Posts tonen met het label National Trust. Alle posts tonen
Posts tonen met het label National Trust. Alle posts tonen

zaterdag 23 september 2023

Hidden Treasures of The National Trust: welke geheimen gaf het jeugdhuis van Paul McCartney onlangs nog prijs?

Het is eindeloos smullen, als je tijd hebt om naar de prachtige televisieprogramma's van de BBC te kijken. Met veel gevoel voor kunst, cultuur, en erfgoed neemt The Beeb je in het programma Hidden Treasures of The National Trust graag mee naar de meest bijzondere huizen die Engeland rijk is. Vaak zijn dat eeuwenoude kastelen en landhuizen, maar eerder dit jaar zat ik op het puntje van m'n stoel te kijken naar de uitzending over 20 Forthlin Road. Het Liverpoolse jeugdhuis waar Paul en Mike McCartney opgroeiden. De plek die, samen met het jeugdhuis van John Lennon, al enkele jaren op afspraak te bezichtigen is. 


Interessante verhalen
Zelf was ik er twee keer. Ik keek m'n ogen uit. Ongetwijfeld waren jullie er, als lezers van deze blog, ook wel eens te gast. En als je je ogen dichtdoet, kun je 20 Forthlin vast nog steeds uittekenen. Het maakt wel indruk, om het huis te bezoeken waar Paul zijn eerste nummers met John schreef, zittend bij de schouw. Waar hij in de achterkamer oefende, waar John in de keuken thee stond te zetten, en waar de 'early Beatles' in 1958 vanuit het slaapkamerraam op het platte schuurdak klommen om de jaarlijkse Politieshow gade te slaan. We kennen het huis, we kennen de verhalen. Maar.....niet alle. Zo bleek uit de genoemde aflevering van Hidden Treasures of The National Trust. Met hulp van Mike McCartney (én Paul, op afstand) legde de BBC namelijk een aantal zeer interessante verhalen en bijbehorende herstelwerkzaamheden rond het huis vast.



Weinig bewoners
De McCartneys trokken in 1955 in de woning aan 20 Forthlin Road, die op dat moment drie jaar oud was. Na een jaar overleed moeder Mary en bleef vader Jim met zijn twee opgroeiende zoons achter. Het zou ook vader Jim zijn die uiteindelijk als laatste de deur van 20 Forthlin Road achter zich dichttrok, om te verhuizen naar een groter huis dat Paul voor hem kocht. De familie die 20 Forthlin Road van de McCartneys kocht, woonde er maarliefst tot 1995, waarna The National Trust het huis aan haar vastgoedportefeuille kon toevoegen. Het is dus vrij uniek dat de bescheiden tussenwoning in Zuid-Liverpool uiteindelijk maar zo weinig bewoners heeft gehad. Dat betekende dat het relatief gemakkelijk was om het huis weer terug te brengen in zijn oorspronkelijke staat, al werd dat met uiterste precisie gedaan.


Drie onthullingen
Nadat 20 Forthlin Road vele jaren dienst deed als museumwoning, waar kleine groepen toeristen onder begeleiding van een gids een kijkje konden nemen, brak recent een nieuwe fase in de restauratie van het huis aan. Want er waren nog open eindjes. Het huis hield zelfs nog enkele geheimen verborgen. Je begrijpt dat ik met grote interesse heb zitten kijken naar de manier waarop The National Trust ons nóg meer liet zien van deze bijzondere woning. De herstelwerkzaamheden richtten zich op drie zaken: het behang boven de schouw, verborgen tekeningen op de wand van het toilet op de eerste verdieping én de slaapkamer van Jim en Mary McCartney, achter de deur die altijd gesloten bleef voor toeristen.

Losse eindjes
Als eerste worden we in de uitzending meegenomen in de 'behang-kwestie'. Het is bekend dat Mary McCartney alle muren van de woonkamer van verschillende soorten behang voorzag. Het gezin leefde zuinig en Mary kocht daarom de goedkope restanten van rollen behang. Het lukte de National Trust de afgelopen jaren om in twee gevallen te achterhalen om welke behang-restanten het ging. Dus zien we bij het woonkamerraam en op de wand waar de piano tegenaan staat het daadwerkelijke behangpatroon dat destijds ook de kamer sierde.



