Eigenlijk kunnen we Love You To het eerste echte Indiase nummer noemen dat uit de pen van George Harrison vloeide. Natuurlijk was er de sitar op Norwegian Wood, maar die gaf vooral een exotische kleur aan de bekende Lennon-compositie. Diezelfde John Lennon zou zich, op zijn beurt, juist totaal niet bemoeien met Love You To. Zo ging het vaker, als het om nummers van George ging. John was niet of nauwelijks geïnteresseerd.
De betovering van de sitar Zoals bekend was George Harrison vanaf februari 1965 steeds meer onder de indruk geraakt van de Indiase spiritualiteit en muziek. Terwijl The Beatles op de Bahama's filmopnamen hadden voor Help! werden ze opgemerkt door Swami Vishnu-devananda. Deze geestelijke verbleef op hetzelfde eiland en voelde een sterke behoefte om de vier bandleden een exemplaar van zijn werk The Complete Illustrated Book of Yoga te geven. George pakte het boek aan, legde het weg, maar raakte er een tijd later in geïnteresseerd. De opnames van Help! verplaatsten zich vervolgens naar Londen Ook daar gebeurde iets onverwachts. Tijdens het filmen van een scène in een Indiaas restaurant, hoorde George het geluid van een sitar. Via The Byrds kwam hij in contact met het werk van Ravi Shankar en schafte hij zelf een sitar aan.
George en Ravi
Eerste Indianse compositie Begin 1966 schreef George het nummer Love You To. Blijkbaar voelde hij er de rust voor, nu The Beatles relatief even weinig om handen hadden. Het was een periode waarin het niet lukte om een nieuw filmproject op te starten. Dus dook George verder onder in de wereld van de Indiase klassieke muziek .Zo bezocht hij muziekbijeenkomsten van de Indian Music Circle in Noord-Londen en zag hij een optreden van Ravi Shankar in de Royal Festival Hall. Het inspireerde George om zijn eerste Indiase compositie te maken. Daarbij was hij zekerder over de tekst en de muziek dan over de titel die het nummer moest krijgen. Zelfs tijdens de opnamen stond nog niet vast dat het Love You To moest gaan heten. Daarom doopte technicus Geoff Emerick het tijdens de sessies tot Granny Smith.
Rolls Royce In zijn uitstekende boek Revolution in the head omschrijft Ian MacDonald het thema van Love You To als 'deels filosofisch en deels een liefdeslied voor Pattie Harrison,' met wie George kort daarvoor in het huwelijk was getreden. Met het nummer zat George in de voorhoede van de nieuwe composities die werden opgenomen voor het nieuwe Revolver-album. Love You To was als derde nummer aan de beurt, op 11 en 13 april 1966, in de EMI-studio's aan Abbey Road. Opvallend genoeg niet in Studio 2, maar in studio 3. Wellicht had dat te maken met de samenstelling van het muzikale gezelschap. Voor Love You To maakte George namelijk gebruik van de diensten van een aantal Indiase muzikanten uit de eerder genoemde Indian Music Circle, die hij in Noord-Londen had zien optreden. Wie dat precies waren, blijft grotendeels onduidelijk. Zo vind ik alleen de naam terug van Anil Bhagwat, die de tabla ter hand nam. Hij kreeg een telefoontje dat hij opgehaald zou worden voor een opnamesessie. Toen er een Rolls Royce voor reed, vermoedde hij dat het wel eens om George Harrison zou kunnen gaan. Andere muzikanten speelden de tambura én de sitar op Love You To: partijen die aanvankelijk toegeschreven werden aan George zelf. Die speelde wel degelijk sitar aan het begin van de sessies, maar zijn spel werd mogelijk aangevuld door een andere muzikant. De meningen daarover zijn verdeeld.
George met Anil Bhagwat
Fuzz tone Voor de opname van de basistrack kreeg George in ieder geval hulp van Paul. Zowel op zang als op tambura. Ook Ringo speelde mee, op tamboerijn. Zelf voegde George nog een elektrische gitaar toe, met het fuzz tone-effect. Iets waar de bekende producer Tony Visconti later helemaal wég van was. Hij vergeleek het gitaargeluid op Love You To met dat van "a chainsaw cutting down a tree in Vermont." Beeldend! Hoewel Love You To het meest expliciet Indiase nummer is op Revolver, is er één element dat een aantal composities op Revolver bindt: het gebruik van de drone, de aanhoudende grondtoon die niet alleen de basis vormt van Love You To, maar ook van Tomorrow Never Knows, Got To Get You Into My Life, maar ook van de losse singles Paperback Writer en Rain. Als je er op let, hoor je het ineens! Hoe dan ook, George was trots op Love You To. Tijdens één van zijn eerste ontmoetingen zou hij het nummer bespreken met zijn nieuwe vriend Ravi Shankar. Die was was verbaasd over Harrisons bescheidenheid over diens eerste Indiase compositie.
Het was de Week van de Verwarring, lieve lezers. En dan heb ik het niet over het coronabeleid van het kabinet. Nee, politiek nieuws zul je hier niet vinden. Het is en blijft allemaal Beatles wat de klok slaat. Maar verwarrend was het wel, want er doken maarliefst twee onbekende items rond The Beatles op. In het ene geval was dat een ijzingwekkende foto waarop Paul McCartney op de ochtend van 9 december 1980 te zien zou zijn, terwijl hij de krant koopt waarin John Lennons dood wordt aangekondigd. Nergens staat echter dat de man, die we op de rug zien, daadwerkelijk Paul is. Al lijkt hij qua postuur en houding op Paul, maakte Linda McCartney de foto en dook deze op in het afgelopen week verschenen The Lyrics-boek. Wie het weet, mag het zeggen.
Radhe Shaam op een zolder In het andere geval was daar ineens een onbekende opname waarop George Harrison en Ringo Starr te horen zijn. Tijdens de lockdown ruimde de Indiase schrijver en producer Suresh Joshi (75) in Birmingham zijn zolder op en trof hij een tape die, naar zeggen, uit 1968 stamde. Te horen waren Ringo Starr, George Harrison en enkele andere bandleden, die het door Joshi geschreven nummer Radhe Shaam speelden. Daarbij begeleidden ze zanger Aashish Khan, die hindi zong. De opname zou gemaakt zijn in de zomer van 1968 in de Londense Trident Studio's, waar The Beatles een deurtje verder aan het nummer Hey Jude werkten. De opname was bedoeld voor de documentaire East Meets West. Joshi en Harrison waren al bevriend, deelden een interesse in Indiase muziek en de producer zou Harrison zelfs aan Ravi Shankar hebben voorgesteld.
