Posts tonen met het label Two Virgins. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Two Virgins. Alle posts tonen

zaterdag 6 maart 2021

Harry Pinsker, de man die The Beatles voor de Taxman waarschuwde, is niet meer

Hij was er altijd, maar op de achtergrond. Harry Pinsker, de accountant van The Beatles. Vorige maand overleed hij, na een lang leven waarin hij slechts sporadisch sprak over zijn bemoeienis met het Beatlesimperium. Eigenlijk precies zoals het hoort volgens de beroepscode. Als accountant klap je niet uit de school over je cliënten. Of ze nu wereldberoemd zijn of niet. Voor mij was Pinsker een onbekend personage in het Beatlesverhaal, dus leek het me aardig eens wat te schrijven over de man die The Fab Four over hun miljoenen adviseerde.




Four scruffy boys
Harry Pinsker kwam al in 1962 in beeld om zich met de financiën van The Beatles te bemoeien. Op een goede dag bezocht Brian Epstein het Liverpoolse accountantskantoor Bryce Hanmer, dat ook een Londense divisie in de gelederen had. Dus besloot de senior manager de opdracht, de belangenbehartiging van vier jonge muzikanten, door te schuiven naar de afdeling in het Londense West End. Dat was de plek waar Harry Pinsker, destijds begin dertig, werkzaam was. In een interview met Economia Magazine uit 2017 herinnerde Pinsker zich dat hij The Beatles vooral "four scruffy boys" vond. Zijn eerste actie voor hen? Het registreren van de bedrijfsnaam Beatles Ltd. Later zou hij bedrijven en constructies bedenken als Lenmac, The Beatles & co en Apple (You Never Give Me Your Money - Peter Doggett). Allemaal om binnen de regels van de wet zo min mogelijk inkomsten naar de 'Taxman' te hoeven brengen. In 1967 besloeg de belastingaanslag van The Beatles omgerekend 56 miljoen euro. De accountant was er een meester in zoveel mogelijk kosten van The Beatles als zakelijk aan te merken.




Pinsker regelde met spoed een telefoonaansluiting
Toen Brian Epstein zijn jongens medio 1963 definitief naar Londen verhuisde, bleek dat najaar een wachtlijst van zes maanden voor de telefoonaansluiting in hun flats te zijn. Een onmogelijke situatie natuurlijk, als je net beroemd aan het worden bent (en bereikbaar moet zijn). Pinsker deed op dat moment een geheime audit bij de overheid en zat dicht bij het vuur. Hij belde de Britse GPO (General Post Office) met de boodschap dat de heren toch echt een telefoonaansluiting voor hun werk nodig hadden. Binnen een week was dat alsnog geregeld. Dat maakte Pinsker voor The Beatles en Brian Epstein ongetwijfeld tot iemand waarop ze konden bouwen.




Investeren in vastgoed & geen zaken doen met Coca Cola
Pinsker werd zodoende financieel vertrouwenspersoon van Epstein en The Beatles. Toen de naam, faam en financiën van de band groeiden, was het Pinsker die de jongens in 1964 liet weten dat ze 'technisch miljonairs' waren. Omgerekend naar huidige begrippen stond 1 miljoen pond van destijds gelijk aan zo'n 19 miljoen pond vandaag de dag. Pinsker gaf The Beatles het advies hun vermogen in vastgoed te stoppen. Zo attendeerde hij Paul zelfs persoonlijk op een makelaarsadvertentie van een boerderij in Campbeltown, Schotland, bij de Mull of Kintyre. Onder zijn invloed kochten The Beatles hun eerste huizen. Paul ook in Londen, de overigen op de 'Stockbroker Belt' ten zuiden van de Britse hoofdstad. Ook adviseerde Pinsker The Beatles om niet in te gaan op een aanbod van Coca Cola om muziek voor de marketingcampagne van het frisdrankmerk op te nemen. Belastingtechnisch zouden ze daar niets wijzer van worden. Met zijn advies om geld opzij te zetten voor de onvermijdelijke belastingaanslag inspireerde de accountant George Harrison ook nog eens tot het schrijven van het nummer Taxman.