False brickpaper
Maar het behang op de muur achter de schouw was veel moeilijker te vinden. Het zogenaamde 'false brickpaper'-behang was populair in de jaren '50. Op foto's van Mike McCartney is te zien hoe het eruit zag. De schaal van het patroon was zelfs te herleiden, aan de hand van foto's waarop Paul in zijn eentje of met John staat. Maar het originele behang was zelfs na twintig jaar nergens meer te vinden. Ook niet in de vele archieven die doorzocht werden. Dus zat er maar één ding op. Met behulp van Mike McCartney, die de foto's maakte, gaf de National Trust de Anstey Wallpaper Company opdracht om het behang na te laten maken. 


Paul en Mike kozen voor beige
Omdat er alleen zwartwit-foto's van het behang bestaan, gaat de National Trust in de uitzending op bezoek bij Michael, om navraag te doen over de kleur. Mike, zo vertelt hij, belde op zijn beurt met 'our kid', zoals hij zijn inmiddels 81-jarige broer nog steeds noemt. En beide broers waren het er over eens: er zat beige behang op die muur. En dus gaat designer Maisie Morris aan de hand van foto's aan de slag om het behang, met Piet Schreuderiaanse precisie opnieuw te ontwerpen. Uiteindelijk worden er drie samples afgedrukt, waaruit Mike de kleur kiest die het volgens hem geweest moet zijn. De reactie van Mike is goud waard: "Fan-bloody-tastic" prevelt hij, als hij de rollen papier op zijn salontafel uitrolt. Er gaat ook een sample naar Paul, per post, en beide broers kiezen inderdaad voor de meest beige variant.


De rozenkrans en de asbak
Een tweede verborgen element richt zich op de slaapkamer van vader Jim en moeder Mary. Aanvankelijk wilden Paul en Mike niet dat deze kamer openbaar zou worden voor het grote publiek, uit piëteit naar hun moeder. Maar onderhand vonden de broers het tijd worden hun moeder juist te eren en de kamer in ere te herstellen. De slaapkamer deed jaren dienst als woonvertrek van één van de gidsen, later als rommelkamer, waar schoonmaakspullen en overtollige meubels werden opgeslagen. Maar in deze aflevering zien we hoe de oude slaapkamer in ere hersteld wordt, met meubilair uit de jaren vijftig, dat langs allerlei wegen vergaard wordt. Onder andere via veilingen. En wanneer de slaapkamer volledig is gereconstrueerd, zien we hoe een geëmotioneerde Mike McCartney er op de drempel staat en terugblikt in zijn eigen familiegeschiedenis. De rozenkrans op het nachtkastje, de asbak, het is er allemaal. Net als de herinnering aan de tranen die zijn zieke moeder voor hem als jonge jongen probeerde te verbergen, zo vertelt hij. Het bezorgt me kippenvel. 


The Lost Beatle Doodles
Maar het meest intrigerende verhaal is toch wel dat van de tekeningen op het toilet. Bij The National Trust was bekend, uit verhalen van Mike, dat de muur van het toilet op de eerste verdieping van het huis, werd 'beklad' met kleine doodles. Door Mike, door Paul en ook door John. Zou het mogelijk zijn deze 'Lost Beatles Doodles', zoals ze genoemd worden, in ere te herstellen? Daarvoor wordt een specialist ingeschakeld, die het geverfde stucwerk laagje voor laagje afpelt en inderdaad op inktvlekken stuit. De doodles werden namelijk door de ooms en tantes overgeschilderd, nadat de familie McCartney het huis voorgoed verliet. De specialist is verstandig en wroet niet verder in de verflagen. Hij is er van overtuigd dat hij de tekeningen nu zal beschadigen, maar dat toekomstige technieken het mogelijk zullen maken de tekeningen naar voren te halen. Op die onthulling moeten we dus nog even wachten. Ik vond het een fascinerende uitzending! Elke keer als je denkt dat je alles rond The Beatles gezien hebt, duikt er weer iets nieuws op. 



