dat gedaan hebben? Was het nodig voor de balans in de band?


Met een schuilnaam op reis
Al hadden The Beatles er in het voorjaar van 1964 al heel wat vliegkilometers opzitten, ze moesten nog even doorbijten om op hun tropische bestemming te komen. Voor Paul en Ringo hield dat in dat ze met hun vriendinnen via een undercover-operatie richting de zon moesten reizen. Zo huurde Brian Epstein een reisagent in die een plan moest opstellen om de twee stellen buiten het zicht van de pers op hun bestemming te krijgen. Zo reisde Paul onder de schuilnaam Mr. Manning en werd Ringo omgedoopt tot Mr. Stone. Hun vriendinnen? Mrs. Ashcroft (Asher) en Mrs. Cockcroft (Cox). Derek Taylor zoog de namen uit zijn duim. Achteraf bezien heeft het iets hilarisch. Het doet denken aan het script voor een James Bond-film.

Paul, Jane, Maureen en Ringo
 tijdens hun vakantie in mei 1964


Verwisselde paspoorten
Paul en Ringo vlogen van Londen naar Parijs en stapten daar over naar Lissabon, waar ze overnachtten. Ringo zou zich later herinneren dat er nog enige verwarring was, doordat hij en Paul de paspoorten van John en George hadden meegekregen. Samen met Pauls vermomming leverde dat bijzondere momenten op aan de hotelbalie in Lissabon. Uiteindelijk zou het stel arriveren op St. Thomas, één van de Maagdeneilanden, die zo'n honderd kilometer ten oosten van Puerto Rico liggen. De paspoorten werden nagestuurd. De meedogenloze tropische zon zorgde ervoor dat Paul al op dag één heftig verbrandde. Met zijn gitaar trok hij zich terug in één van de hutten op het jacht Happy Days dat die weken tot hun beschikking stond. Terwijl John in Tahiti werkte aan één van zijn bekende korte verhalen, componeerde Paul het nummer Things We Said Today. Grappig genoeg zou Paul, precies 13 jaar later, in mei 1977 opnieuw op een boot stappen om bij de Maagdeneilanden te varen. Met Wings werkte hij die periode op het schip The Fair Carol aan het album London Town. Maar zover was het in mei 1964 nog niet.


Maagdeneilanden, mei 1977


Mineuren en majeuren
De warme en kleurrijke omgeving is, zo vind ik zelf althans, niet terug te horen in Things We Said Today (hier in een versie die werd gespeeld bij de BBC). De song zou later die zomer terechtkomen op het album A Hard Day's Night. In het couplet doen de mineuren eerder denken aan regenachtige zondagmiddag in Noord-Engeland. En aan een Lennon-compositie. McCartney zei daarover dat het afwisselen van het Amineur- en Emineur-akkoord hem direct aan een folk-song deden denken. Maar, zoals we dat tóch weer van Macca gewend zijn, komt in het refrein het majeur-gevoel om de hoek kijken, ondersteund door de positieve tekst ("Me I'm just the lucky kind"). En zo kwam Paul na een paar uur trots zijn hut uit, om Things We Said Today te laten horen aan Jane, Ringo en Maureen.




Syncopaten in de melodielijn
Op 2 juni 1964 werd Things We Said Today opgenomen bij EMI. Hij zal het niet bewust gedaan hebben, maar Paul inspireerde George met de syncopatische melodie van zijn nummer. Daarbij hoor je hoe de melodielijn accenten heeft op plekken, die normaal gesproken dat accent niet krijgen. George deed daarna hetzelfde met If I Needed Someone, dat later op Rubber Soul verscheen. Ik las erover in het boek Revolution In The Head en vroeg Bertolf hoe we dat in de muziek noemen. Syncopatie dus. Al zal die term destijds vast niet zijn opgeborreld in McCartney's roodverbrande hoofd.


zaterdag 12 februari 2022

Hoe Robby Valentine via Queen en ELO uiteindelijk The Beatles ontdekte (en hoe hij met het Beatlesrepertoire aan de slag ging)

Afgelopen oktober was ik een middag te gast bij zanger en multi-instrumentalist Robby Valentine. Het was een behoorlijk trip om vanuit Deventer, via Flevoland en de Dijk van Enkhuizen in de Noord-Hollandse polder te komen, waar Robby met zijn gezin woont. Ik maakte de reis met een goede reden. Voor onze Freddie Mercury-podcast wilden we Robby, als Queen-kenner, één van de vaandeldragers van Queens legacy en zeer begaafd musicus interviewen over het pianospel van zijn grote voorbeeld. Toch kwam het gesprek ook al snel op The Beatles.




Via Queen en ELO naar The Beatles
"Weet je dat ik ook bezig ben met een Beatles-coveralbum?" vroeg Robby me. Daar wilde ik meer van weten. Voor Robby was het een logische stap om ook eens te onderzoeken wat het betekent om een deel van het Beatles-repertoire uit te pluizen en in eigen beheer op te nemen. Op de lagere school werd hij eerst gegrepen door de muziek van Queen, daarna volgde Electric Light Orchestra en op zijn twaalfde ging de Beatles-schatkist voor hem open. De band die uiteindelijk Robby's twee eerste liefdes beïnvloed had. Een ontdekkingstocht in omgekeerde volgorde. 