Eén pond per week 
Harry Pinsker werd op 12 mei 1930 geboren in Oost-Londen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog woonde het gezin in Norfolk en Cornwall, waar de intelligente Pinsker in aanmerking kwam voor een beurs van Truro College (nu: Truro & Penwith). Daar werd hij vanwege zijn Joodse afkomst geweigerd, waarna hij na een aantal omzwervingen uiteindelijk weer een opleiding in Londen kon volgen. Op zeventienjarige leeftijd reageerde hij op een vacature van Bryce Hanmer. Harry kon er voor één pond per week aan de slag. Waarschijnlijk als jongste bediende. Vanuit die positie werkte hij zich, door het volgen van avondonderwijs, op tot partner. Niet slecht. Die positie bekleedde hij al op dertigjarige leeftijd, het moment waarop The Beatles in zijn leven kwamen. Net als later Cilla Black, Gerry & The Pacemakers, maar ook bands als Cream en Yes.

Harry en Ana Pinsker



Pinsker keurde de albumhoes van Two Virgins af
Pinsker was iemand die The Beatles altijd met raad en daad bijstond. Zo stonden de jongens, al dan niet met vriendin of vrouw, regelmatig bij hem voor de deur voor een kop thee en een goed gesprek. Naar verluidt was zijn vrouw Ana niet bereid om McCartney's hond Martha in huis binnen te laten. Dat werd haar te gek. Hoe dan ook: wie beroemd is, heeft betrouwbare mensen nodig om zijn financiële belangen, soms ook voortkomend uit privé-sores, te behartigen. Zo adviseerde Pinsker in 1968 tijdens de scheidingsprocedure van John en Cynthia Lennon. Ongetwijfeld moet daarbij zijn hart zijn uitgegaan naar Johns eerste vrouw. De accountant was namelijk 'not amused' over de acties van John en diens nieuwe vriendin Yoko Ono. De op handen zijnde naaktcover van het album Two Virgins vond Pinsker het toonbeeld van slechte smaak. Dat liet hij de twee kunstenaars ook weten. Toen die besloten de plaat gewoon uit te brengen, vond Harry Pinsker dat zijn tijd er bij The Beatles wel opzat. 


Hare Krishna - Harry Pinsker
In zijn latere leven ontdekte het getallenwonder dat zijn oude cliënten zelfs nog één keer over hem hadden gezongen. In januari 1969, tijdens de repetities in het Get Back/Let It Be-project. Halverwege het ingezette Hare Krishna, werd de tekst door Paul McCartney veranderd in 'Harry Pinsker' (vanaf 1 minuut 36). De verlegen Pinsker was ontroerd door het gebaar. Hij overleed op 24 januari 2021. Harry Pinsker is 90 jaar geworden.




zaterdag 24 november 2018

Wat deden The Beatles eind 1968 toen de opnames van The White Album er op zaten?

Deze week was het dan echt 50 jaar geleden dat The White Album verscheen. Inmiddels hebben we allemaal al fijn kunnen genieten van de jubileumuitgave. Op lp, via de online streaming diensten of natuurlijk met de luxe cd-box. Wat deden The Beatles eigenlijk zelf in de laatste weken van 1968, toen hun maandenlange opnameklus er op zat?


John nam Julia op het allerlaatste moment voor The White Album op
De opnames voor The White Album gingen nog door tot in oktober. Zo werd er op donderdag 10 oktober nog gewerkt aan Piggies, Glass Onion en Why Don't We Do It In The Road. Op vrijdag de 11e vonden er saxofoon-overdubs plaats voor Savoy Truffle. John Lennon was de Beatle die als laatste een compleet nummer opnam. Op zondag 13 oktober. Helemaal in zijn eentje zong hij, zichzelf begeleidend op gitaar, het prachtige Julia. Nummer 32 van de lange reeks liedjes waaraan in het hart van het jaar 1968 gewerkt was. Het opnameproces ging over in het maken van mono- en stereomixen. Hoewel producer Chris Thomas, die George Martin verving, na het weekend nog wel even kort de toetsen beroerde voor Savoy Truffle, en er aan het nummer nog een paar gitaarloopjes en wat percussie werd toegevoegd, waren The White Album-sessies in de afrondende fase beland.