East Meets West Met hulp van een vriend zorgde Joshi dat de herontdekte tape in handen kwam van een producer. Die krikte de opname op en zorgde dat het nummer gemixt werd. Waar het over gaat en hoe het klinkt? Het is een psychedelisch popnummer over het concept dat "we allen één zijn en alles kunnen bereiken wat we willen". Daarmee past het in de tijd waarin het gemaakt werd en doet het ook denken aan het album dat George Harrison in 1971 met de Radha Krishna Temple opnam. Houd dat seventies-concept even vast...
Parel So far, so good. Een trotse Suresh Joshi vertelde deze week op BBC Merseyside over de parel die hij vele decennia op zijn zolder had liggen. Ook mocht een select gezelschap in het Beatles Museum in Liverpool eerder alvast naar de track luisteren. In Nederland besteedden onder andere Nu.nl en Radio 1 aandacht aan het nieuws. Ons aller Yorick van Norden, Beatleskenner-pur-sang, vertelde er afgelopen donderdag enthousiast over in het Radio 1 Journaal. Ook mijn Fab4Cast-collega's Wibo Dijksma, Jan Cees ter Brugge en Michiel Tjepkema wijdden er een extra Petje Af-podcast (#04) aan, waarin ze het nummer en de context bespraken.
1968 of 1970? Harrison of Clapton? En daar gebeurde iets knaps, althans dat vind ik. Want Wibo Dijksma maakte twee rake opmerkingen. Ten eerste vond hij het nummer eerder klinken alsof het in 1970 opgenomen was, dan in 1968. Ook merkte hij op dat het gitaarspel hem eerder aan dat van Eric Clapton dan van George Harrison deed denken. Die twijfel bleef een beetje in de lucht hangen. Wat kun je verder? Het nieuws is vers, je kent nauwelijks de context, maar je hebt wel een goed stel kenners-oren. En dat heeft Yorick van Norden ook. Niets ten nadele van hem. Yorick baseerde zich ongetwijfeld op een betrouwbare bron als de BBC of The Guardian.
Een project voor Aashish Khan Gisteren dook echter dit artikel op. Op de site Sound and Vision schreef Matt Hurwitz afgelopen zomer over de All Things Must Pass-sessies van. Het artikel verscheen ter gelegenheid bij de release van de uitgestelde 50 Anniversary Box van veelgeprezen Harrisons album. Daar lezen we het volgende:
One other key player was arranger John Barham, who had met George at Esher in 1966, when Ravi Shankar came to play for him there. Barham had subsequently worked on Wonderwall Music, and, on March 10, 1970, had created an arrangement for an unreleased session George helmed at Trident for a project by Indian musician Aashish Khan (which also featured Eric, Klaus and Ringo).
Dat zou er inderdaad op duiden dat het nummer in maart 1970 werd opgenomen en dat het goed mogelijk is dat we Eric Clapton horen spelen. Op de foto die bij de BBC gedeeld werd, zien we Ringo (overduidelijk met 1970-haardracht) met arrangeur John Barnham (links) en een Indiase man staan. Zou dat alsnog Suresh Joshi kunnen zijn? Het lijkt me niet Aashish Khan, die op een andere foto (zie daaronder) staat. Zou Joshi de sessie uit maart 1970 verward hebben met die uit de zomer van 1968? Het is goed denkbaar, omdat beide sessies in Trident plaatsvonden. Wederom: wie het weet, mag het zeggen!
Het zijn rare tijden, lieve lezers. Veel vertrouwde bezigheden vallen weg en iedereen moet zijn draai opnieuw vinden. Ondertussen werken velen, waaronder misschien jullie zelf wel, in de vitale sectoren om ons land draaiende te houden. In dat geval lezen jullie deze column ongetwijfeld pas veel later. Bedankt voor alles dat jullie doen voor ons land! Uit de grond van mijn hart. Juist deze weken vind ik het extra belangrijk dat de column overeind blijft. Dus schreef ik over recente ontwikkelingen in het Harrison-kamp, want die zijn er!
The Quiet Beatle?
Hoewel George Harrison vaak ten onrechte The Quiet Beatle genoemd werd, hielden de erven Harrison zich de afgelopen jaren opvallend stil. Zoon Dhani timmerde aan weliswaar aan de weg met zijn eigen muzikale carrière. Weduwe Olivia Harrison was ongetwijfeld achter de schermen druk als één van de vier executive members van de Apple board, maar écht spectaculair nieuws over de muzikale nalatenschap van George Harrison bleef uit. Tot begin dit jaar!
Wakker uit de winterslaap
Op 23 januari 2020 kondigde Dhani aan dat het door zijn vader in 1974 opgerichte platenlabel Dark Horse Records weer actief met materiaal naar buiten zou komen. Het label zou als het ware uit zijn winterslaap gaan ontwaken in het nieuwe decennium. De aankondiging werd gevierd met een nieuwe release op het label: een cover van het Tom Petty-nummer For Real-For Tom. Op het nummer horen we Dhani, met Jakob (de zoon van) Dylan, Amos Lee en Willie Nelson met diens zonen Micah en Lukas. [video]
Het bedrijf waar George en Olivia elkaar leerden kennen
Harrison junior refereerde in het persbericht dat hij Dark Horse Records als familiebedrijf beschouwt. Zijn ouders leerden elkaar er door kennen. Olivia werkte destijds voor de marketingafdeling van A&M Records in Los Angeles. Dat befaamde Amerikaanse label zorgde voor de distributie van Dark Horse Records. De transatlantische telefoongesprekken tussen George en Olivia resulteerden in een eerste ontmoeting in oktober 1974, waarna de twee officieel een stel werden. 1978 was het jaar waarin ze trouwden en hun zoon Dhani geboren werd. George en Olivia waren samen tot het overlijden van George, op 29 november 2001.
George bood andere artiesten een podium...
Met Dark Horse Records zat Harrison in de voorhoede van artiesten die hun eigen platenlabel oprichtten. Het label gaf George de mogelijkheid artiesten die hij bewonderde of wilde helpen zelf een podium bieden. Vriendschap en zijn persoonlijke voorkeuren leken daarbij belangrijker dan zakelijke overwegingen. Het was Harrisons intentie het label klein en overzichtelijk te houden. Hij bracht er zijn Indiase leermeester Ravi Shankar onder, net als de band Splinter en R&B-groep The Stairsteps. Saillant detail: Henry McCollough (ex-Wings) bracht in 1975 zijn album Mind Your Own Business uit bij het label van Harrison. [video]
...en gebruikte Darse Horse daarna als label voor zijn eigen albums
Vanaf 1976 gebruikte George Dark Horse Records vooral om zijn eigen albums de wereld in te slingeren, nadat hij in dat jaar formeel verlost was van de contractuele verplichtingen aan het Apple-label. George ontleende de naam van het label trouwens aan zijn in 1973 uitgebrachte nummer (en album) Dark Horse. Het logo van zijn platenmaatschappij bevat het zevenkoppige paard Uchchaihshravas, uit de hindoestaanse mythologie.