zaterdag 8 oktober 2016

Menlove Avenue 251: een bezoek aan het huis waar John Lennon opgroeide

Toen we Liverpool vorig jaar bezochten, stond er natuurlijk een excursie naar de jeugdhuizen van John Lennon en Paul McCartney op het programma. Die huizen kun je bezoeken als je vooraf een plekje reserveert via de National Trust. Beide panden zijn inmiddels in het bezit van de Trust, omdat ze als cultureel erfgoed worden gezien. Om de hordes geïnteresseerden in goede banen te leiden, heeft de Trust geregeld dat je met met een beperkte groep kunt deelnemen aan de excursies die een paar keer per dag plaatsvinden. Busjes met 15 personen vertrekken voor een combinatierit naar Menlove Avenue en Forthlin Road. Daar geeft een gids uitgebreid uitleg en kun je zelf rondkijken in de huizen. Alleen dit vooruitzicht al, deed mijn hart sneller kloppen.

John bij het tuinhek van Mendips
Hartverwarmende reacties
Al in mei had ik de excursie geboekt, die we eind oktober zouden maken. Het bezoekje aan beide huizen vormde echt één van de hoogtepunten van onze Liverpool-trip en ik schreef er al eens wat over op mijn Facebook-pagina. Dat was nog voordat ik het idee had opgevat om deze wekelijkse Beatles-blog te beginnen. De reacties op het verhaal van familieleden en vrienden waren hartverwarmend. Omdat het leuk is de belevenissen van toen nog eens met een inmiddels grotere groep lezers te delen, heb ik mijn Facebook-aantekeningen bewerkt tot een blogje. Want dit avontuur in Liverpool hoort zeker op deze plek thuis.

Rust, reinheid en regelmaat
In de week van John Lennons geboortedag wil ik, toepasselijk, wat schrijven over dat bezoek aan Mendips. Dat is de naam van het huis waar John Lennon opgroeide, vermoedelijk vernoemd naar een heuvelachtig gebied in Somerset. Net als het jeugdhuis van Paul McCartney ligt de woning in de Liverpoolse wijk Woolton, een stukje rijden van het centrum. Het is een twee-onder-één-kap-woning uit de jaren '30. Als je ziet waar Paul, George en Ringo opgroeiden, zou je Mendips een villa kunnen noemen. John ging er in juli 1946 wonen, op 5-jarige leeftijd, bij zijn tante Mimi en oom George. In een eerder blogje beschreef ik dat Johns ouders een instabiele relatie hadden en dat er uiteindelijk voor gekozen werd hem de Rust, Reinheid en Regelmaat in Mendips te bieden. 

John met Uncle George bij de voordeur

Op de voorbank, naast de chauffeur
We worden 's ochtends om 11.00 uur opgepikt door een busje van de National Trust, dicht bij ons hotel in de Albert Dock. Omdat we niet direct vooraan staan wanneer de schuifdeur van het busje opengaat, zijn de meeste zitplekken al bezet. Uiteindelijk komt het er op neer dat ik het laatste plekje heb. Maar dat blijkt direct het beste plekje te zijn. Op de voorbank, pal naast de chauffeur. Zijn naam weet ik niet meer, maar hij is een goedlachse Liverpooler, of Liverpudlian zoals ze in Engeland zeggen. Ik begrijp dat hij uit 1947 komt, hij heeft hetzelfde bouwjaar als mijn vader. We hebben direct een gesprek. Dat is ook niet zo moeilijk in Liverpool, want het zit de inwoners in de volksaard om je te overladen met verhalen. Dat gaat allemaal wél snel, met een zeer sterk accent, uiteraard datzelfde noordelijke accent dat we van The Beatles uit interviews kennen. Het was nog net geen plat Scouse, maar ik moet af en toe wel wat verhelderende vragen stellen om zeker te weten wat hij me allemaal wil vertellen. 'Vorige week had ik hier nog een Aziatisch meisje naast me zitten,' ratelt hij 'dat helemaal geëmotioneerd was: Oh my God, you sound just like John Lennon!!' Hij is het allemaal gewend.