Ringo ging vakantie vieren op Sardinië en gaf zijn zegen voor de eindmix
Ringo had zin in vakantie en vertrok maandagochtend de 14e naar Sardinië. Hij gaf bij voorbaat zijn zegen over de eindmix. Een paar dagen later hield George Harrison het ook voor gezien. Hij stapte op het vliegtuig naar Los Angeles. John, Paul, George Martin, technicus Ken Scott en  tape operator John Smith bleven achter in de studio, belast met het mixen van de tapes en het bepalen van de volgorde waarin de liedjes op de plaat moesten komen. Not Guilty en What's The New Mary Jane vielen van de stapel en men kwam tot een voorlopige volgorde waarin de plaat aan de wereld gepresenteerd moest worden. De vier Harrison-nummers werden elk op een kant van de plaat gezet, de dierenliedjes op kant B, de snellere en ruigere nummers samen op kant C. Er werd voor gewaakt dat er niet twee liedjes van dezelfde componist na elkaar kwamen en de rest van de songs werd verder zo slim mogelijk verdeeld.




George zat bijna twee maanden in Californië
George Harrison vloog trouwens niet zomaar naar Los Angeles. Hij zou zeven weken in Californië blijven om met Apple-contractant Jackie Lomax te werken aan diens debuutalbum Is This What You Want? De demo van Sour Milk Sea die George aanvankelijk voor The White Album had opgenomen, werd doorgeschoven naar Lomax die er met hulp van Harrison een track voor zijn eigen album van maakte. [video]





George ontdekte in Amerika de synthesizer
Een ontmoeting tussen George en Moog synthesizer-expert Bernie Krause leidde tot het toevoegen van een aantal geluidseffecten aan Lomax' album. De Moog en alle klankkleuren die het instrument te bieden had waren een nog onontdekt fenomeen. Harrison was gefascineerd door deze nieuwe, elektronische vorm van muziek maken en sprak later die maand opnieuw af met Krause. Het duo nam de geluidscollage No Time or Space op [video]. Deze experimentele track zou een paar maanden later de A-kant vormen van Harrisons eerste solo-album, toepasselijk Electronic Sounds getiteld. George kocht een synthesizer in Amerika en nam het instrument mee terug naar Engeland. Het werd het instrument dat ingezet zou worden op het album Abbey Road.




Verrassingsoptreden in Smothers Brothers
Tijdens zijn verblijf in Amerika verraste George het live publiek van The Smothers Brothers Comedy Hour met een kort optreden. India-maatje Donovan was tevens te gast. De aankondiging dat er een Beatle in de show zou verschijnen, zorgde voor uitgelaten reacties, die George met zijn gebruikelijke bescheidenheid in ontvangst nam. In het korte interview werd de single Hey Jude/Revolution aangehaald. Het was 17 november en de wereld moest nog even wachten op The White Album. [video]




Paul gaf een telefonisch interview aan Radio Luxembourg
Terwijl Harrison zich verdiepte in nieuwe vormen van muziek maken en op de Amerikaanse tv verscheen, zat McCartney in zijn Londense woning aan Cavendish Avenue aan de telefoon met Tony Macarthur, een van oorsprong Australische disc jockey die voor Radio Luxembourg werkte. Het gesprek werd opgenomen en de volgende avond uitgezonden, als onderdeel van een twee uur durende special over The White Albun. Die uitzending was prachtig getimed, aan de vooravond van de album-release. Het gesprek is bewaard gebleven: [video]




John en Yoko bij de tandarts op de Nederlandse tv
En John en Yoko? Die werden begin december in de wachtkamer van hun tandarts in Knightsbridge, hartje Londen, geïnterviewd voor het Nederlandse VARA-jongerenprogramma Rood Wit Blauw. Terwijl John het eerste half uur met zijn mond open in de tandartsstoel lag, stond Yoko socioloog Bram de Swaan te woord. Het gesprek ging over de Fluxus-beweging waaruit Yoko's kunstprojecten voortkwamen en het pas verschenen Two Virgins-album, de plaat waarop John en Yoko naakt op de hoes prijkten. Voer voor sociologen, moet men bij de Nederlandse televisie gedacht hebben. Het materiaal werd pas enkele maanden later op Nederland 2 uitgezonden, op woensdag 15 januari 1969, tussen 21.25 en 22.05 uur. Op deze website kun je het interview in delen terugzien. Zou het ook nog in de VARA-archieven liggen?