"All of those artists that my father loved so much"
In de afgelopen 45 jaar was Dark Horse Records achtereenvolgens gelieerd aan distributeurs A&M, Warner Brothers, EMI en Universal Music Group. Nu is er de deal met BMG, die het label nieuw leven zal blazen. In zijn persverklaring van januari 2020 verklaarde Dhani Harrison: "I look forward to reintroducing, to a new audience, all of those artists that my father loved so much. We will also be expanding the Dark Horse family with new artists and classic catalogues in the coming years to include a rich and varied roster of incredible musicians whom we love." Een veelbelovend statement!
Dhani en Olivia
World Record Store Day: Chants of India
Op 5 maart volgde de aankondiging dat Dark Horse Records met een bijzondere re-release komt: om de honderdste geboortedag te markeren van Ravi Shankar (7 april 1920 - 11 december 2012) verschijnt op Record Store Day 2020 het album Chants of India voor het eerst op vinyl. George Harrison produceerde de plaat voor zijn vriend en leermeester in 1997. Ook speelde en zong hij er op mee. Het zou het laatste grote project zijn van de twee gezworen vrienden. Chants of India verschijnt als dubbelalbum op rood vinyl. Aanvankelijk zou dat op 18 april zijn, ware het niet dat Record Store Day door de Coronacrisis is verplaatst naar 20 juni 2020. [video]
De schatkist is open
Hoewel Dhani Harrison aankondigde met Dark Horse Records nieuw materiaal uit te brengen, zal het label zich waarschijnlijk grotendeels gaan richten op heruitgaven uit archieven van het label. De zoektocht in de Harrison-archieven leverde overigens interessante vondsten op, las ik onlangs in een uitgebreid artikel in Rolling Stone Magazine. Zo kwamen er stapels 24-track tapes te voorschijn van de All Things Must Pass-sessies uit 1970. Hoewel veel materiaal van die sessies op bootlegs zou zijn verschenen, kan niets tegen het oorspronkelijke, kwalitatief puntgave materiaal tegenop. Dhani en Olivia benoemden de tapes in hun interview met Rolling Stone, net als de enorme hoeveelheid geluids- en filmopnamen van Harrisons Concert for Bangladesh, Living In The Material World en zijn Dark Horse Tour. Het openlijk benoemen van die teruggevonden schatten mogen we misschien als een voorbode zien van de nodige re-releases de komende jaren. Jubilea genoeg op komst. [video]
De afgelopen dagen bereikten me allerlei hartelijke en vrolijke berichten via social media. Met goede wensen voor het nieuwe jaar en...dat vond ik zo aardig van jullie...ook de nodige bedankjes voor de blogs van het afgelopen jaar. Dat waardeer ik. Het schrijven kost veel tijd en het is fijn om te weten dat er zoveel mensen trouw meelezen. Ik wens jullie ook een heel mooi, goed en gezond 2019 toe en ik hoop dat ik in het nieuwe jaar weer voldoende schrijfinspiratie heb om jullie (en mezelf!) mee op reis te nemen in de wereld die The Beatles voor ons achterlieten. Soms via de hoofdweg en vaak via allerlei onbekende steegjes, maar hopelijk nooit via platgetreden paden. Althans, daar doe ik hard mijn best voor. Dat beloof ik!
Het was stil rond George Harrison
Het was het afgelopen jaar eigenlijk heel stil rond de nalatenschap van George Harrison. Opvallend stil. Misschien deden de Harrisons het bewust. Er was genoeg te beleven rond The Beatles als band, een tourende Ringo Starr, de erven Lennon die met een spectaculaire Imagine-release kwamen en Paul McCartney die praktisch dagelijks in het nieuws was. Het leek me daarom mooi om jullie mee te nemen in de bijzondere vriendschap tussen George Harrison en Ravi Shankar. Zijdelings kwam die al eens aan bod, toen ik schreef over de spirituele weg die Harrison in zijn leven aflegde, maar er valt zoveel meer te vertellen over de bijzondere band die deze mannen hadden.
Eerst danser, daarna musicus
Ravi Shankar, die op 7 april 1920 in Benares (Varanasi) in Noord-India werd geboren, kan met gemak tot de meest invloedrijke Indiase klassieke musici van de afgelopen eeuw worden beschouwd. Wie weet wás hij wel de belangrijkste. In ieder geval strekte zijn invloed zich ook ver buiten de landsgrenzen van India uit. Ravi leerde al op jonge leeftijd dat de wereld nog groter was dan zijn geboorteland. Als danser trok hij met zijn oudere broer Uday Shankar en diens gezelschap door Europa. Toen Ravi zijn enorme talent voor de sitar ontdekte, verdween het dansen naar de achtergrond. Zijn broer zou overigens één van de bekendste Indiase choreografen van zijn tijd worden. Uday vermengde Indiase traditionele choreografieën met westerse elementen en sloeg daarmee de brug tussen oost en west. Precies hetgeen Ravi in de muziek zou gaan doen.
Een jonge Ravi met zijn oudere broer in Parijs, 1930.
The Byrds vormden de schakel tussen Harrison en Shankar
Na een sitar-studie van 6 jaar, onder toeziend oog van leermeester Allaudin Khan, begon Ravi de wereld rond te reizen met zijn sitar. Midden jaren '50, toen The Beatles in Liverpool hun eerste gitaren bemachtigden en in de ban raakten van rock 'n' roll-platen, was Ravi al een naam in de wereld van de klassieke Indiase muziek. Hij gaf concerten, werd uitgenodigd voor gerenommeerde wereldmuziek-festivals, componeerde filmmuziek en werkte voor de Indiase radio. In het jaar waarin The Beatles met Love Me Do hun voorzichtige doorbraak beleefden, richtte Shankar in Bombay een eigen muziekopleiding op. Ravi raakte in Amerika bevriend met platenbaas Richard Bock en nam een aantal platen op in hetzelfde studiocomplex als waar The Byrds werkten. Toen hun vriend George Harrison in 1966 met David Crosby en Roger McGuinn van The Byrds over zijn fascinatie voor het geluid van de sitar sprak, lag daar de sleutel tot de eerste ontmoeting tussen Harrison en Shankar.