Writer's block
Terwijl Robby met virtuoze albums en optredens wereldwijd hard bouwde aan zijn eigen muziekcarrière, waarbij hij een indrukwekkende fanbase en dito status opbouwde, bleef zijn bewondering groeien voor de bands die het fundament vormden van zijn muzikale identiteit. Zo stond hij zelfs in Duitsland in het voorprogramma van Queen-gitarist Brian May. Naast het schrijven en uitbrengen van eigen werk, stortte Robby zich regelmatig op het haarfijn analyseren en reconstrueren van de nummers van Queen. Toen hij enkele jaren geleden een writer's block had, besloot hij echter om op ontdekkingstocht te gaan in het repertoire van The Beatles. Terwijl we geanimeerd in gesprek raakten, presenteerde zijn dochter Eleanor (!) een schaal met koekjes. 

Foto: William Rutten



De Höfner als sleutel naar een Beatlesproject
Ondertussen was ik Robby gevolgd naar zijn opnamestudio onder het schuine zolderdak van zijn huis. Een indrukwekkende ruimte met een gigantisch mengpaneel, electrisch drumstel en een aantal gitaren. Aan de muur hing een Höfner vioolbas. Robby tilde hem uit het rek: "Deze heb ik destijds voor veel te veel geld gekocht. Eigenlijk had ik wel zin om dat ding ook eens te gebruiken. Om er die interessante baspartijen van McCartney mee uit te zoeken en op te nemen. En zo vormde de Höfner de sleutel tot het Beatles-project waaraan hij de afgelopen jaren af en aan werkte.


Fascinatie
Dat project was vooral een particuliere oefening voor Valentine, ontstaan uit een fascinatie voor het werk van The Beatles en een aantal solonummers van Lennon. Maar de voorraad met opnames groeide en ineens beschikte Robby over een verzameling van elf Beatlesnummers, waarvoor hij zijn vriend Rob Winter (uiteraard al jaren een gerenommeerd gitarist op de Nederlandse podia) vroeg om de drumpartijen onder zijn opnames te programmeren. Voor Come Together nam Robby zelf de drumsticks ter hand. 


Een parodie op de zebra-foto
Uiteindelijk besloot Robby zijn eigen Beatles-coveralbum niet op de plank te laten liggen, maar met de wereld te delen. (Nog) niet op Spotify, maar eerst in hoogwaardige cd-kwaliteit, met ruimte voor een persoonlijk geschreven toelichting en een bijzonder coverontwerp. Hoewel The Beatles Album twee nummers van Abbey Road bevat, koos Valentine bij de hoes voor een parodie op de zebrafoto. Eentje waarop hij dapper laat zien hoe zijn leven de afgelopen jaren veranderd is. We zien Robby oversteken met een donkere zonnebril en een blindegeleidestok, terwijl hij een kar met instrumenten meetrekt.


Dubbel zo veel tijd
Door een oogziekte is Valentine inmiddels praktisch blind. Een hard gelag voor iemand van begin 50, met overigens een eeuwig jeugdige uitstraling, die het zó ver geschopt heeft in de muziek. "Ik moest opnieuw leren piano- en gitaarspelen," legt hij me uit. Omdat hij qua opnametechniek altijd een voorkeur gaf aan de analoge aanpak, lukt het hem nu nog steeds om "schermloos" en "pc-loos" zijn audioproducties vorm te geven. Met een doorzettingsvermogen ("Het kost allemaal dubbel zo veel tijd") om stil van te worden. 



Een pakje met de post
Robby vertelde me die middag alles over het pianospel van Freddie Mercury en we spraken nog een tijdje verder over de magie van The Beatles en de intrigerende baslijnen van McCartney. Eind december kwam er een pakje met de post, waarin ik diverse albums van Robby aantrof, samen met twee nieuwe releases: het Beatlesalbum én zijn nieuwe Queen-EP. Wat een verrassing! Bij het beluisteren van The Beatles Album viel me op dat er met Robby's oren gelukkig niets mis is. Minutieus ploos hij de volgende nummers uit: Let It Be, Yesterday, Something, Eleanor Rigby, Penny Lane, Jealous Guy, Come Together, Fool On The Hill, Imagine, With A Little Help From My Friends en Hey Jude.


Prominente plek voor de bas
Wat opvalt is de manier waarop hij met de juiste samples en sounds gezocht heeft naar de klankkleur van de instrumenten, die gebruikt zijn in de nummers. Van de blokfluit in The Fool On The Hill tot de algehele atmosfeer een van een nummer als With A Little Help From My Friends. Als virtuoos op diverse instrumenten, laat Valentine horen hoe goed hij het pianospel van Nicky Hopkins (Jealous Guy) en de drums op Come Together kan interpreteren. En bijna overal is die prominente en speelse bas van McCartney te horen. Een mooi project, dat gaandeweg tot stand kwam en gelukkig niet op de plank bleef liggen.


Nieuwsgierig geworden? Zin om je Beatlesverzameling uit te breiden? Je vindt The Beatles Album in Robby's webshop voor € 15,99. Net als zijn eigen werk én de nieuwe Queen-EP waarop hij "losgaat" op Death On Two Legs, Brighton Rock, Flash en Teo Torriatte. Wat een virtuoos. En wat een dapper en aimabel mens.