John en Yoko met Bram de Swaan vanuit de wachtkamer van de tandarts

Two Virgins op BBC Radio
De Lennons sloten hun publieke optredens dat jaar af met Johns deelname aan het Rolling Stones-project Rock 'n' Roll Circus, waarvoor hij White Album-track Yer Blues ten gehore bracht. Ook stond hij met Yoko een BBC-interviewer van het programma Night Ride te woord. Een programma dat in de vroege en luisterluwe uren van de nacht een fragment van het experimentele Two Vigins-album uitzond. En zo sloten The Beatles een enerverend jaar af. Een jaar waarin ze zich terugtrokken in India, terugkwamen met een lading songs, een enorme hoeveelheid demo's opnamen en maanden lang in de studio aan hun dubbelalbum werkten. Een jaar waarin zowel John als Paul naar buiten trad met een nieuwe partner, George zich verder ingroef in Indiase spiritualiteit maar daarbij zeker ook zijn aardse interesses niet vergat en....een jaar waarin Ringo en Maureen Starkey zich met hun jetset-vrienden in Londen al feestend en dansend prima vermaakten. Niemand kon vermoeden dat 1969 een heftig jaar zou worden.

Ringo met fellow Liverpudlian Cilla Black





zaterdag 9 december 2017

Niets is wat het lijkt: is dit het échte verhaal over John Lennon en Yoko Ono?

Mythes rond The Beatles zijn er genoeg. Het zijn de bekende en toch ook vaak uitgekauwde verhalen. Over hun avonturen als beginnend bandje in Hamburg. Over het ontslag van hun eerste drummer Pete Best. Over mislukte audities, afgekeurde hoesfoto's, hun kennismaking met LSD en de ruzies tijdens de Get Back-sessies. Vaak werden deze verhalen door henzelf verteld, op basis van eigen herinneringen. De vertelsels kwamen terecht in artikelen en boeken en werden vervolgens weer overgeschreven door journalisten en auteurs. Daarmee ontstond een interessant fenomeen. Namelijk dat verhalen hun eigen leven gingen leiden en vaak nog maar deels overeenkwamen met wat er werkelijk gebeurde. Eén van die legendarische verhalen is hoe John Lennon en Yoko Ono elkaar in 1966 ontmoetten en hoe in 1968 de vonk oversloeg en zij openlijk als duo door het leven gingen. Maar of het allemaal echt zo sprookjesachtig is gelopen, zoals John Lennon ons wilde laten geloven? Ik betwijfel het....




Het sprookje in de Indica Gallery
In menig interview vertelde John Lennon altijd smakelijk hoe hij Yoko Ono ontmoette op 7 november 1966 in de Indica Gallery in Londen. Via via zou hij gehoord hebben dat een intrigerende Japanse kunstenares die week een expositie zou openen. Op de vooravond van de opening bezocht hij de galerie, bekeek hij haar tentoonstelling en werd hij positief geraakt door een installatie. Daarbij moest hij een keukentrap beklimmen en kon hij met een vergrootglas het woord Yes op het plafond lezen. Dat zou, kort gezegd, het begin van hun contact en hun romance zijn geweest. Liefde op het eerste gezicht. Lennon zei verder over de ontmoeting die avond, in het bijzijn van galeriehouder John Dunbar: [filmpje]

I was very impressed and John Dunbar introduced us - neither of us knew who the hell we were, she didn't know who I was.