Sitarlessen, september 1966
Terugtrekkende beweging uit de hippiecultuur
Hoewel Ravi graag de brug sloeg tussen oost en west, trok hij zich na optredens op het Montery Pop Festival en Woodstock langzaam maar zeker terug uit de hippie-cultuur. Hij verweet Jimi Hendrix, die op het podium zijn gitaar in brand stak, disrespect voor muziekinstrumenten, die hij als een verschijningsvorm van het goddelijke zag. De terugtrekkende beweging die George Harrison uit de wereld van de popcultuur maakte, loopt vrijwel parallel aan die van Ravi. Harrison vond in Shankar niet alleen een muzikale maar ook een spirituele vriend, die hem verder introduceerde in de wereld van de klassieke Indiase muziek. Over hun eerste ontmoeting vertelde George Harrison de pers later, dat Ravi Shankar de eerste man was geweest die werkelijk indruk op hem had gemaakt. Shankar zei op zijn beurt over Harrison:
From the moment we met, George was asking questions, and I felt he was genuinely interested in Indian music and religion. He appeared to be a sweet, straightforward young man.
Ravi vond het sitargeluid op Norwegian Wood uitermate vreemd klinken
De mannen vonden bij elkaar een oprechtheid en authenticiteit die hen ertoe deed besluiten veel tijd met elkaar door te brengen, in India, de VS en in Engeland. Ravi gaf George een aantal sitarlessen, maar spoorde hem vooral ook aan de gitaar weer op te pakken en zijn eigen roots te volgen. Hoewel Harrison een vurig verlangen had de sitar te leren spelen, legde Shankar hem uit dat de basisopleiding 5 jaar lang, 8 uur studeren per dag betrof, en dat het daarna nog een jaar of 15 zou kosten om tot volle wasdom te komen. Shankar vond het geluid van de sitar op Norwegian Wood dan ook uitermate vreemd klinken. Zo eenvoudig was het niet om de brug te slaan tussen de wereld van de raga en de rock.
Een prachtige foto van Ravi in Londen, omstreeks 1967
Spiritueel en aards
Harrison vond in Shankar vooral een vriend en een gesprekspartner. De erudiete Indiër die niet alleen uitvoerig over muziek, maar ook over literatuur, spiritualiteit, film en theater kon praten, was een bron van inspiratie voor de jonge Harrison. Shankar kwam uit een vooraanstaande Indiase familie, Harrison kende Liverpool, Londen en verder alleen alle kleedkamers en concertpodia ter wereld. Shankar hielp hem zijn blik te verbreden. Wat de mannen in elkaar aantrok, was misschien ook hun dualistische levenshouding: een neiging tot ascetisch leven, maar niet ongevoelig voor aardse verleidingen.
Bij de persconferentie voor The Concert for Bangladesh, 1971
Oosterse klanken voor Westerse oren
Met The Concert For Bangladesh organiseerden de twee vrienden het eerste benefietconcert in de westerse popgeschiedenis. De twee concerten die op 1 augustus 1971 in New York plaatsvonden, zetten de toon voor latere evenementen zoals Live Aid. Toen Shankar en zijn muziekgezelschap na het stemmen van de instrumenten het applaus van het westerse publiek in ontvangst namen, sprak Ravi de legendarische woorden: If you like our tuning so much, I hope you will enjoy the playing more. Oosterse klanken en westerse oren ontmoetten elkaar. Ravi ging in 1974 met Harrison mee op diens Dark Horse Tour. Een weinig succesvolle onderneming. Beide muzikanten werden geplaagd door ziekte en het publiek dat voor 'Beatle George' kwam, kon de Indiase component van de show niet altijd waarderen. Harrisons had bovendien een aanhoudende keelontsteking waardoor hij nauwelijks nog kon zingen. Ravi kreeg een hartaanval en moest een aantal data van de tour missen.
In 1974/75 tijdens de Dark Horse Tour verkeerden beide
mannen niet in goede gezondheid.
Zeldzaam inkijkje
Vanaf de tweede helft van de jaren '70 was de vriendschap tussen George en Ravi niet meer zo zichtbaar voor het grote publiek. De band tussen de mannen verdiepte zich. Harrison ontpopte zich in de loop der jaren als producer (en soms instrumentalist) op een aantal van Shankars albums: Shankar Family & Friends (1973), Ravi Shankar's Music Festival From India (1976) en Chants of India (1997). De releases verschenen, samen met een prachtig fotoboek en een concertfilm uit 1974, in de luxe cd-box Collaborations. Rond het verschijnen van het album Chants of India gaven beide vrienden met deze [minidocumentaire] een zeldzaam inkijkje in hun samenwerking:
Speciale compositie voor George
Chants of India zou het laatste muzikale samenwerkingsproject van de twee zijn. Ravi was degene die op 29 november 2001 in Los Angeles aan het sterfbed van de doodzieke Harrison zat. Tijdens het Concert for George, dat een jaar later ter nagedachtenis aan Harrison in de Royal Albert Hall gehouden werd, sprak de inmiddels 81-jarige Ravi warme woorden over 35 jaar vriendschap tussen de twee en bereidde hij in de aanloop naar de avond met dochter Anoushka een speciale compositie voor Harrison voor. Als je even de tijd neemt om onderstaand filmpje te kijken, krijg je inzicht in de improviserende manier waarop Shankar componeert en arrangeert. Werkelijk intrigerend:
Als vader en zoon
Shankar, die zelf in 2012, op 91-jarige leeftijd overleed, omschreef zijn band met Harrison regelmatig als die van vader en zoon, als leraar en student, maar ook als broers en hechte vrienden. Ondanks, of misschien wel dankzij hun leeftijdsverschil van 23 jaar en zeer verschillende culturele achtergronden, vulden de twee elkaar aan. Als ik naar één van de laatste foto's van deze twee soulmates kijk, hoop ik dat hun zielen elkaar ergens in dit universum weer zijn tegengekomen. Zelf geloofden ze in die mogelijkheid. Je zou het ze gunnen.
Kijk eens even in je cd-kast. De kans is best groot dat daar het album What's The Story Morning Glory van de Britse band Oasis staat. Midden jaren '90 waren de broertjes Noel en Liam Gallagher groter dan ooit. In oktober 1995 brachten ze zowel het genoemde album als de single Wonderwall uit. Een nummer dat jarenlang door elke straatmuzikant gespeeld en door tienduizenden fans in voetbalstadions meegezongen werd, steevast op de playlists van de grote radiostations stond en vele malen per dag op de (toen nog nog) muziekzender MTV voorbij kwam. Het was bijna de hymne van de jaren '90:
Today is gonna be the day
That they're gonna throw it back to you
And all the roads we have to walk are winding
And all the lights that lead us there are blinding
There are many things that I
Would like to say to you but I don't know how
Because maybe, you're gonna be the one that saves me
And after all, you're my wonderwall
Inmiddels kan ik het nummer eigenlijk niet meer horen, al blijft het natuurlijk wel een sterk staaltje Britpop. Noel Gallagher schreef Wonderwall voor Meg Mathews, zijn toenmalige vriendin. De titel van het liedje ontleende hij echter aan het eerste soloalbum van George Harrison, Wonderwall Music. En dat was een hele bijzondere plaat. In meerdere opzichten.