Gezellige gesprekken met de chauffeur (eigen foto)

Trots en nuchter
Liverpool was geweldig in de jaren '60, vertelt hij me. En ja, hij was zeker regelmatig in The Cavern geweest, maar net niet op de dagen waarop The Beatles er optraden. 'Dus het gebeurde vlak voor uw neus en u had het niet in de gaten?' vraag ik hem. Inderdaad, toen de jongens beroemd werden en naar Londen vertrokken, viel het kwartje pas bij hem. Maar ach, hij maalde er niet om. De Liverpudlians zijn trots op hun geschiedenis en 'hun jongens,' maar tegelijkertijd ook heel nuchter. Mooi. Het busje draait een drukke doorgaansweg op. Twee dubbele rijstroken en een smalle middenberm. De chauffeur parkeert de bus voor nummer 251 en we stappen uit. Er vertrekt net een taxi. De chauffeurs groeten elkaar. Het is hier een komen en gaan van geïnteresseerden. Daar staan we, voor het tuinhek. Gisteren waren we hier al even met de Fab Four Taxi Tour, als passanten. Toen konden we het terrein niet op. Vandaag gaan de deuren voor ons open. 

Uitleg in de voortuin (eigen foto)

De spanning stijgt
In de voortuin worden we ontvangen door een gids van de National Trust. De spanning stijgt. Elke stap brengt ons dichter bij de plek waar John Lennon het grootste deel van zijn jeugd woonde. De gids heet ons welkom en vertelt over Johns familie, het huis en directe omgeving. Yoko Ono kocht Mendips een aantal jaren geleden en schonk het aan de Trust. In onderstaand filmpje (voor e-mail-lezers: bekijk de online-versie van de blog) van de National Trust heet Yoko ons, staand op de drempel van het huis, welkom. Het filmpje van drie minuten is van hoge kwaliteit en geeft een mooi sfeerbeeld van Mendips:



Alsof ik in een film stap
Wanneer de gids is uitgepraat, eindigt hij zijn inleiding met de woorden 'Welcome to Mendips'. Hij duwt het hoge hek open dat ons de toegang verschaft tot de zijkant van de woning en de achtertuin. De achtertuin die zo'n beetje grenst aan een parkje, dat Strawberry Field heet. Ik bedoel maar. Toevallig sta ik het dichtst bij dat grote hek en wanneer het open gaat, word ik overvallen door emotie. Tot nu toe vind ik het allemaal mooi en interessant, maar wanneer ik de achtertuin in loop, heb ik het gevoel dat ik in een film stap waarnaar ik tot nu toe alleen nog maar gekeken heb. (Beluister hier het fragment vanaf 4 minuut 18 uit de Jubileumshow van de Fab4Cast waarin ik de eer had daar wat over te mogen vertellen.) Met een brok in mijn keel en ja, tranen in mijn ogen, realiseer ik me dat ik op de plek ben die ik ken uit zoveel boeken en van diverse jeugdfoto's. De jonge John met zijn fiets bij de voordeur, of zittend in de zonnige achtertuin, samen met zijn moeder Julia, die er vaak op bezoek kwam. De muren van het huis en de bomen in de tuin fluisteren hier de verhalen die ik allemaal ken, en misschien nog wel meer.