Tony Bramwell bevond zich in de perfecte positie
Onlangs las ik het boek Magical Mystery Tours: my life with The Beatles van Tony Bramwell. Bramwell is een jeugdvriend van The Beatles uit Liverpool. Hij belandde op de PR-afdeling van het Beatles-imperium en werd een vertrouweling van de band. Bramwell begeleidde zowel John als Paul regelmatig tijdens uitstapjes en reizen. Zijn boek geeft een interessant inkijkje op wat The Beatles overkwam in hun carrières en hun relaties. Of Bramwell de waarheid spreekt, weten we natuurlijk niet, maar je kunt wel stellen dat hij zich in de perfecte positie bevond om dichtbij, maar toch met gepaste afstand te aanschouwen wat zich rond de Fab Four  afspeelde. Het levert heel interessant leesvoer op. Ook over wat er werkelijk gebeurde tussen John en Yoko voor ze zich in mei 1968 voor het eerst aan het grote publiek presenteerden. Smul even mee...

Yoko Ono met haar Yes-installatie waarmee ze het hart
van John Lennon zou hebben veroverd.

Lennon vond Ono a raving nutter
Als we Tony Bramwell mogen geloven, hoorde John voor het eerst over de Japanse kunstenares toen hij eind 1966 een kunstprogramma op de BBC zat te kijken. Deze Yoko Ono was in september 1966 vanuit New York gereisd, samen met haar man Tony Cox. Ze was er op uitnodiging van Barry Miles, één van de vrienden van galeriehouder John Dunbar, uit het Londense kunstkringetje waarin Paul McCartney zich begaf. Ono was in New York actief in de Fluxus-kunstbeweging en viel op door haar vervreemdende installaties en acties. Toen John Lennon, laten we zeggen in oktober 1966, met zijn vrouw Cynthia, naar de BBC keek en de excentrieke Japanse in beeld zag, moet hij zijn wenkbrauwen hebben opgetrokken. Bramwell vertelt in zijn boek dat Lennon hem een paar weken later vertelde over het programma en daarbij zei: That woman's a raving nutter.

John, Cynthia en Julian in 1965 op Kenwood


Yoko drong zich eerst op aan Paul McCartney
Ondertussen meldde Paul McCartney zich met een verzoek bij Tony Bramwell. McCartney werd continu lastiggevallen door deze Yoko Ono, die aanvankelijk aandacht en geld van hem vroeg, maar ook een performance in het Londense Saville Theater eiste. Dat Saville Theater was in het bezit van Beatlesmanager Brian Epstein. Ono bleef McCartney stalken tot Paul haar verzoek bij Bramwell neerlegde, om van haar af te zijn. De performance kwam er, maar was geen succes. Toch probeerde Ono zich vanaf dat moment dieper en dieper in te graven in de scène waar The Beatles zich in begaven. Toen ze het na veel zeuren voor elkaar kreeg te exposeren in de Indica Gallery, nodigde galeriehouder Dunbar John Lennon uit om te komen kijken.


Yoko tijdens haar Cut Piece-performance, waarbij toeschouwers al haar kleding weg mochten knippen.
Lennon rende voor zijn leven
Lennon bezocht de expositie, keek wat rond en concludeerde dat hij er werkelijk niets aan vond. Toen hij op het punt stond te vertrekken, sprintte Yoko op hem af, versperde zij hem de weg en vroeg ze hem: Wie ben je? Lennon was perplex dat hij niet herkend werd en noemde zijn naam, waarop Yoko met verbaasde blik Oh antwoordde. Het lijkt onwaarschijnlijk dat een in New York wonende kunstenares, die onder andere met Andy Warhol en John Cage omging in november 1966 nog nooit van John Lennon had gehoord. Yoko pakte John bij de arm en leidde hem langs al haar installaties. Toen Lennon uiteindelijk weg wilde, klampte Yoko zich aan hem vast. Neem me met je mee, smeekte ze. John keek verbaasd, maakte zich los en rende naar buiten, met Yoko op zijn hielen. Lennon gaf zijn chauffeur instructies om direct weg te rijden. Yoko bleef achter en staarde hem na.