Oasis' album waarop Wonderwall stond & George Harrisons Wonderwall Music
Wonderwall Music was het eerste soloalbum van een Beatle
Hoewel George Harrison, die vandaag 74 zou zijn geworden (of was het nu gisteren?), zich als songschrijver altijd achter John Lennon en Paul McCartney geplaatst zag, was hij juist de eerste Beatle die een soloalbum uitbracht. Of moeten we Paul McCartney's soundtrack voor The Family Way (januari 1967) hier toch ook even noemen? Dat album stond officieel op naam van The George Martin Orchestra. Velen denken bij Harrisons solodebuut automatisch aan zijn driedubbelelpee All Things Must Pass uit 1970. Minder bekend is dat George al twee jaar eerder een plaat produceerde. Op 1 november 1968 verscheen Wonderwall Music. Het was, met catalogusnummer APCOR 1, het eerste album dat uitkwam op het destijds pas opgerichte Apple-label. The Beatles zagen Apple Records aanvankelijk als een uitlaatklep voor hun eigen experimenteerdrift, maar op het label verschenen vanaf dat moment hun reguliere singles, albums en een groot deel van hun solowerk. Ook artiesten als Billy Preston, Mary Hopkin en James Taylor werden door Apple gecontracteerd. Wil je meer weten over dit kleurrijke label, dan kan ik je de speciale Apple-uitzending van de Fab4Cast van harte aanbevelen. Beatlesfan, muziekverzamelaar en Apple-kenner Ron Bulters neemt je daarin met verhalen en muziekfragmenten mee door de geschiedenis van het kleurrijke label.
George had geen idee hoe hij een soundtrack moest maken
Terug naar Harrisons eerste soloplaat. Als het gaat om experimenteerdrift, dan is George Harrisons Wonderwall Music een album dat destijds volledig voldeed aan de aanvankelijke doelstelling waarmee het Apple-label werd opgericht. In 1967 was het regisseur Joe Massot die George Harrison benaderde met de vraag om een soundtrack bij de op handen zijnde filmproductie Wonderwall te componeren. Harrison reageerde geïnteresseerd maar ook onzeker op de vraag van de Amerikaanse filmmaker. Wonderwall zou, geheel passend in de mode van die tijd, een psychedelische rolprent worden over een excentrieke wetenschapper die zijn buren, een jong stel, bespioneert via een gat in de muur. De wetenschapper maakt meer gaten in de muur tussen zijn appartement en dat van zijn buren en raakt geobsedeerd door de fotograaf en het model (gespeeld door Jane Birkin) naast wie hij woont. Regisseur Massot moet de aarzeling bij George Harrison gezien hebben, maar beloofde hem dat al zijn muziek zonder meer gebruikt zou worden. George was ohm, herstel: om.
Scène uit de film Wonderwall
De film kreeg een soundtrack die leunde op de Indiase traditie
Eind '67 was George Harrison inmiddels volledig in de ban geraakt van klassieke Indiase muziek. In juni 1966 had hij Ravi Shankar ontmoet. De grootmeester op de sitar maakte een onuitwisbare indruk op Harrison. Onlangs schreef ik een blog over het spirituele en muzikale pad dat George Harrison in zijn leven volgde. Toen George zich aan het componeren van de soundtrack had gecommitteerd, besloot hij om de luisteraar een introductie in de Indiase muziek te geven. George bekeek de film bij Massot in de Twickenham Film Studio's en startte in november in de EMI-studio's aan Abbey Road met de opnames voor de soundtrack. Hij werkte daarbij niet samen met George Martin, maar koos voor arrangeur John Barham, die hem hielp zijn ideeën op papier te krijgen.
Tijdens de sessies in Bombay
De omstandigheden om in India op te nemen waren ronduit primitief
Op 7 januari 1968 vloog George met echtgenote Pattie Boyd naar India. Twee dagen later begonnen in Bombay de vervolgsessies voor de plaat. EMI had opnamestudio's over de hele wereld en zeker in de Commonwealth. Het waren niet de meest ideale omstandigheden om een plaat in op te nemen overigens. De studio was niet goed geïsoleerd, zodat op sommmige nummers omgevingsgeluiden van buiten te horen zijn. Ook was er geen adequate opnameopparatuur aanwezig. Ik las dat George zich wist te herinneren dat EMI-manager Bhaskar Menon hoogstpersoonlijk per trein uit Calcutta arriveerde om een tweesporenrecorder te komen brengen. Over de opnames zei George:
It was fantastic really. The studio is on top of the offices. If you listen closely to some of the Indian tracks on the LP, you can hear taxis going by. I mixed everything as we did it there, and that was nice enough because you get spoiled working on eight and sixteen tracks.
Er is nog een mooie filmopname beschikbaar van de sessies
Maar goed, George zat wel in het door hem zo geliefde India. En in de studio in Bombay kon hij, temidden van Indiase sessiemuzikanten, zijn ideeën verder vormgeven. Onderstaand kort filmfragment laat zien hoe George daar op 10 februari de opnamesessie leidt. In de eerste seconden zien we Rijram Desad die een klein harmonium bedient. Ook is muzikant Vinayak Vohra in beeld. Hij bespeelt een taar shehnai, een strijkinstrument waaraan een metalen hoorn is bevestigd. Helaas is er geen geluidsopname beschikbaar, maar ik vind het een prachtige sfeerimpressie van de sessies voor Wonderwall Music [filmpje]
Wonderwall Music werd een crossover-album
George maakte van zijn solo-debuut uiteindelijk een crossover-album, waarop hij Indiase muziek combineerde met westerse pop. We horen country en zelfs vaudeville-achtige amusementsmuziek. De nummers moesten uiteraard de filmscènes ondersteunen. Tijdens de opnames werd de lengte van de nummers met een stopwatch bijgehouden. Deze moesten precies overeenkomen met de betreffende filmscènes. Wat gaat het er tegenwoordig anders aan toe dan in de jaren '60! Ringo Starr, Eric Clapton en Peter Tork speelden op een aantal nummers mee. De tracks op Wonderwall hebben allemaal een eigen sfeer. Graag wil ik je het nummer Ski-ing laten horen. Het heeft haast een Jimi Hendrix-achtig geluid. Oost en West ontmoeten elkaar als we Eric Clapton horen soleren over het aanhoudende geluid van een tambura. De gitaarrif werd overigens in de jaren '90 door Britpop-band Kula Shaker geleend in het nummer Gokula. Hierbij het origineel: [filmpje]
Wereldmuziek en Britpop Wonderwall Music kreeg een op René Magritte geïnspireerde albumcover. Op de achterzijde was een bewerkte foto van de Berlijnse Muur te zien. De film ging op 17 mei 1968 in Cannes in première. George en Pattie waren aanwezig, evenals Ringo Starr en zijn vrouw Maureen. De soundtrack kreeg goede reviews en Quincy Jones noemde de plaat zelfs The greatest soundtrack he had heard. Bij die laatste kwalificatie zet ik toch mijn vraagtekens, maar een compliment was het wel. Harrison zelf vond, jaren later, dat hij te veel westerse muziek aan het album had toegevoegd. Al met al vind ik Wonderwall Music een, voor die tijd, vernieuwende LP, die zowel bij heeft gedragen aan de erkenning van Wereldmuziek in het westen als de Britpop waarmee Oasis en Kula Shaker midden jaren '90 de hitparades bestormden.