Mimi en John in de woonkamer

Pastoors, doktoren, onderwijzers
De gids vertelt dat we het huis via de keukendeur aan de achterzijde zullen betreden. Precies zoals tante Mimi dat gewild zou hebben. De voordeur van het huis werd alleen gebruikt door de pastoor en het hoofd van de school. Ik moet denken aan de verhalen van mijn oma, over vroeger. Daaruit sprak ook altijd een soort ontzag voor pastoors, doktoren en hoofonderwijzers. Wanneer we over de drempel stappen, staan we in een knusse, kleine keuken, smaakvol teruggebracht in de stijl van de jaren '40 en '50. Het is precies de plek waar Paul McCartney in de zomer van 1957 als 15-jarig jongetje het huis van zijn twee jaar oudere nieuwe muziekvriend betreedt. Ze hebben elkaar ontmoet op een buurtfeest waar de 16-jarige John met zijn eerste bandje een optreden gaf. Al snel zit Paul bij de band en spreken de vrienden af om samen muziek te maken. 

De keuken, een plaatje

John, your little friend is here!
Tante Mimi vindt het maar niets, zo'n jochie uit een toch wat minder goed deel van de wijk. In haar keuken. Maar Paul is welbespraakt en ziet er netjes uit. En als ze 'John, your little friend is here!' heeft geroepen, ziet ze dat het toch wel meevalt. Een paar maanden later, staat er nog een andere jongen op de drempel van deze keuken. Nog jonger, uit de achterbuurt Speke. Met een vetkuif die zo hoog is dat de pet van zijn schooluniform niet meer past. Het is de piepjonge George Harrison, die John adoreert en hem overal in de stad volgt.

George, John en Paul tijdens een feestje. De foto is niet in Mendips gemaakt.

Ga maar in het halletje staan, met je herrie
De jongens oefenen samen met hun gitaren en tante Mimi heeft al snel genoeg van de herrie. Ze verbant John met (meestal) Paul naar het kleine portaal bij de voordeur, deur dicht. Op deze vierkante meter mag lawaai gemaakt worden. De akoestiek van het portaaltje blijkt geweldig: je hebt er een fijne galm. En staand met hun gitaren schrijven John Lennon en Paul McCartney daar Please Please Me en I Saw Her Standing There. Wij gaan ook in dat voorportaal staan. Deur dicht. Zingen. Gebeurt dit echt? Hemels!

Geschept door een auto
De gids vertelt ons over de bewuste zomeravond in 1958 waarop Johns moeder Julia een kop thee drinkt in Mendips. Nadat ze afscheid heeft genomen van haar zus Mimi (John is niet thuis) steekt ze een eindje verder de drukke straat over. Julia wordt geschept door een auto en is op slag dood. Een traumatisch verlies voor de jonge John, die zijn verdriet bezingt in Julia en Mother. Het gebeurde allemaal op de plek waar we nu staan. 

John, in schooluniform, met Julia bij de voordeur

Zitten op een groen beddesprei
Na het bekijken van de benedenverdieping, mogen we de trap op. Ineens sta ik in Johns kleine slaapkamer, aan de voorzijde van het huis. Naar dit moment had ik uitgekeken. Foto's mogen er niet gemaakt worden, maar bij het inleveren van onze tassen, heb ik mijn telefoon er niet ingestopt. Wanneer de gids in één van de andere kamers is, schiet ik toch een paar snelle, bibberige plaatjes. Op Johns bed ligt een groen beddesprei. Ik ga zitten, vlak naast een schoolpet en -stropdas van zijn Quarry Bank School. 

Schoolpet en -das (eigen foto)
Johns kamer: Elvis en Bardot aan de muur (eigen foto)
Gedichtjes en tekeningen maken aan een klein bureau
Levensecht
Rechts kan ik uit het raam kijken, over een klein bureaublad. Hier zat John eindeloos te tekenen en schrijven aan zijn schoolkrantjes: gedichtjes en cartoons. Hij was een creatief kind. Achter mij hangen posters aan de muur van zijn jeugdidolen: Elvis Presley en Brigitte Bardot. In de hoek staat een replica van z'n eerste gitaar. Dit was de plek waar de jonge John Lennon droomde. Dit is de plek waar ik nu even zit te mijmeren. De gebeurtenissen zijn ver weg, lijken vervlogen in de tijd, maar eigenlijk voelt alles levensecht en heel dichtbij.

In het portaaltje bij de voordeur, waar o.a. Please Please Me 
geschreven werd (eigen foto).