Yoko in de Indica Gallery, Londen 1966


Yoko stond uren op de oprit van Johns huis
John vertelde Bramwell dat hij Ono erg opdringerig en vervelend vond. Ook bij ontmoetingen die volgden in de Londense kunstwereld, waarin John zich in navolging van Paul steeds vaker begaf. Elke keer als Ono hem benaderde, draaide Lennon zich om en probeerde hij haar af te schudden. Maar Yoko gaf zich niet gewonnen. Ze ontdekte het huis van de Lennons in Weybridge, op het platteland bij Londen, en verscheen aan de voordeur met de mededeling dat ze een afspraak met John had. Lennon was niet thuis en Ono werd niet binnengelaten. Terwijl Cynthia Lennon achter de spreekwoordelijke vitrage stond en naar buiten tuurde, zag ze de kleine Japanse aan het eind van de oprit staan. En Ono bleef staan. Uur na uur. Toen de duisternis inviel, verdween ze. Cynthia vroeg John bij thuiskomst naar de vreemde bezoekster vertelde en kreeg als antwoord van John: She's nuts. Tegen Tony Bramwell bleef John herhalen hoe hij wenste dat Yoko hem eens met rust zou laten.

John Lennon en Tony Bramwell (1967)


Luguber pakketje
Het tegenovergestelde gebeurde. Yoko bleef Kenwood, het huis van de Lennons, bezoeken. In weer en wind stond ze op de oprit te wachten. Wanneer John Yoko in de voortuin zag staan, maakte hij sarcastische opmerkingen over haar. Toen Yoko op een dag doorweekt was van de regen liet Cynthia's moeder haar binnen, zodat ze een taxi kon bellen. Toen Yoko vertrokken was, ontdekte mevrouw Powell dat de Japanse een ring had achtergelaten. Die vrouw komt terug, was de eenvoudige conclusie. Toen brak de periode aan dat er bijna dagelijks post kwam voor John. Brieven, kaarten en kleine briefjes met mysterieuze teksten er op. Lennon keek er naar, gooide ze weg. Cynthia werd er steeds nerveuzer van. Op een dag arriveerde er een doos met lugubere inhoud: een maandverbandverpakking, waarin zich een gebroken theekopje bevond, dat besmeurd was met rode verf.

Yoko Ono 1967: Half a Room


Brutalen hebben de halve wereld
Dit was het punt waarop Barrow zich af begon te vragen of Lennon niet geïntrigeerd raakte door de acties van de kunstenares, die hij nog steeds openlijk afkeurde om haar stalk-gedrag. De lieve en bescheiden Cynthia voelde zich erg geïntimideerd door hetgeen er gebeurde. Dat is ook niet zo gek, als je bedenkt dat Yoko zich wel eens in de auto van de Lennons op de achterbank wurmde en samen met John en Cynthia naar Londen reed. Je vraagt je af hoe iemand zo brutaal kan zijn, maar ook hoe dit alles toch toegelaten werd.


Onze karma's roepen elkaar!
Ondertussen ging het leven van The Beatles als band in volle vaart verder. De opnames van Sgt Pepper resulteerden in een iconisch album, The Summer of Love kwam op gang, de Maharishi verscheen in beeld en Brian Epstein stierf eenzaam in zijn Londense bed. Steeds was daar Yoko Ono die haar hand opstak naar John Lennon en zei "Hallo, daar ben ik weer". The Beatles maakten de Magical Mystery Tour, lanceerden Apple en werden dagelijks in beslag genomen door zakelijke en muzikale activiteiten. En steeds meldde Yoko zich even in het leven van John, opdat hij haar niet zou vergeten. Yoko begon John te vertellen dat hun karma's hen riepen en dat hun gezamenlijke lot bezegeld was.




Apple maakte het Yoko eenvoudiger
Tegen de tijd dat The Beatles hun Apple-kantoor installeerden, huurden Yoko en haar man een flat in de buurt. Dagelijks belde Yoko naar het kantoor of meldde ze zich aan de voordeur. Oh God, she's here again, riep het personeel wanneer Yoko de hal binnenliep en zich meldde bij de balie met de woorden John's expecting me. Wanneer John er niet was, wachtte ze uren op hem. Ze kreeg het steeds vaker voor elkaar dat uiteindelijk bij haar ging zitten in de lobby om naar één van haar gedichten te luisteren of om samen wat te praten. Het Apple-personeel zag langzaam hoe John zich steeds meer gewonnen gaf. Het contact breidde zich uit en Lennons chauffeur vertelde dat de grote Rolls Royce van John inmiddels regelmatig diende als tweepersoonsbed. Maanden voor de dag die John en Yoko als de start van hun relatie benoemden. John begon de flat te bezoeken waar Yoko met haar man Tony Cox woonde. Deze Cox spoorde haar aan to get that Lennon. De Beatle was immers een vette vis, een interessante partij die de nodige exposities en kunstmanifestaties zou kunnen financieren. Tony Bramwell werd door Lennon op een gegeven moment ingezet om in het diepste geheim achtergebleven kleding en toiletspullen op te gaan halen die in Yoko's flat waren achtergebleven. Yoko weigerde de spullen mee te geven en gaf Bramwell de boodschap dat John de boel zelf maar moest komen halen.