George met Jane Birkin tijdens de première van Wonderwall in Cannes
Eigenlijk wil ik al weken een blog schrijven over de spirituele weg die George Harrison tijdens zijn leven bewandelde. Een prachtig onderwerp, vind ik zelf. Tegelijkertijd is het ook best een uitdaging om daarbij een goede invalshoek te kiezen. Het verhaal is mooi, maar ook veelomvattend. En het staat dicht bij me. Ik hikte er tegenaan, dacht er uren over na, al wandelend en fietsend. Ik wilde het goed te doen, misschien wel te goed. Zal ik dan maar gewoon beginnen? Dat doe ik met het motto:
If you don't know where you're going
Any road will take you there
Katholiek gedoopt, met een aangeboren spirituele gevoeligheid
Toen George Harrison als baby katholiek gedoopt werd, had hij waarschijnlijk nog geen vermoeden van de rol die religie en spiritualiteit in zijn leven zouden gaan spelen. Vader Harold had niets met religie, maar moeder Louise was van huis uit katholiek en vond het belangrijk dat haar kinderen gedoopt werden. Als kind vergezelde George zijn moeder op hoogtijdagen als Kerstmis en Pasen naar de kerk, maar hij verloor zijn interesse als tiener. Toch was er iets opmerkelijks gaande. Als kind had George regelmatig mystieke ervaringen, zo vertelde hij zelf in een interview in 1977. Onverwacht en zonder enige aanleiding kon hij zich ineens heel klein voelen en tegelijkertijd onderdeel van iets heel groots. It was feeling like two different things at the same time. And this little thing, this feeling that would vibrate right through me, would start off like rolling around and it would start getting bigger and bigger and faster and faster until it was going like so far and so fast that it was mind-boggling, and I'd come out of it really scared. Er gebeurde dus iets bij de jonge George, dat blijkbaar tijd nodig had om zich te ontwikkelen.
George met de Londense Hare Krishna's
Steeds weer India op zijn levenspad
In februari 1965, toen George net 22 was geworden, kwam de spiritualiteit opnieuw op zijn pad. The Beatles waren naar de Bahama's gevlogen voor de opnames van hun tweede film, Help! De groep werd opgemerkt door Swami Vishnu-devananda. Deze geestelijke verbleef op hetzelfde eiland en voelde een sterke behoefte om de vier bandleden een exemplaar van zijn werk The Complete Illustrated Book of Yoga te geven. George pakte het boek aan, legde het weg, maar raakte er een tijd later in geïnteresseerd. De opnames van Help! verplaatsten zich vervolgens naar Londen Ook daar gebeurde iets onverwachts. Tijdens het filmen van een scène in een Indiaas restaurant, hoorde George het geluid van een sitar. Gefascineerd door de sound had hij daarbij een onverklaarbaar gevoel van herkenning. In het boek Tune In schrijft Mark Lewisohn dat Louise, Georges veel oudere zus zich iets bijzonders wist te herinneren. Namelijk dat haar zwangere moeder in de winter van 1943 heel graag op zondagen naar een radioprogramma luisterde, getiteld Radio India. Daarbij schalden de klanken van de sitar, de tabla en de Indiase fluit door de woonkamer van de Harrisons in Liverpool.
De bewuste scène uit Help! in het Indiase restaurant
Een tip van David Crosby en Roger McGuinn
In augustus 1965 sprak George over zijn fascinatie voor het geluid van de sitar met David Crosby en Roger McGuinn van The Byrds. Deze bevriende muzikanten wisten de Beatle te vertellen dat 's werelds beroemdste sitarspeler, Ravi Shankar, wel eens in hun studio opnames maakte. Ze legden een elpee van Ravi op de platenspeler en lieten George kennismaken met de muziek van Shankar. Ook spoorden Crosby en McGuinn George aan om de grote Ravi beslist eens te ontmoeten. Terug in Engeland kocht George zelf een sitar. Het is het exemplaar dat te horen is op Norwegian Wood. Een Oosters instrument op een westerse popplaat, dankzij de fascinatie van George Harrison.
1965: George experimenteert met de sitar. Zijn verloofde, Pattie Boyd, kijkt mee.
Zoeken naar de zin van het leven
Het was met name ook George Harrison die wilde ontsnappen aan de waanzin van de Beatlemania. Het moordende schema van touren, platen opnemen en films maken deed hem verlangen naar rust en bezinning. George was muzikant, maar kreeg een enorme afkeer van de gekte die The Beatles overal veroorzaakten. De flauwvallende meisjes, de politieke rellen... George had er genoeg van. Hoewel hij zich afgekeerd had van het geïnstitutionaliseerde Christendom, voelde hij dat er ruimte in hem was om te ontdekken waar het leven werkelijk over ging. In ieder geval niet over spelen in stadions met 50.000 gillende fans. De film Living In The Material World (2011) toont Georges levensverhaal en laat op indringende wijze zien hoe zijn zoektocht er uit zag. Inmiddels voor een paar euro te koop op dvd, een aanrader!
LSD als katalysator
Terug naar de Sixties. In april 1965 al had een bevriende tandarts, John Riley genaamd, de nietsvermoedende George en John (en hun vrouwen) in contact gebracht met LSD. Simpelweg door het na een diner in hun koffie te laten glijden. Er volgde een intense LSD-trip die John en George, naar eigen zeggen, voorgoed zou veranderen. Bij George wakkerde het zijn spirituele gevoelens weer aan. In 1987 vertelde George LSD just opened the door and I experienced really good things. I never doubted God after that. George experimenteerde met de drug, maar keerde zich later van af.
George tijdens één van zijn vele India-reizen
Ravi Shankar als nieuwe leermeester
Begin 1966 kwam het tot een ontmoeting tussen George en Ravi Shankar. Er ontstond een diepe vriendschap tussen de twee muzikanten, waarover ik graag nog eens wat meer wil schrijven. George en Pattie bezochten India en George kreeg sitarlessen van zijn nieuwe leermeester. Bekijk even het prachtige fimpje dat daarvan bewaard bleef. [filmpje]
Het was Ravi die George een aantal boeken gaf, die de spirituele gevoelens alleen maar verder aanwakkerden. Met name Autobiography of a Yogi (Paramahansa Yogananda), Raja Yoga (Swami Vivekananda) en de eeuwenoude I Ching. Georges ontdekkingsreis paste in de jaren '60, waarin men in de westerse wereld steeds meer aandacht kreeg voor oosterse spiritualiteit. Die beweging was er al, maar met The Beatles in de voorhoede, kwam alles in een stroomversnelling. Wat volgde waren de contacten met de Maharishi, de Transcedente Meditatie en het bezoek van The Beatles aan India. Waar de rest van de groep de Oosterse spiritualiteit als een interessante fase zag, bleef George zijn leven lang gefascineerd door het mystieke.