John hoopte zich in India te kunnen losmaken van Yoko
John kwam daarmee in een steeds lastiger positie terecht met het dubbelleven dat hij inmiddels leidde. Hij werd ook chantabel door Ono. De trip die The Beatles in februari naar India maakten, kwam hem goed uit. Niet om te mediteren, maar juist om afstand te nemen van Yoko Ono, in de hoop dat ze terug zou keren naar Amerika. Dat het contact zou verwateren en dat alles weer stabiliseerde. Maar het tegenovergestelde gebeurde. Dagelijks arriveerde er geheime post in het postkantoortje, dicht bij waar The Beatles verbleven. Post die het verlangen van Lennon alleen maar aanwakkerde. Niet lang nadat hij terugkeerde uit India, belde hij Yoko op een avond en vroeg haar naar Kenwood te komen. Cynthia was er dat weekend niet. Het stel experimenteerde met geluidscollages in Johns studio en bedreef vervolgens de liefde. Deze geluidscollage zou later worden uitgebracht als Unfinished Music no 1: Two Virgins, het album met de spraakmakende hoesfoto waarop John en Yoko naakt te zien zijn.

De hoes van Two Virgins

Yoko nam Cynthia's plek (en badjas) in
Toen Cynthia de volgende dag onverwacht vroeg thuiskwam, trof ze Yoko minzaam glimlachend in haar badjas aan op de bank. Haar plaats was ingenomen. Cynthia verliet zodoende het huis en zocht met Julian een ander onderkomen. In die periode maakten John en Yoko hun eerste korte film, zittend in de tuin van Kenwood: [filmpje]



De nacht in Kenwood zou het begin van de relatie tussen John en Yoko zijn geweest. Volgens Tony Bramwell ging daar ruim anderhalf jaar aan vooraf. Het was niet bepaalde liefde op het eerste gezicht, zoals Lennon en Ono de wereldpers wilden laten geloven. Het boek van Bramwell geeft ons een andere invalshoek. Niet alles is in deze wereld wat het lijkt, zullen we maar zeggen.

zaterdag 25 november 2017

Long Long Long: hoe een resonerende wijnfles ons de koude rillingen bezorgt in een nummer van The Beatles

Wat ik zelf nog wel eens vergeet, is dat George Harrison in 1968 een heel bescheiden maar mooi nummer aanleverde voor The White Album. Een nummer dat altijd in de schaduw is blijven staan van While My Guitar Gently Weeps, dat op dezelfde plaat verscheen maar meer bekendheid kreeg. Ik zou daarom deze week graag iets willen schrijven over de haast vergeten Harrison-track Long, Long, Long.


Tussen het geweld van Lennon en McCartney
Wie The White Album nog als elpee op de draaitafel legt, komt Long, Long, Long tegen aan het eind van kant 3. Een oase van rust na het geweld van het hard rockende Helter Skelter van Paul McCartney. Wie streamt of de cd draait, vindt daarna het politiek getinte en tekstueel uitgesproken Revolution I van John Lennon. In allerlei opzichten vormt Long, Long, Long van George Harrison hier een contrast met het werk van Lennon en McCartney en dreigt het in al zijn subtiliteit over het hoofd te worden gezien.