George voelde een sterke connectie tot de god Krishna
Hoe kun je de spiritualiteit van George Harrison samenvatten?
Op basis van boeken, interviews en zijn eigen muziek, kun je concluderen dat George Harrison met name een Hindoeïst was, met een warm hart voor de Hare Krishna-beweging waarmee hij zelfs een album maakte. George had een bijzondere fascinatie voor de Hindoestaanse God Krishna, afgebeeld als een blauwe figuur met een fluit. Maar Georges interesse ging lag ook voorbij het Hindoestaanse geloof. Hoewel hij een afkeer had van het geïnstitutionaliseerde Christendom, was George wel degelijk geïnteresseerde in de gnostische kant ervan. Hij las de niet door de kerk erkende evangeliën van Thomas en Filippus en vond daarin ook aanknopingspunten voor zijn spiritualiteit. Met de kerk van Rome en alle protestantse en katholieke dogma's had hij echter niets. Tegen de paus ageerde George in Awaiting On You All (1970):
And while the Pope owns 51% of General Motors
And the stock exchange is the only thing he's qualified to quote us
The lord is awaiting on you all to awaken and see
By chanting the names of the lord and you'll be free
George dacht dat alles vergankelijk is, behalve de ziel
Als Hindoeïst was George ook heilig overtuigd van het voortbestaan van de ziel, het fenomeen reïncarnatie en het feit dat al het materiële vergankelijk is, getuige het nummer All Things Must Pass(1970). In het ontroerend eerlijke My Sweet Lord durfde George Harrison zich als één van de eerste westerse mainstream popsterren spiritueel kwetsbaar op te stellen en God toe te zingen in alle namen die hij maar kon bedenken: Hallelujah, Hare Krishna, Gurur Brahma, Gurur Vishnu, Maheshswhara, Guru Sakshaat, Parabrahma, Tasmayi Shree, Guruve Namah, Hare Rama.
[filmpje]
Muziek en mystiek
De spiritualiteit van Harrison is in heel veel van zijn liedjes terug te vinden. Soms expliciet, maar ook vaak verkapt. Wat mij raakt is de oprechtheid in zijn zoektocht, zijn gevoelige ziel en de manier waarop George alles in zijn muziek durfde te uiten. Daarbij gaat het me niet om religie op zichzelf, maar om de verwondering van een mens over iets dat hij voelt en niet kan bevatten. Is dat mystiek? Ik wil hier graag een aantal nummers van George Harrison aanreiken waarin zijn spiritualiteit voor mij hoorbaar en voelbaar is. Daarbij laat ik de andere genoemde nummers achterwege. Klik op de titels om naar de nummers te luisteren.
de laatste klanken op zijn laatste album Brainwashed
Verstrooid in de Ganges
Bij zijn sterfbed, op 29 november 2001, speelden twee van Georges oudste Hindoestaanse vrienden Indiase muziek. Zijn hoofd werd besprenkeld met water uit de Ganges. George stierf vredig op dezelfde klanken die hem blijkbaar al in de baarmoeder via een radio in Liverpool wisten te vinden. Hij werd gecremeerd, zijn as werd naar India gevlogen en verstrooid in de heilige rivier. Jan Cees ter Brugge fluisterde me laatst in dat niet alleen Georges vrouw Olivia en zoon Dhani daarbij aanwezig waren, zoals de officiële versie van het verhaal gaat. Ook Paul en Ringo zouden tijdens de uiterst geheime ceremonie aan de Ganges hebben gestaan. Ik vind het een tedere gedachte.
Dit voorjaar bracht Eric Clapton een nieuw album uit, getiteldI Still Do. Om de release was vooraf even wat te doen in de pers. Het verhaal ging dat George Harrison, uiteraard via een oude opname, op het album te horen zou zijn. Onder een schuilnaam nog wel, namelijk als l'Angelo Misterioso, een pseudoniem dat George wel vaker gebruikte. Dat soort nieuws leidt altijd tot enige opwinding. Elke nieuwe, onuitgebrachte opname van George, die in 2001 overleed, is natuurlijk spannend. Maar het was niet waar, verklaarde Clapton. Evengoed is I Still Do een mooi, warm geproduceerd album, waarop Claptons liefde voor de blues goed te horen is. Ik heb groot respect voor Eric Clapton. De inmiddels 71-jarige gitaarheld heeft een lange staat van dienst in de muziekwereld. Zijn privéleven was van tijd tot tijd bijzonder zwaar, maar...zoals dat gaat in de kunsten, het inspireerde hem tot het componeren van hartverscheurend mooie muziek. Tussen Eric Clapton en The Beatles bestaan de nodige connecties, waarbij zijn vriendschap met George Harrison de belangrijkste is. Een vriendschap die bijzonder ver ging.
In het voorprogramma van The Beatles
In 1964 speelde de piepjonge Eric Clapton, hij was nog maar 19, bij The Yardbirds. Deze Engelse bluesband was geboekt als het voorprogramma van The Beatles, bij een kerstshow in Londen. Het kwam vanzelfsprekend tot een ontmoeting tussen beide bands. In de jaren daarna ontmoetten Clapton en de vier Beatles elkaar veelvuldig in het Londense uitgaansleven. Met name tussen George Harrison en Eric Clapton ontstond een hechte vriendschap.
1968 als sleuteljaar en de chocoladeverslaving van Eric
In 1968 kwam de relatie tussen Clapton en The Beatles in een stroomversnelling. George Harrison schreef mee aan Claptons nummer Badge dat later zou verschijnen op het afscheidsalbum van superband Cream. George nodigde Eric in september van dat jaar uit bij één van de sessies van het White Double Album. The Beatles waren die dag bezig met de opnames van While My Guitar Gently Weeps. Clapton kreeg alle ruimte van Harrison om de gitaarsolo te verzorgen. John Lennon was afwezig. In de nadagen van de band kwam het vaak voor dat de vier Beatles niet meer tegelijkertijd in de studio aan het werk waren. Clapton inspireerde Harrison trouwens bij het schrijven van het nummer Savoy Truffle, waarin de inhoud van een complete doos met bonbons van Mackintosh Good News beschreven wordt. Eric Clapton was namelijk gek op chocolade. Na zinnen als cream tangerine, montelimar, a ginger sling with a pineapple heart, coffee dessert, yes you know it's Good News, waarschuwt George Eric. Als hij door blijft snoepen, zullen zijn tanden het begeven: but you have to have them all pulled out after the savoy truffle. De humor van Harrison.
Lennon wilde Clapton wel bij The Beatles hebben
Het was ook Eric Clapton die dat jaar een deel van de gitaarpartijen verzorgde op George Harrisons eerste solo-album Wonderwall, dat de soundtrack vormde van de gelijknamige film. Tevens speelde Clapton samen met Lennon in de gelegenheidsband The Dirty Mac, rond het Rock 'n' Roll Circus-project van de Rolling Stones. John Lennon wist dus heel erg goed hoe fenomenaal Eric Clapton gitaar speelde. Toen er een paar maanden later spanningen binnen The Beatles waren en George uit de band dreigde te stappen, stelde John gortdroog voor om hem maar door Eric Clapton te vervangen. Zo ver kwam het trouwens niet. De vriendschap tussen George en Eric leed er niet onder. De twee bleven tijd samen doorbrengen. In het voorjaar van 1969 schreef George het nummer Here Comes The Sun in Erics tuin, geïnspireerd door de eerste warme zonnestralen van dat jaar.
Jouw vrouw, mijn vrouw
Tjsa, en dan kom ik natuurlijk op de kwestie Pattie Boyd. George had fotomodel Pattie Boyd in 1964 ontmoet tijdens de opnames van de eerste Beatlesfilm A Hard Days Night en het koppel trouwde op 21 januari 1966.
De Harrisons waren dik bevriend met Eric Clapton, maar de goede huisvriend werd zowaar verliefd op de beeldschone Pattie. Clapton hield zijn verliefdheid eerst nog voor zich, maar al snel was bleek de situatie voor hem onhoudbaar. Op een dag vroeg Eric Pattie of hij haar iets mocht laten horen. Het was het nummer Layla, waarin hij zong over zijn wanhopige gevoelens:
Layla, you got me on my knees
Layla, I'm begging darling please
Layla, darling won't you ease my worried mind
Goedkeuring van George
Aanvankelijk ging Boyd niet in op Claptons avances, maar uiteindelijk kregen de twee in 1974 officieel een relatie, toen George en Pattie hun scheidingsprocedure inzetten. De inmiddels 72-jarige Pattie was vorige week nog in Liverpool, bij de expositie van haar foto's van George en Eric in het Beatlesmuseum in de Albert Dock. Beelden uit het verleden dat zij deelde met deze twee muzikanten. George was destijds trouwens snel op de hoogte van de gevoelens tussen zijn vrouw en beste vriend en het duurde niet lang voor hij hen zijn zegen gaf. Zijn vriendschap met Eric leed er wederom niet onder en George was zelfs in 1979 getuige op het huwelijk van Eric en Pattie. Tijdens de huwelijksreceptie kwam het trouwens bijna tot een Beatlesreünie. Zo stonden Paul, Ringo en George, samen met nog een aantal muzikanten vol overgave te jammen in de tuin van het pasgetrouwde stel. John Lennon zat in die tijd al lang en breed in New York. Hij had best willen komen, zei hij. Als hij maar geweten had dat er een feestje was.
Paul McCartney, Lonnie Donegan, George Harrison en Ringo Starr op de bruiloft van Eric Clapton en Patty Boyd, 19 mei 1979
Volop samenwerking met de ex-Beatles
Na het uiteengaan van The Beatles werkte Eric Clapton regelmatig met de ex-bandleden samen. Zo trad Eric op met John Lennons Plastic Ono band. In de nadagen van The Beatles toerde hij trouwens ook al met George Harrison en de band Bonnie and Delaney. Clapton speelde gitaar op veel van Georges solo-albums, waaronder All Things Must Pass en stond zij aan zij met zijn vriend op het grote benefietconcert voor Bangladesh. Zwaar onder de verdovende middelen, dat wel. Eric worstelde heel wat jaren met drank en drugs. In 1991 wist hij zijn trouwe vriend George over te halen om samen op tournee te gaan door Japan. Paul McCartney tenslotte leverde in recentere jaren een bijdrage aan Eric Claptons album Old Sock, waarop voornamelijk covers te vinden zijn.
George en Eric tijdens het Prince's Trust Concert in 1987
Waarom werd Eric Clapton geen Traveling Wilbury?
Eind jaren '80 formeerde George Harrison de band The Traveling Wilburys, waarvoor hij zijn vrienden Jeff Lynne, Roy Orbison, Tom Petty en Bob Dylan vroeg. Het project kwam voort uit de sessies voor het succesvolle solo-album Cloud Nine. Op die Harrison-plaat nam Eric Clapton een deel van de gitaarpartijen voor zijn rekening. De vraag is waarom muziekmaatje Clapton niet toetrad tot het illustere gezelschap. Had hij andere verplichtingen? Had hij er geen zin in? Mocht het contractueel niet? Ik heb nog gezocht naar een verband met de voor Clapton zware periode na het noodlottige ongeval waarbij zijn vierjarige zoontje Conor om het leven kwam. Dat drama voltrok zich echter pas in 1991. Of was hij aan het afkicken van de verdovende middelen? Misschien heeft iemand een idee waarom Clapton nooit een Wilbury werd. Ik hoor het graag!
The Concert For George
Waar ik absoluut niet aan voorbij mag gaan, is het eerbetoon dat Eric in 2002 bracht aan George Harrison. Een jaar na het overlijden van George, organiseerde Clapton, in nauwe samenwerking met Georges weduwe en zoon The Concert For George. Een hartverwarmende avond in de Londense Royal Albert Hall, waarbij Georges liedjes gespeeld werden door zijn vrienden. Het werd een echte East Meets West-avond, met Ravi en Anushka Shankar, Ringo Starr, Paul McCartney, Monthy Python, Billy Preston, Jools Holland, Tom Petty en vele anderen. Met enorme gedrevenheid en precisie had Eric Clapton de muzikale touwtjes in handen. Als laatste eerbetoon aan zijn trouwe vriend. Natuurlijk werd ook While My Guitar Gently Weeps gespeeld. Het nummer dat Eric en George voor altijd zal blijven verbinden. Bekijk hier de live-uitvoering, waarop ook Georges zoon en evenbeeld Dhani Harrison, Paul McCartney en Ringo Starr te zien zijn. Naast vele andere muzikanten.
Voer voor een Fab4Cast!
Tijd om dit ongetwijfeld niet complete overzicht af te sluiten. Het was een poging om de bijzondere relatie tussen Eric Clapton en The Beatles te schetsen. Eigenlijk is dit voer voor een hele mooie uitzending van de interessante podcastserie Fab4Cast. Materiaal genoeg, zou je zeggen!