George Harrison, 7 oktober 1968

De driekwartsmaat van Dylan
George vertelde dat Bob Dylan hem erg inspireerde met diens Sad Eyed Lady Of The Lowlands. Een lang uitgesponnen wals van het befaamde Blonde On Blonde-album dat Dylan in mei 1966 had uitgebracht. Het was met name de akkoordenprogressie in het refrein die Harrison aansprak en wie het Dylan-nummer draait, hoort een duidelijke parallel tussen Long, Long, Long en Dylan's Sad Eyed Lady. Blijkbaar beviel het schrijven van een wals George Harrison ook, want voor het album Let It Be zou hij later opnieuw een nummer in driekwartsmaat aanleveren: het sierlijke I Me Mine. Wellicht was het allemaal de invloed die Dylan op Harrison had.

George Harrison en Bob Dylan in 1968

Zoektocht naar het goddelijke
Zoals veel Harrison-nummers kan Long. Long, Long op twee manieren beluisterd worden. Met profane of met religieuze oren. Het mooie is, dat de liedjes op beide manieren 'werken'. Voor George was Long, Long, Long als een rechtstreekse ode aan de God die hij gevonden had. The 'You' in Long, Long, Long is God, aldus Harrison in zijn autobiografie I, Me Mine uit 1980. In het nummer omschrijft hij het zoeken en vinden van een geliefde, ofwel zijn God. Now I can see you, be you. How can I ever misplace you, how I want you. Oh I love you, you know that I need you. Ooh I love you. Gezongen als wals, heeft het nummer alle kenmerken van een tedere Harrison-compositie.


Lennon had andere dingen te doen
De opnames voor Long, Long, Long begonnen op 7 oktober 1968. John Lennon, die twee dagen later 28 zou worden, was die dag niet aanwezig in de studio. Hij werd erg in beslag genomen door zijn nieuwe leven met Yoko Ono. In die periode schoot het stel de befaamde naaktfoto voor de hoes van hun experimentele album Two Virgins en ruim een week later werden John en Yoko gearresteerd voor drugsbezit. Vreemd genoeg bemoeide Lennon zich vrijwel nooit met de opnames van George Harrison-nummers. John zou zich een dag later, op 8 oktober, wel weer melden voor de opnames van I'm So Tired.





De hele nacht door
Op die maandag de 7e oktober, in de nadagen van de White Album-sessies verzamelden George, Paul en Ringo zich in Studio 2 aan Abbey Road om aan  Long, Long, Long te werken. De sessie startte 's avonds en zou pas om 7 uur de volgende ochtend eindigen. Zoals vaker met George Harrison-nummers kostte het veel tijd om Long, Long, Long goed op te nemen. Die avond en nacht namen Harrison, McCartney en Starr maarliefst 67 takes op. Daarbij begeleidde George zichzelf op akoestische gitaar, zat Paul achter het Hammond-orgel en Ringo achter zijn vertrouwde drumkit. De volgende dag werden daar nog bas, piano (door Chris Thomas), een extra akoestische gitaar en leadgitaar aan toegevoegd. Ook zong Paul extra backing vocals.





Intrigerend eind
Ronduit vervreemdend en haast beangstigend klinkt het einde van Long, Long, Long. Ik krijg er altijd een beetje de kriebels van. Dat vreemde einde kwam in eerste instantie toevallig tot stand. Bij het Hammond-orgel dat Paul in Studio 2 bespeelde, stond een fles Blue Nun-wijn op een Leslie-speaker. Deze Duitse wat zoetige wijn was in de jaren '60 enorm populair in Engeland en Amerika en Paul, George en Ringo hadden er ongetwijfeld een glas of wat van gedronken tijdens hun nachtelijke opnamesessie.

Een Blue Nun-etiket uit de jaren  '60

Resonerende fles
Toen Paul een bepaalde noot op het orgel aansloeg, begon de fles op de Leslie-speaker te resoneren. De aanwezigen vonden het een interessant geluid. Er werd een microfoon bij de fles geplaatst en het experiment werd nogmaals uitgevoerd en nu goed opgenomen. Samen met een roffel van Ringo's snare, een huilerige uithaal van George, krijgen we een vreemde luisterervaring. George besloot de geluidscollage met een G-mineur11 op zijn Gibson. Ons in verbazing achterlatend: [filmpje]